Obsah (5)
Art. 22Art. 23Art. 47Art. 130Art. 135id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: OPENBAAR MINISTERIE Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Fiches 5 - 9 De onderzoeksrechter wordt regelmatig gelast door de vordering tot het instellen van een gerechtelijk onderzoek van de procureur des Konings van hetzelfde arrondissement, die op het moment van de vordering territoriaal bevoegd is op grond van artikel 23 Wetboek van Strafvordering; het onderzoeksgerecht van hetzelfde arrondissement als de onderzoeksrechter die het gerechtelijk onderzoek heeft gevoerd, is territoriaal bevoegd om vervolgens de rechtspleging te regelen
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN - GERECHTELIJK ONDERZOEK - Regelmatigheid van de procedure Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 47- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 130- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 135
, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 47- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 130- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 135
, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - STRAFZAKEN - Strafvordering Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 47- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 130- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 135
, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 47- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 130- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 135
, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: BEVOEGDHEID EN AANLEG - STRAFZAKEN - Bevoegdheid Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 22- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 23- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 47- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 130- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art.
8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 135, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr.
P.25.1203.N M. A., inverdenkinggestelde, eiser, met als raadsman mr. Pieterjan Van Muysen, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 31 juli
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. De eiser doet afstand zonder berusting van zijn cassatieberoep in zoverre zou worden geoordeeld dat het aangewende rechtsmiddel geen betrekking heeft op de beslissing zoals bepaald in artikel 420, tweede lid, 1°, Wetboek van Strafvordering. Op 3 oktober 2025 heeft advocaat-generaal Bart De Smet een schriftelijke conclusie neergelegd ter griffie van het Hof. Op de rechtszitting van 21 oktober 2025 heeft sectievoorzitter Erwin Francis verslag uitgebracht en heeft de voormelde advocaat-generaal geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Afstand
- De kamer van inbeschuldigingstelling stelt vast dat zij territoriaal bevoegd is om te oordelen over de regeling van de rechtspleging inzake de eiser en zij antwoordt daarmee op het verweer dat de eiser heeft afgeleid uit zijn aanvoering dat het openbaar ministerie te Antwerpen hier territoriaal onbevoegd was om de strafvordering bij de onderzoeksrechter te Antwerpen aanhangig te maken.
- Dit betreft een geschil inzake de bevoegdheid zoals bedoeld in artikel 420, tweede lid, 1°, Wetboek van Strafvordering. Er is geen reden om de gevraagde afstand te verlenen. Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 23 Wetboek van Strafvordering: de kamer van inbeschuldigingstelling te Antwerpen acht zich territoriaal bevoegd om te oordelen over de verwijzing van de eiser naar de correctionele rechtbank omdat uit het aanvankelijk proces-verbaal van inlichtingen blijkt dat de bestemmeling van de containers een firma is met een maatschappelijk adres te Aartselaar en met een zaakvoerder woonachtig te Antwerpen; de inhoud van een proces-verbaal van inlichtingen is onvoldoende om te besluiten tot de territoriale bevoegdheid van de procureur des Konings te Antwerpen; noch de vermelde firma, noch de zaakvoerder waren destijds verdachten van een mogelijk misdrijf en zijn nooit in verdenking gesteld; de verblijfplaats van de mogelijke verdachte was ten tijde van de aanvankelijke informatie en de vaststellingen van de douanediensten niet gekend, waardoor er ook geen enkele link was met het grondgebied Antwerpen; dienvolgens werd het aanvankelijk proces-verbaal overgemaakt aan de procureur des Konings te Oost-Vlaanderen, nu deze bevoegd was ingevolge de feiten die zouden plaatsvinden op het grondgebied Beveren; dat de observatie gemachtigd door de procureur des Konings te Oost-Vlaanderen leidde tot bijkomende vaststellingen op grond waarvan de procureur des Konings te Antwerpen bevoegd zou kunnen zijn, doet geen afbreuk aan de eerdere bevoegdheid van de procureur des Konings te Oost-Vlaanderen; de appelrechters konden zich niet enten op vaststellingen later dan de feiten an sich om te besluiten tot de territoriale bevoegdheid van de procureur des Konings te Antwerpen, wanneer de procureur des Konings te Oost-Vlaanderen reeds onderzoekshandelingen had bevolen en deze resultaten opleverden (eerste onderdeel); het arrest stelt ook niet vast dat er enige overdracht van het onderzoek heeft plaatsgevonden van de procureur des Konings te Oost-Vlaanderen aan de procureur des Konings te Antwerpen; door desalniettemin te oordelen dat de kamer van inbeschuldigingstelling territoriaal bevoegd is om te oordelen over de regeling van de rechtspleging, wordt de eiser onttrokken aan zijn natuurlijke rechter, dit is deze te Oost-Vlaanderen (tweede onderdeel).
- Overeenkomstig artikel 22 Wetboek van Strafvordering zijn de procureurs des Konings belast met de opsporing en de vervolging van de in dat artikel bepaalde misdrijven.
- Artikel 23, eerste lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat voor het uitoefenen van de ambtsverrichtingen bepaald in artikel 22 gelijkelijk bevoegd zijn de procureur des Konings van de plaats van het misdrijf, die van de verblijfplaats van de verdachte, die van de maatschappelijke zetel of de bedrijfszetel van de rechtspersoon en die van de plaats waar de verdachte kan worden gevonden.
- De territoriale bevoegdheid van de procureur des Konings wordt niet zonder meer bepaald op grond van de feitelijke gegevens die gekend zijn op het moment van het ontdekken van het opgespoorde misdrijf of van de aanvang van het opsporingsonderzoek. Die bevoegdheid kan integendeel op elk moment in de loop van het opsporingsonderzoek worden bepaald of opnieuw beoordeeld naar aanleiding van de ontdekking van enig welk feitelijk gegeven. Een dergelijk gegeven kan onder meer blijken uit een proces-verbaal van inlichtingen.
- Wanneer op grond van een feitelijk gegeven, getoetst aan artikel 23, eerste lid, Wetboek van Strafvordering, meerdere procureurs des Konings territoriaal bevoegd zijn of bevoegd worden, staat het aan hen om na overleg te bepalen wie het opsporingsonderzoek verderzet en beslist over het eventueel instellen van de strafvordering. Dat overleg en die beslissing, met inbegrip van de eventuele overdracht van de resultaten van de in de onderscheiden opsporingsonderzoeken reeds uitgevoerde opsporingshandelingen aan de procureur des Konings die het opsporingsonderzoek verderzet, zijn niet onderworpen aan enige formaliteit en dienen als dusdanig niet te blijken uit het dossier van de rechtspleging.
- De onderzoeksrechter wordt regelmatig gelast door de vordering tot het instellen van een gerechtelijk onderzoek van de procureur des Konings van hetzelfde arrondissement, die op het moment van de vordering territoriaal bevoegd is op grond van artikel 23 Wetboek van Strafvordering. Het onderzoeksgerecht van hetzelfde arrondissement als de onderzoeksrechter die het gerechtelijk onderzoek heeft gevoerd, is territoriaal bevoegd om vervolgens de rechtspleging te regelen.
- In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
- Voor het overige verplicht het middel tot een onderzoek van feiten waarvoor het Hof geen bevoegdheid heeft en is het niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing bevat geen onwettigheid die de eiser kan grieven. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 80,91 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Erwin Francis, als voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 21 oktober 2025 uitgesproken door sectievoorzitter Erwin Francis, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251021.2N.17 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20251021.2N.17 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div