← België

S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250114.2N.5 Rolnummer: P.24.1179.N Zaak: S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2025-01-17 Raadplegingen: 526 - laatst gezien 2026-06-15 10:23 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Fiches 1 - 3 Uit artikel 34, § 2, 1°, Wegverkeerswet volgt niet dat de meting van de alcoholconcentratie ook moet plaatsvinden op de plaats waar de betrokkene een voertuig of een rijdier bestuurt; de meting van de alcoholconcentratie is geen constitutief bestanddeel van het misdrijf op een openbare plaats een voertuig of een rijdier te hebben bestuurd terwijl de ademanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,35 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht heeft gemeten of de bloedanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,8 gram per liter bloed heeft aangegeven; het is enkel een bewijsmiddel. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 34 Vrije woorden: Vaststelling van de strafbare alcoholintoxicatie - Plaats van de meting stemt niet overeen met de plaats van het besturen van het voertuig, zoals omschreven in de dagvaarding - Territoriale bevoegdheid van de politierechtbank - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 34, § 2, 1° - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Vrije woorden: Territoriale bevoegdheid van de politierechtbank - Wegverkeer - Vaststelling van de strafbare alcoholintoxicatie - Plaats van de meting stemt niet overeen met de plaats van het besturen van het voertuig, zoals omschreven in de dagvaarding - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 34, § 2, 1° - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Vrije woorden: Territoriale bevoegdheid van de politierechtbank - Wegverkeer - Vaststelling van de strafbare alcoholintoxicatie - Plaats van de meting stemt niet overeen met de plaats van het besturen van het voertuig, zoals omschreven in de dagvaarding - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 34, § 2, 1° - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Tekst van de beslissing Nr. P.24.1179.N Ö. S., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Wahib El Hayouni, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde, van 24 juni

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Peter Hoet heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. De raadsman van de eiser heeft op 31 december 2024 ter griffie van het Hof een door artikel 1107, derde lid, Gerechtelijk Wetboek bedoelde noot neergelegd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 139 Wetboek van Strafvordering en artikel 34, § 2, 1°, Wegverkeerswet, alsmede miskenning van het verbod op autosaisine: uit de stukken waarop het Hof vermag acht slaan, blijkt dat de verbalisanten te Ledeberg en niet te Waasmunster een alcoholconcentratie hebben gemeten van 0,46 mg/L; de inbreuk van de telastlegging C was dan voltrokken op de plaats van die ademanalyse; het bestreden vonnis is niet naar recht verantwoord doordat het vaststelt dat het feit omschreven onder de telastlegging C te Waasmunster plaatsvond, terwijl de meting van de alcoholconcentratie plaatsvond te Ledeberg en er enkel in de dagvaarding melding wordt gemaakt van feiten gepleegd te Waasmunster.
  3. Krachtens artikel 34, § 2, 1°, Wegverkeerswet is het strafbaar op een openbare plaats een voertuig of een rijdier te hebben bestuurd terwijl de ademanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,35 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht heeft gemeten of de bloedanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,8 gram per liter bloed heeft aangegeven. Uit deze bepaling volgt niet dat de meting van de alcoholconcentratie ook moet plaatsvinden op de plaats waar de betrokkene een voertuig of een rijdier bestuurt. De meting van de alcoholconcentratie is geen constitutief bestanddeel van het misdrijf op een openbare plaats een voertuig of een rijdier te hebben bestuurd terwijl de ademanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,35 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht heeft gemeten of de bloedanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,8 gram per liter bloed heeft aangegeven. Het is enkel een bewijsmiddel. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
  4. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 100,71 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Erwin Francis, als voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Steven Van Overbeke, Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 14 januari 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Erwin Francis, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250114.2N.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.