← België

MATEO bv contra HET VLAAMSE GEWEST

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 juni 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250613.1N.1 Rolnummer: F.24.0003.N Zaak: MATEO bv contra HET VLAAMSE GEWEST Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2025-12-02 Raadplegingen: 300 - laatst gezien 2026-06-15 02:44 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Fiche Voor zover uitsluitend dezelfde belastingelementen of een deel daarvan worden belast op naam van dezelfde belastingschuldige, belet artikel artikel 3.7.0.0.2, § 2, VCF niet dat na de vernietiging van de initiële aanslag voor verschillende aanslagjaren en alle onroerende goederen samen, de aanslag, die binnen de termijn van zes maanden wordt gevestigd, in meerdere kohierartikelen wordt opgesplitst, waarbij één aanslag per aanslagjaar en per onroerend goed wordt ingekohierd. Thesaurus CAS: REGISTRATIE (RECHT VAN) Vrije woorden: Verkooprecht - Vernietigde aanslag - Meerdere subsidiaire aanslagen Wettelijke bepalingen: Decreet 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit - 13-12-2013 - Art. 3.7.0.0.2, § 2 - 06 ELI link Pub nr 2013036154 Tekst van de beslissing Nr. F.24.0003.N MATEO bv, met zetel te 1170 Watermaal-Bosvoorde, Terhulpensesteenweg 185, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0451.792.841, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, voor wie optreedt de minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed, met kabinet te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Koning Albert II-laan 7, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Stefan De Vleeschouwer, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen de arresten van het hof van beroep te Gent van 12 oktober 2021 en 19 september

  1. Raadsheer Myriam Ghyselen heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Stijn Ravyse heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede middel
  2. Krachtens artikel 3.7.0.0.2, § 2, VCF blijft de zaak, als tegen een beslissing van het bevoegd personeelslid een vordering in rechte is ingesteld en de rechter de aanslag geheel of ten dele nietig verklaart om een andere reden dan verjaring, gedurende een termijn van zes maanden vanaf de rechterlijke beslissing ingeschreven op de rol. Gedurende die termijn van zes maanden die de termijnen om verzet of hoger beroep aan te tekenen of om een voorziening in cassatie in te dienen schorst, kan de bevoegde entiteit van de Vlaamse administratie een subsidiaire aanslag door middel van conclusies aan het oordeel van de rechter onderwerpen op naam van dezelfde belastingschuldige en op grond van dezelfde belastingelementen als in de initiële aanslag of op grond van een deel van die belastingelementen.
  3. Voor zover uitsluitend dezelfde belastingelementen of een deel daarvan worden belast op naam van dezelfde belastingschuldige, belet artikel 356 WIB92 niet dat na de vernietiging van de initiële aanslag voor verschillende aanslagjaren en alle onroerende goederen samen, de aanslag, die binnen de termijn van zes maanden wordt gevestigd, in meerdere kohierartikelen wordt opgesplitst, waarbij één aanslag per aanslagjaar en per onroerend goed wordt ingekohierd. Het onderdeel dat uitgaat van het tegendeel, faalt naar recht. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 707,08 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, en de raadsheren Ilse Couwenberg, Sven Mosselmans, Myriam Ghyselen en Ann De Wolf, en in openbare rechtszitting van 13 juni 2025 uitgesproken door voorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal Stijn Ravyse, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250613.1N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.