← België

M. contra Dermat Medical Supplies

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 22 september 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250922.3N.9 Rolnummer: S.24.0029.N Zaak: M. contra Dermat Medical Supplies Kamer: 3N - derde kamer Rechtsgebied: Arbeidsrecht Invoerdatum: 2025-11-06 Raadplegingen: 693 - laatst gezien 2026-06-17 10:01 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Fiche De verhouding tussen de rechtsgevolgen verbonden aan een ontslag om dringende reden en de ernstige tekortkoming die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmogelijk maakt, is zonder verband met het begrip dringende reden in die wetsbepaling; dat de rechter de door een partij aangevoerde wanverhouding tussen de door haar begane fout en de gevolgen van het ontslag om dringende reden dient te betrekken in zijn beoordeling van de rechtmatigheid van het ontslag en meer in het bijzonder van het ernstig karakter van de tekortkoming en van de onmiddellijke en definitieve onmogelijkheid van de professionele samenwerking, berust op een onjuiste rechtsopvatting. Thesaurus CAS: ARBEIDSOVEREENKOMST - EINDE - Ontslag om dringende reden Vrije woorden: Wettelijk begrip - Beoordeling - Criterium - Proportionaliteit - Bevoegdheid van de rechter Wettelijke bepalingen: Wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten - 03-07-1978 - Art. 35, eerste en tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1978070303 Tekst van de beslissing Nr. S.24.0029.N D.M., eiser, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest, tegen DERMAT MEDICAL SUPPLIES bv, met zetel te 3001 Leuven (Heverlee), Ambachtenlaan 38, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0696.800.191, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Gent, afdeling Gent, van 12 januari

  1. Ere-sectievoorzitter Koen Mestdagh, plaatsvervangend magistraat, heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede middel Tweede onderdeel
  2. Krachtens artikel 35, eerste lid, Arbeidsovereenkomstenwet kan elke partij de overeenkomst beëindigen zonder opzegging of voor het verstrijken van de termijn om een dringende reden die aan het oordeel van de rechter wordt overgelaten onverminderd alle eventuele schadeloosstellingen. Krachtens het tweede lid van die bepaling wordt onder dringende reden verstaan de ernstige tekortkoming die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmogelijk maakt. De verhouding tussen de rechtsgevolgen verbonden aan een ontslag om dringende reden en de ernstige tekortkoming die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmogelijk maakt, is zonder verband met het begrip dringende reden in die wetsbepaling.
  3. Het onderdeel dat ervan uitgaat dat de rechter de door een partij aangevoerde wanverhouding tussen de door haar begane fout en de gevolgen van het ontslag om dringende reden dient te betrekken in zijn beoordeling van de rechtmatigheid van het ontslag en meer in het bijzonder van het ernstig karakter van de tekortkoming en van de onmiddellijke en definitieve onmogelijkheid van de professionele samenwerking, berust op een onjuiste rechtsopvatting. Het onderdeel faalt in zoverre naar recht.
  4. De overige in het onderdeel aangevoerde schendingen zijn volledig afgeleid uit de vergeefs aangevoerde schending van artikel 35, eerste en tweede lid, Arbeidsovereenkomstenwet en mitsdien niet ontvankelijk. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 400,21 euro en op de som van 24 euro ten gunste van het Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Bart Wylleman, als voorzitter, en de raadsheren Ilse Couwenberg, Bruno Lietaert, Ann De Wolf en ere-sectievoorzitter Koen Mestdagh, plaatsvervangend magistraat, en in openbare rechtszitting van 22PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250922.3N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.