id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 11 april 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250411.1N.6 Rolnummer: C.24.0118.N Zaak: BELGISCHE STAAT FINANCIEN c. AQUARIUS AGE COMPANY Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2025-05-06 Raadplegingen: 502 - laatst gezien 2026-06-15 07:33 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250411.1N.6 Fiches 1 - 2 Met een betwiste schuldvordering waarvoor geen bewarend beslag werd gelegd, moet rekening worden gehouden in het proces-verbaal van evenredige verdeling wanneer deze schuldvordering blijkt uit een titel, dit is een geschrift waarin de schuldvordering is vastgesteld; een uitvoerbare titel is niet vereist
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: VERDELING Vrije woorden: Betwiste schuldvordering - Proces-verbaal van evenredige verdeling - Titel - Begrip Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - Deel V: BEWAREND BESLAG, MIDDELEN TOT TENUITVOERLEGGING EN COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. (art. 1386 tot 1675/27) - 10-10-1967 - Art. 1628 - 05 ELI link Pub nr 1967101056 Thesaurus CAS: BESLAG - BEWAREND BESLAG Vrije woorden: Betwiste schuldvordering - Proces-verbaal van evenredige verdeling - Titel - Begrip Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - Deel V: BEWAREND BESLAG, MIDDELEN TOT TENUITVOERLEGGING EN COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. (art. 1386 tot 1675/27) - 10-10-1967 - Art. 1628 - 05 ELI link Pub nr 1967101056 Fiches 3 - 4 De schuldvordering wordt behandeld zoals een schuldvordering waarvoor bewarend beslag werd gelegd; de bedragen waarop de schuldvordering betrekking heeft, worden niet uitbetaald maar in consignatie gegeven totdat de betwisting is beslecht
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: VERDELING Vrije woorden: Betwiste schuldvordering - Behandeling zoals bewarend beslag - Consignatie Thesaurus CAS: BESLAG - BEWAREND BESLAG Vrije woorden: Betwiste schuldvordering - Behandeling zoals bewarend beslag - Consignatie Tekst van de beslissing Nr. C.24.0118.N BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de ontvanger van het Team Invordering Rechtspersonen Aalst, met kantoor te 9300 Aalst, Dr. A. Sierensstraat 16/1, eiser, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest, tegen AQUARIUS AGE COMPANY BELGIUM cv, met zetel te 9506 Geraardsbergen, De Pacht 34A, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0473.582.407, verweerder, mede inzake
- B.-B. bv,
- BNP PARIBAS FORTIS nv, met zetel te 1000 Brussel, Warandeberg 3, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0403.199.702, tot bindendverklaring van het arrest opgeroepen partijen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 2 januari
- Advocaat-generaal Stijn Ravyse heeft op 12 maart 2025 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Sven Mosselmans heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Stijn Ravyse heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Krachtens artikel 1628, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek komen alleen de niet betwiste schuldvorderingen of die welke in een titel, zelfs een onderhandse, zijn vastgesteld, voor gehele of gedeeltelijke verdeling in aanmerking ten belope van de aldus verantwoorde bedragen. Krachtens het tweede lid worden, in geval van bewarend beslag, de rechten van de partijen bepaald rekening houdende met het bedrag van de schuldvordering tot zekerheid waarvan het beslag is toegestaan, welk bedrag in consignatie gegeven, later in dezelfde vormen wordt verdeeld, indien daartoe grond bestaat. Hieruit volgt dat met een betwiste schuldvordering waarvoor geen bewarend beslag werd gelegd, rekening moet worden gehouden in het proces-verbaal van evenredige verdeling wanneer deze schuldvordering blijkt uit een titel, dit is een geschrift waarin de schuldvordering is vastgesteld. Een uitvoerbare titel is niet vereist. De schuldvordering wordt behandeld zoals een schuldvordering waarvoor bewarend beslag werd gelegd. De bedragen waarop de schuldvordering betrekking heeft, worden niet uitbetaald maar in consignatie gegeven totdat de betwisting is beslecht.
- De appelrechter stelt vast dat: - de eiser aangifte heeft gedaan van zijn schuldvordering inzake btw ingevolge uitvoerbaar verklaarde kohieren (artikelnummers (…)) ten belope van een bedrag van 55.733,40 euro en inzake vennootschapsbelastingen (artikelnummers (…)) ten belope van een bedrag van 276.891,62 euro; - de verweerder alle door de eiser gevorderde belastingschulden betwist heeft; - de gerechtsdeurwaarder in het eerste ontwerp van evenredige verdeling van 12 november 2021 rekening heeft gehouden met alle aangegeven schuldvorderingen van de eiser en vastgesteld heeft dat het te verdelen saldo 14.886,12 euro bedraagt en dat dit saldo integraal aan de eiser zal worden uitbetaald; - de verweerder op 26 november 2021 tegenspraak heeft gevoerd tegen het eerste ontwerp van evenredige verdeling, waarna de gerechtsdeurwaarder een nieuw ontwerp van evenredige verdeling heeft opgesteld; - in het tweede ontwerp van evenredige verdeling van 21 januari 2022 voorzien werd in de consignatie van de gelden die toekomen aan de eiser; - de verweerder op 4 februari 2022 tegenspraak heeft gevoerd tegen het tweede ontwerp van evenredige verdeling, waarna de gerechtsdeurwaarder het oorspronkelijke ontwerp van verdeling, de eerste tegenspraak, het nieuwe ontwerp van verdeling en de tweede tegenspraak ter beoordeling aan de beslagrechter heeft voorgelegd.
- De appelrechter oordeelt dat het eerste ontwerp van evenredige verdeling van 12 november 2021 niet kon voorzien in een uitbetaling van de beschikbare gelden aan de eiser, niet alleen omdat de eiser niet overging tot bewarend beslag overeenkomstig de gemeenrechtelijke bepalingen, maar ook omdat de tenuitvoerlegging van de fiscale schulden gestuit wordt door de bezwaarprocedures en de vorderingen van de verweerder tegen de invordering van de fiscale schulden, zodat de eiser niet beschikt over een uitvoerbare titel tot invordering van die bedragen.
- De appelrechter die met deze redenen te kennen geeft dat bij gebrek aan een uitvoerbare titel de beschikbare gelden niet kunnen worden uitbetaald aan de eiser, verantwoordt zijn beslissing naar recht. In zoverre het middel opkomt tegen het oordeel van de appelrechter dat het eerste ontwerp van evenredige verdeling niet kon voorzien in een uitbetaling van de beschikbare gelden aan de eiser, kan het niet worden aangenomen.
- De appelrechter oordeelt verder dat het tweede ontwerp van evenredige verdeling van 21 januari 2022 niet kon bepalen dat de gelden toekomen aan de eiser en in afwachting van de resultaten van de procedures ten gronde geconsigneerd worden, aangezien niet voldaan is aan artikel 1628 Gerechtelijk Wetboek en aan de eiser geen bewarend beslag werd toegestaan conform de vereisten van de artikelen 1413 tot 1415 Gerechtelijk Wetboek.
- De appelrechter die met deze redenen te kennen geeft dat in het proces-verbaal van evenredige verdeling geen rekening kan worden gehouden met betwiste schuldvorderingen waarvoor geen uitvoerbare titel bestaat, zodat slechts in geval van bewarend beslag kan worden overgegaan tot consignatie van het bedrag waarvoor het beslag is toegestaan, schendt artikel 1628 Gerechtelijk Wetboek. Het middel is in zoverre gegrond. Overige grieven
- De overige grieven kunnen niet leiden tot ruimere cassatie. Vordering tot bindendverklaring
- De vordering tot bindendverklaring is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oordeelt over het tweede ontwerp van evenredige verdeling van 21 januari 2022 en uitspraak doet over de kosten. Verklaart dit arrest bindend voor de tot bindendverklaring van het arrest opgeroepen partij. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Geert Jocqué, als voorzitter, en de raadsheren Bart Wylleman, Sven Mosselmans, Michael Traest en Ann De Wolf en in openbare rechtszitting van 11 april 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Geert Jocqué, in aanwezigheid van advocaat-generaal Stijn Ravyse, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250411.1N.6 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250411.1N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div