← België

M.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251021.2N.99 Rolnummer: P.25.1277.N Zaak: M. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2025-10-29 Raadplegingen: 612 - laatst gezien 2026-06-18 11:06 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 3 Volgens artikel 31, § 2, Voorlopige Hechteniswet kan tegen de arresten en vonnissen waardoor de voorlopige hechtenis wordt gehandhaafd, cassatieberoep worden ingesteld binnen een termijn van vierentwintig uren, die begint te lopen vanaf de dag waarop de beslissing aan de verdachte wordt betekend, hetgeen concreet betekent dat de eiser cassatieberoep kan instellen de dag van de betekening zelf en de daarop volgende dag en dat indien die daarop volgende dag een zaterdag, een zondag of een andere wettelijke feestdag is, de termijn verlengd wordt bij toepassing van artikel 644, eerste lid, Wetboek van Strafvordering tot de eerstvolgende werkdag; de omstandigheid dat de betekening geschiedt buiten de sluitingsuren van de griffie heeft niet tot gevolg dat de in artikel 31, § 2, Voorlopige Hechteniswet bedoelde termijn moet worden gerekend van het zoveelste uur van de dag van de betekening tot het zoveelste uur van de daarop volgende dag en ook in dat geval eindigt de termijn de daarop volgende dag, waarbij de eiser in cassatie rekening moet houden met de sluitingsuren van de griffie; deze regeling dient een wettig doel, namelijk het Hof in staat stellen het cassatieberoep te beoordelen en binnen de in artikel 31, § 3, tweede lid, Voorlopige Hechteniswet bedoelde termijn van vijftien dagen uitspraak te doen en zij getuigt dan ook niet van een buitensporig formalisme. Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - CASSATIEBEROEP Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31, §§ 2 en 3, tweede lid - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Termijnen voor cassatieberoep en betekening - Strafvordering - Duur, begin en einde Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31, §§ 2 en 3, tweede lid - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Thesaurus CAS: BETEKENINGEN EN KENNISGEVINGEN - ALGEMEEN Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 31, §§ 2 en 3, tweede lid - 35 ELI link Pub nr 1990099963 Tekst van de beslissing Nr. P.25.1277.N C. M., beklaagde, verzoeker tot voorlopige invrijheidstelling, aangehouden, eiser, met als raadslieden mr. Christophe Marchand en mr. Crépine Uwashema, beiden advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 25 september

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Jos Decoker heeft verslag uitgebracht. Plaatsvervangend magistraat Alain Winants heeft geconcludeerd. Op 16 oktober 2025 heeft de eiser ter griffie een antwoordnoot ingediend. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  2. Volgens artikel 31, § 2, Voorlopige Hechteniswet kan tegen de arresten en vonnissen waardoor de voorlopige hechtenis wordt gehandhaafd, cassatieberoep worden ingesteld binnen een termijn van vierentwintig uren, die begint te lopen vanaf de dag waarop de beslissing aan de verdachte wordt betekend.
  3. Dit betekent concreet dat de eiser cassatieberoep kan instellen de dag van de betekening zelf en de daarop volgende dag.
  4. Indien die daarop volgende dag een zaterdag, een zondag of een andere wettelijke feestdag is, wordt de termijn verlengd bij toepassing van artikel 644, eerste lid, Wetboek van Strafvordering tot de eerstvolgende werkdag.
  5. De omstandigheid dat de betekening geschiedt buiten de sluitingsuren van de griffie heeft niet tot gevolg dat de in artikel 31, § 2, Voorlopige Hechteniswet bedoelde termijn moet worden gerekend van het zoveelste uur van de dag van de betekening tot het zoveelste uur van de daarop volgende dag. Ook in dat geval eindigt de termijn de daarop volgende dag, waarbij de eiser in cassatie rekening moet houden met de sluitingsuren van de griffie.
  6. Deze regeling dient een wettig doel, namelijk het Hof in staat stellen het cassatieberoep te beoordelen en binnen de in artikel 31, § 3, tweede lid, Voorlopige Hechteniswet bedoelde termijn van vijftien dagen uitspraak te doen. De regeling getuigt dan ook niet van een buitensporig formalisme.
  7. Het arrest werd op donderdag 25 september 2025 om 16.20 u aan de eiser betekend door de directeur van de gevangenis te Hasselt. Derhalve kon de eiser cassatieberoep instellen op vrijdag 26 september 2025, zowel ter griffie van de gevangenis als ter griffie van het appelgerecht, telkens binnen de openingsuren van deze griffies. Er was geen grond om die termijn te verlengen bij toepassing van artikel 644, eerste lid, Wetboek van Strafvordering.
  8. Het cassatieberoep dat werd ingesteld op maandag 29 september 2025 is bijgevolg laattijdig en niet ontvankelijk. Middelen
  9. De middelen die geen verband houden met de ontvankelijkheid van het cassatieberoep behoeven geen antwoord. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 77,61 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Eric Van Dooren en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 21 oktober 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251021.2N.99 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.