← België

T.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251014.2N.26 Rolnummer: P.25.1310.N Zaak: T. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2025-10-20 Raadplegingen: 488 - laatst gezien 2026-06-16 15:18 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 4 Wanneer cassatieberoep werd ingesteld tegen een arrest van de kamer van inbeschuldigingstelling dat de handhavingsbeslissing van de raadkamer bevestigt maar de beklaagde inmiddels naar de correctionele rechtbank werd verwezen en de raadkamer bij afzonderlijke gemotiveerde beschikking heeft beslist dat hij aangehouden blijft, is de vrijheidsberoving van de beklaagde gesteund op de afzonderlijke beschikking van de raadkamer en niet langer op het arrest zodat het cassatieberoep dat gericht is tegen een beslissing die niet langer een titel van vrijheidsberoving oplevert geen bestaansreden meer heeft

(1).
(1)Cass. 27 juli 2004, AR P.04.1063.N ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040727.17, AC 2004, nr.
  1. Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - CASSATIEBEROEP Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 26, § 3 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 30 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - REGELING VAN DE RECHTSPLEGING Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 26, § 3 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 30 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 26, § 3 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 30 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Beslissingen vatbaar voor cassatieberoep - Strafvordering - Gemis aan belang of bestaansreden Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 26, § 3 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 30 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31 - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Tekst van de beslissing Nr. P.25.1310.N M. T., alias M.-A. T., inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 29 september
  2. De eiser voert geen middel aan. Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Plaatsvervangend magistraat Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  3. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat: - de onderzoeksrechter op 12 september 2025 tegen de eiser een bevel tot aanhouding heeft verleend; - de raadkamer bij beschikking van 16 september 2025 heeft beslist dat eisers voorlopige hechtenis werd gehandhaafd; - het arrest van 29 september 2025 die handhavingsbeslissing heeft bevestigd; - de procureur des Konings op 19 september 2025 een vordering heeft genomen tot regeling van de rechtspleging; - de eiser bij beschikking van de raadkamer van 30 september 2025 naar de correctionele rechtbank is verwezen wegens de feiten waarvoor zijn voorlopige hechtenis door het arrest werd gehandhaafd; - de raadkamer bij afzonderlijke gemotiveerde beschikking van dezelfde datum heeft beslist dat de eiser voor die feiten aangehouden blijft.
  4. Daaruit volgt dat de vrijheidsberoving van de eiser thans is gesteund op de afzonderlijke beschikking van de raadkamer van 30 september 2025 en niet langer op het arrest. Aldus heeft het cassatieberoep dat gericht is tegen een beslissing die niet langer een titel van vrijheidsberoving oplevert, geen bestaansreden meer. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 57,81 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Eric Van Dooren en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 14 oktober 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van plaatsvervangend magistraat Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251014.2N.26 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2004:ARR.20040727.17 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.