← België

ETHIAS c. NATIONAAL VERBOND VAN SOCIALISTISCHE MUT

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 31 januari 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250131.1N.7 Rolnummer: C.21.0180.N Zaak: ETHIAS c. NATIONAAL VERBOND VAN SOCIALISTISCHE MUT Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht - Sociale-zekerheidsrecht - Overige - Constitutioneel recht Invoerdatum: 2025-02-18 Raadplegingen: 867 - laatst gezien 2026-06-15 17:03 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250131.1N.7 Fiches 1 - 2 De subrogatie in de rechten van de benadeelde heeft tot gevolg dat de indeplaatsgestelde de vordering van de benadeelde uitoefent met al haar kenmerken en toebehoren

(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: INDEPLAATSSTELLING Vrije woorden: Subrogatie in de rechten van de benadeelde - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 4 april 2014 betreffende de verzekeringen, inwerkingtreding 1 november 2014 - 04-04-2014 - Art. 88, § 2 - 23 ELI link Pub nr 2014011239 Wet 4 april 2014 betreffende de verzekeringen, inwerkingtreding 1 november 2014 - 04-04-2014 - Art. 150, eerste lid - 23 ELI link Pub nr 2014011239 Gecoördineerde wet 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen - 14-07-1994 - Art. 136, § 2, vierde lid - 38 ELI link Pub nr 1994071451 Thesaurus CAS: ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKERING - ALGEMEEN Vrije woorden: Subrogatie in de rechten van de benadeelde - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 4 april 2014 betreffende de verzekeringen, inwerkingtreding 1 november 2014 - 04-04-2014 - Art. 88, § 2 - 23 ELI link Pub nr 2014011239 Wet 4 april 2014 betreffende de verzekeringen, inwerkingtreding 1 november 2014 - 04-04-2014 - Art. 150, eerste lid - 23 ELI link Pub nr 2014011239 Gecoördineerde wet 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen - 14-07-1994 - Art. 136, § 2, vierde lid - 38 ELI link Pub nr 1994071451 Fiches 3 - 5 De rechter, die oordeelt dat de ziekteverzekeraar minstens gedeeltelijk vóór de dagvaarding door zijn verzekerde in diens rechten was gesubrogeerd en die de verjaringstermijn aan de zijde van de ziekteverzekeraar laat aanvangen op de dag van die dagvaarding op grond dat dit het ogenblik is waarop de ziekteverzekeraar kennis heeft gekregen van zijn rechtstreekse vordering tegen de verzekeraar van de aansprakelijke, zonder vast te stellen op welke datum de verzekerde van de ziekteverzekeraar kennis heeft gekregen van zijn recht tegen de verzekeraar van de aansprakelijke, laat het Hof niet toe zijn wettigheidstoezicht uit te oefenen
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: REDENEN VAN DE VONNISSEN EN ARRESTEN - ALGEMEEN Vrije woorden: Motiveringsplicht - Indeplaatsstelling - Subrogatie in de rechten van de benadeelde - Verjaringstermijn rechtstreekse vordering - Noodzakelijke vaststellingen - Wettigheidstoezicht Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 149 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Thesaurus CAS: GRONDWET - GRONDWET 1994 (ART. 100 TOT EINDE) - Artikel 149 Vrije woorden: Vonnissen en arresten - Burgerlijke zaken - Motiveringsplicht - Subrogatie in de rechten van de benadeelde - Verjaringstermijn rechtstreekse vordering - Wettigheidstoezicht Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 149 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Thesaurus CAS: VERJARING - BURGERLIJKE ZAKEN - Termijnen (Aard. Duur. Aanvang. Einde) Vrije woorden: Motiveringsplicht - Subrogatie in de rechten van de benadeelde - Verjaringstermijn rechtstreekse vordering - Noodzakelijke vaststellingen - Wettigheidstoezicht Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 149 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Tekst van de beslissing Nr. C.21.0180.N ETHIAS nv, met zetel te 4000 Luik, rue des Croisiers 24, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0404.484.654, eiseres, vertegenwoordigd door Mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen NATIONAAL VERBOND VAN SOCIALISTISCHE MUTUALITEITEN, met zetel te 1000 Brussel, Sint-Jansstraat 32-38, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0411.724.220, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen een vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Limburg, afdeling Tongeren, van 24 augustus 2020, zoals verbeterd bij vonnis van 3 september
  1. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft op 18 december 2024 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
  2. Krachtens artikel 150, eerste lid, Wet Verzekeringen geeft de verzekering de benadeelde een eigen recht tegen de verzekeraar. Krachtens artikel 88, § 2, Wet Verzekeringen verjaart, onder voorbehoud van bijzondere wettelijke bepalingen, de vordering die voortvloeit uit het recht dat de benadeelde heeft krachtens artikel 150 door verloop vijf jaar, te rekenen vanaf het schadeverwekkend feit of, indien er misdrijf is, vanaf de dag waarop dit is gepleegd. Indien de benadeelde evenwel bewijst dat hij pas op een later tijdstip kennis heeft gekregen van zijn recht tegen de verzekeraar, begint de termijn pas te lopen vanaf dat tijdstip, maar hij verstrijkt in elk geval na verloop van tien jaar, te rekenen vanaf het schadeverwekkend feit of, indien er misdrijf is, vanaf de dag waarop dit is gepleegd. Krachtens artikel 136, § 2, vierde lid, ZIV-Wet treedt de verzekeringsinstelling rechtens in de plaats van de rechthebbende. Deze indeplaatsstelling geldt, tot beloop van het bedrag van de verleende prestaties, voor het geheel van de sommen die krachtens een Belgische wetgeving, een buitenlandse wetgeving, het interne stelsel van een internationale of supranationale organisatie of het gemeen recht verschuldigd zijn en die de in het eerste lid bedoelde schade geheel of gedeeltelijk vergoeden. De subrogatie in de rechten van de benadeelde heeft tot gevolg dat de indeplaatsgestelde de vordering van de benadeelde uitoefent met al haar kenmerken en toebehoren.
  3. De appelrechter stelt vast dat: - J. C., verzekerde van de verweerder, ten val kwam op 13 januari 2010 door ijzel op het wegdek ter hoogte van de handelszaak nv Coolen Agenturen, gelegen in de gemeente Bocholt; - de verweerder op 21 juni 2010 zijn eerste uitgavenstaten overmaakte aan DVV Verzekeringen, verzekeraar van nv Coolen Agenturen; - J.C., bij gebrek aan minnelijke regeling, op 28 oktober 2013 overging tot dagvaarding van nv Coolen Agenturen en de gemeente Bocholt voor de politierechtbank Limburg, afdeling Genk; - nv Coolen Agenturen, middels vonnis van de politierechtbank Limburg, afdeling Genk, van 7 juli 2014, uitsluitend aansprakelijk werd gesteld voor het ongeval; - de verweerder dienvolgens op 27 oktober 2014 zijn uitgavenstaten overmaakte aan DVV Verzekeringen, verzekeraar van nv Coolen Agenturen; - op hoger beroep de gemeente Bocholt bij vonnis van 1 juni 2015 aansprakelijk werd gesteld voor het ongeval; - de verweerder op 4 september 2015 de raadsman van de gemeente Bocholt heeft aangeschreven en betaling van zijn uitgavenstaten heeft gevorderd; - de partijen bij gebrek aan minnelijke regeling op 14 februari 2018 vrijwillig zijn verschenen voor de politierechtbank Limburg, afdeling Genk. De appelrechter oordeelt dat: - de verweerder niet vanaf het schadeverwekkend feit reeds op de hoogte kon zijn dat de aansprakelijkheid van de gemeente Bocholt voor de valpartij van zijn verzekerde betrokken zou zijn; - uit de bijgebrachte briefwisseling blijkt dat de verweerder in contact stond met de raadsman van J.C., zodat er mag worden van uitgegaan dat de verweerder minstens op het ogenblik van de dagvaarding van 28 oktober 2013 op de hoogte was van het feit dat de gemeente Bocholt mede verantwoordelijk gesteld kon worden voor het schadegeval; - het aanvangspunt van de vijfjarige verjaring aan de zijde van de verweerder op 28 oktober 2013 bepaald wordt, datum van de dagvaarding namens J.C. ten aanzien van nv Coolen Agenturen en de gemeente Bocholt; - de verweerder middels schrijven op 4 september 2015 binnen de eerste vijfjarige termijn zijn vordering ten aanzien van de gemeente Bocholt kenbaar heeft gemaakt zodat hij zijn vordering tijdig heeft ingesteld.
  4. De appelrechter, die aldus te kennen geeft dat de verweerder minstens gedeeltelijk reeds vóór de dagvaarding door zijn verzekerde op 28 oktober 2013 in diens rechten was gesubrogeerd en die de verjaringstermijn aan de zijde van de indeplaatsgestelde verweerder laat aanvangen op 28 oktober 2013 op grond dat dit het ogenblik is waarop de verweerder kennis heeft gekregen van zijn rechtstreekse vordering tegen de eiseres, zonder vast te stellen op welke datum de verzekerde van de verweerder kennis heeft gekregen van zijn recht tegen de eiseres, laat het Hof niet toe zijn wettigheidstoezicht uit te oefenen en omkleedt zijn beslissing derhalve niet regelmatig met redenen. Het onderdeel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Geert Jocqué, als voorzitter, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg, Sven Mosselmans en Myriam Ghyselen en in openbare rechtszitting van 31 januari 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Geert Jocqué, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman, met bijstand van griffier Wim Vanderputten. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250131.1N.7 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250131.1N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.