id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 29 juli 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250729.VAK.8 Rolnummer: P.25.1045.N Zaak: H. Kamer: VAK - Vakantiekamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2025-08-01 Raadplegingen: 361 - laatst gezien 2026-06-19 03:26 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche De strafuitvoeringsrechter heeft niet de rechtsmacht om de wettigheid te beoordelen van een in kracht van gewijsde getreden vonnis dat tot vrijheidsstraf veroordeelt
(1).
(1)Cass. 28 juni 2016, AR P.16.0705.N ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160628.6, AC 2016, nr.
- Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Tekst van de beslissing Nr. P.25.1045.N L. H., veroordeelde tot vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Tanja Smit, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechter Antwerpen van 2 juli
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 76, § 3, Gerechtelijk Wetboek en artikel 36, 4°, Jeugdbeschermingswet: de strafuitvoeringsrechter heeft geen bevoegdheid om een beslissing te nemen betreffende een minderjarige; uit de stukken blijkt dat de eiser zowel op het ogenblik van de feiten als op de datum van het vonnis minderjarig was en is; tijdens de strafrechtelijke procedure heeft de eiser meerdere stukken aangebracht waaruit dit blijkt, maar daarmee werd geen rekening gehouden; het vonnis kan dan ook geen uitspraak doen over de ontvankelijkheid en de gegrondheid van het verzoek tot toekenning van de strafuitvoeringsmodaliteit.
- De strafuitvoeringsrechter heeft niet de rechtsmacht om de wettigheid te beoordelen van een in kracht van gewijsde getreden vonnis dat tot vrijheidsstraf veroordeelt. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en artikel 195, eerste lid, Wetboek van Strafvordering: de eiser heeft tijdens de strafrechtelijke procedure die heeft geleid tot zijn veroordeling meerdere stukken bijgebracht waaruit zijn minderjarigheid blijkt; het vonnis maakt geen melding van die stukken, het verwijst niet ernaar en het houdt ermee geen rekening; het vonnis bevat op dit punt geen redenen; het vonnis verwijst nochtans naar het onvoldoende duidelijk zijn van de identiteit van de eiser.
- Artikel 195, eerste lid, Wetboek van Strafvordering is niet van toepassing op de strafuitvoeringsrechter die immers geen veroordelend vonnis uitspreekt in de zin van die bepaling.
- Uit artikel 149 Grondwet volgt voor de strafuitvoeringsrechter niet de verplichting om melding te maken van stukken die een beklaagde heeft ingediend tijdens de procedure die heeft geleid tot het vonnis dat hem tot een vrijheidsstraf veroordeelt, of daar naar te verwijzen of daaromtrent standpunt in te nemen.
- Het middel dat uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 6,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, vakantiekamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren Marie-Claire Ernotte, Tamara Konsek, Eric Van Dooren en Ann De Wolf, en in openbare rechtszitting van 29 juli 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250729.VAK.8 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160628.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div