id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20
Art. 1382
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 oud
Art. 1383
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 4 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 26 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Thesaurus CAS: AANSPRAKELIJKHEID BUITEN OVEREENKOMST - DAAD - Fout Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1382
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 oud
Art. 1383
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 4 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 26 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Thesaurus CAS: BEWIJS - STRAFZAKEN - Bewijslast. Beoordelingsvrijheid Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1382
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 oud
Art. 1383
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 4 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 26 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Thesaurus CAS: MISDRIJF - RECHTVAARDIGING EN VERSCHONING - Algemeen Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1382
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 oud
Art. 1383
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 4 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering - 17-04-1878 - Art. 26 - 01 ELI link Pub nr 1878041750 Tekst van de beslissing Nr. P.25.0356.N I EUROSPED BELGIUM bv, met zetel te 3800 Sint-Truiden, N.B. de Borchgravestraat 4450, ON 0884.411.752, burgerrechtelijk aansprakelijke partij, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen P. L., burgerlijke partij, verweerder, met als raadsman mr. Jan Swennen, advocaat bij de balie Limburg. II P&V VERZEKERINGEN cv, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Koningsstraat 151, ON 0402.236.531, tussenkomende partij, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen P. L., reeds vermeld, burgerlijke partij, verweerder, met als raadsman mr. Jan Swennen, advocaat bij de balie Limburg. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen I en II zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Limburg, afdeling Tongeren-Borgloon, van 15 januari
- De eiseressen voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. De eiseressen doen, zonder berusting, afstand van hun cassatieberoepen “alleen […] in zoverre de voorziening gericht is tegen de beslissing waarbij op burgerrechtelijk gebied, [de eiseressen] hoofdelijk worden veroordeeld om aan de [verweerder] een provisionele schadevergoeding te betalen van 67.471,64 euro, te vermeerderen met de vergoedende intrest op 50.000 euro van 1 tot 15 januari 2025 en de gerechtelijke intrest op 50.000 euro vanaf 15 januari 2025, een gerechtsdeskundige wordt aangesteld teneinde de [verweerder] te onderzoeken en hieromtrent advies uit te brengen met een opdracht zoals omschreven op bladzijden 16 tot en met 19 van het thans bestreden vonnis, de burgerlijke belangen van de [verweerder] worden aangehouden met inbegrip van de uitspraak omtrent de kosten van de burgerlijke rechtsvordering, rechtsplegingsvergoedingen inbegrepen en de verdere behandeling van de zaak wordt uitgesteld naar de zitting van 15 oktober 2025”. Raadsheer Jos Decoker heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel Eerste onderdeel
- Het onderdeel voert schending aan van artikel 149 Grondwet, artikel 870 Gerechtelijk Wetboek, de artikelen 1382 en 1383 oud Burgerlijk Wetboek, de artikelen 6.5, 6.6, 6.14 en 8.14 Burgerlijk Wetboek, de artikelen 418 en 420 Strafwetboek, de artikelen 7.2, 10.1.1° en 10.1.3° Wegverkeersreglement, alsook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel betreffende de bewijslast in strafzaken: de appelrechters oordelen ten onrechte dat de eiseressen de bewijslast dragen van het feit dat de verweerder een onvoorzienbare hindernis vormde doordat
(1)de bijhorende waarschuwingslichten niet in werking waren,
(2)de gewone verlichting van de botsabsorbeerder niet in werking was,
(3)de straatverlichting niet ontstoken was en
(4)de verweerder zelf een fout beging door zijn defect voertuig niet onmiddellijk te verlaten; zij eisen van de eiseressen dus meer dan een aanvoeringslast en verwerpen het door de eiseressen aangevoerde verweer zonder vast te stellen dat de aangevoerde verweermiddelen van elke geloofwaardigheid zijn ontdaan.
- Wanneer de burgerlijke partij na het verval van de strafvordering haar burgerlijke vordering op een ontvankelijke wijze instelt tegen de beklaagde of tegen de voor hem burgerrechtelijke aansprakelijke partij of tussengekomen verzekeraar en die laatsten aanvoeren dat de beklaagde zich kan beroepen op een rechtvaardigings- of schuldontheffingsgrond die niet van alle geloofwaardigheid is verstoken, dient de burgerlijke partij te bewijzen dat die grond niet bestaat. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- Het bestreden vonnis dat onder meer oordeelt als volgt: - “[…] Het is aldus volledig aan [G.] en bij uitbreiding [de eiseres I en de eiseres II] het bewijs te leveren dat [de verweerder] met zijn botsabsorbeerder een onvoorzienbare hindernis vormde en aldus ook van alle elementen die daartoe mogelijks zouden doen besluiten. […]” (p. 9, nr. 3.1) en - “[…] Het zijn [G.], burgerrechtelijke aansprakelijke [eiseres I] en vrijwillig tussenkomende partij [eiseres II] die omtrent deze door hen aangevoerde elementen/fouten van [de verweerder] de bewijslast dragen. Zij lijken hier in conclusies aan voorbij te gaan. […]” (p. 10, nr. 3.2). Aldus verantwoordt het bestreden vonnis de beslissing niet naar recht. Het onderdeel is in zoverre gegrond.
- Het tweede onderdeel dat niet kan leiden tot een ruimere cassatie of een cassatie zonder verwijzing, behoeft geen antwoord. Omvang van de cassatie
- De vernietiging van de beslissing over het beginsel van aansprakelijkheid leidt tot de vernietiging van de overige beslissingen van het bestreden vonnis, die gevolgbeslissingen zijn, behalve in zoverre het beslist over de ontvankelijkheid en de omvang van het hoger beroep en de ontvankelijkheid van de burgerlijke vordering. Er is dan ook geen grond om akte te verlenen van de gevraagde afstanden. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis, behoudens in zoverre het beslist over de ontvankelijkheid en de omvang van het hoger beroep en over de ontvankelijkheid van de burgerlijke vordering Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Verwerpt de cassatieberoepen voor het overige. Veroordeelt de eiseressen tot een derde van de kosten van hun cassatieberoep. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank Limburg, rechtszitting houdend in hoger beroep, anders samengesteld. Bepaalt de kosten in het geheel op 1.870,66 euro, waarvan de cassatieberoepen I en II 103,46 euro zijn verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Erwin Francis, als voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 21 oktober 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Erwin Francis, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251021.2N.12 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100611.3 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180326.2 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230425.2N.20 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div