id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 maart 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025
Art. 2
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 4
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 Thesaurus CAS: OVEREENKOMST - BESTANDDELEN - Voorwerp Vrije woorden: Vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Voorwerp van de vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Ontbreken van verplichte bedingen - Niet bepaald of bepaalbaar voorwerp van de overeenkomst - Gevolg Wettelijke bepalingen: KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 2
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 4
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 Thesaurus CAS: HANDELSPRAKTIJKEN Vrije woorden: Vastgoedmakelaar - Vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Ontbreken van verplichte bedingen - Nietigheid van de overeenkomst - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 2
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 4
- 30 ELI link Pub nr 2007011014 Fiche 4 Het beding van de vastgoedbemiddelingsovereenkomst dat de opdracht van de vastgoedmakelaar en de omvang van zijn bevoegdheid bepaalt, bepaalt het voorwerp van de overeenkomst, zonder hetwelk de overeenkomst in zijn geheel nietig is
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: MAKELAAR Vrije woorden: Vastgoedmakelaar - Vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Ontbreken van verplicht beding met betrekking tot voorwerp van de vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Gevolg Wettelijke bepalingen: KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 2
, 1° - 30 ELI link Pub nr 2007011014 Fiche 5 De verplichte bedingen met betrekking tot onder meer de duur, de uitvoering, de beëindiging en de herroeping van de vastgoedbemiddelingsovereenkomst omvatten niet het voorwerp van de bemiddelingsovereenkomst, zodat het ontbreken ervan in de regel niet leidt tot de nietigheid van de bemiddelingsovereenkomst
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: MAKELAAR Vrije woorden: Vastgoedmakelaar - Vastgoedbemiddelingsovereenkomst - Ontbreken verplichte bedingen met betrekking tot de duur, de uitvoering, de beëindiging en de herroeping - Gevolg Wettelijke bepalingen: KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van
Art. 2- 30 ELI link Pub nr 2007011014 Tekst van de beslissing Nr.
C.24.0023.N
- S.L., in eigen naam en in haar hoedanigheid van erfgenaam van P.D.,
- L.D., in zijn hoedanigheid van erfgenaam van P.D.,
- T.D., in zijn hoedanigheid van erfgenaam van P.D.,
- T.D., in zijn hoedanigheid van erfgenaam van P.D., eisers, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1060 Brussel, Jourdanstraat 31, waar de eisers woonplaats kiezen, tegen IMMO DOCHY bv, met zetel te 8790 Waregem, Jan Bouckaertstraat 13, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0434.730.145, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 7 juni
- Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft op 25 februari 2025 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Ilse Couwenberg heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
- Artikel 2 van het koninklijk besluit van 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van vastgoedmakelaars, zoals van toepassing, hierna KB van 12 januari 2007, bepaalt welke bedingen een bemiddelingsovereenkomst gesloten tussen een vastgoedmakelaar en een consument moet bevatten. Krachtens artikel 4 KB van 12 januari 2007 is elk beding dat rechtstreeks of onrechtstreeks de rechten opheft of beperkt die de consument haalt uit dit besluit, verboden en nietig.
- Het KB van 12 januari 2007 bepaalt geen sanctie voor het ontbreken van één of meerdere bedingen in de bemiddelingsovereenkomst. Het is evenwel mogelijk dat door het ontbreken van één of meerdere bedingen in de bemiddelingsovereenkomst het voorwerp van de overeenkomst niet bepaald, noch bepaalbaar is en de overeenkomst bijgevolg nietig is.
- Krachtens artikel 2, 1°, KB van 12 januari 2007 bepaalt de bemiddelingsovereenkomst de opdracht van de vastgoedmakelaar en de omvang van zijn bevoegdheid. Dit beding bepaalt aldus het voorwerp van de overeenkomst, zonder hetwelk de overeenkomst in zijn geheel nietig is. Daarentegen omvatten de in artikel 2 opgesomde bedingen met betrekking tot onder meer de duur, de uitvoering, de beëindiging en de herroeping van de overeenkomst niet het voorwerp van de bemiddelingsovereenkomst, zodat het ontbreken ervan in de regel niet leidt tot de nietigheid van de bemiddelingsovereenkomst.
- Het onderdeel dat ervan uitgaat dat de bemiddelingsovereenkomst, op straffe van nietigheid van de overeenkomst in haar geheel, alle bedingen moet bevatten die zijn opgesomd in artikel 2 KB van 12 januari 2007, berust op een onjuiste rechtsopvatting en faalt bijgevolg naar recht. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eisers tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eisers op 694,70 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg, Sven Mosselmans en Ann De Wolf en in openbare rechtszitting van 28 maart 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250328.1N.7 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250328.1N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div