id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20
Art. 39bis, § 5 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: COMMUNICATIE.
TELECOMMUNICATIE Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 39bis
, § 5 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: POLITIE Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - eerste boek (Art. 8 tot en met 136ter), zoals gewijzigd door de Wet van 11 juli 1994 betreffende de politierechtbanken en houdende een aantal bepalingen betreffende de versnelling en de modernizering van de
Art. 39bis, § 5 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr.
P.25.0747.N D. L., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Jesse Van den Broeck en mr. Alexander Van Heeschvelde, advocaten bij de balie Gent, met kantoor te 9000 Gent, Baudelostraat 36, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 7 mei
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Sectievoorzitter Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 39bis, § 5, Wetboek van Strafvordering: het arrest oordeelt dat die bepaling niet is geschonden doordat de officier van gerechtelijke politie eisers gsm heeft uitgelezen omdat de eiser toestemming heeft gegeven tot die uitlezing; de officier van gerechtelijke politie moet voor het opheffen van de beveiliging van een gsm echter altijd de machtiging hebben van de procureur des Konings; enkel een onderzoeksrechter kan een andere zoeking bevelen dan deze bepaald in artikel 39bis, § 2, Wetboek van Strafvordering, dit is een zoeking die zich enkel uitstrekt tot de gegevens opgeslagen op een informaticasysteem dat in beslag is of kan worden genomen.
- Artikel 39bis, § 5, Wetboek van Strafvordering bepaalt: “Teneinde de maatregelen bedoeld in dit artikel mogelijk te maken, kan de procureur des Konings of de onderzoeksrechter bevelen om, te allen tijde, ook zonder de toestemming van hetzij de eigenaar of zijn rechthebbende, hetzij de gebruiker: - elke beveiliging van de betrokken informaticasystemen tijdelijk op te heffen, desgevallend met behulp van technische hulpmiddelen, valse signalen, valse sleutels of valse hoedanigheden; - technische middelen in de betrokken informaticasystemen aan te brengen teneinde de door dat systeem opgeslagen, verwerkte of doorgestuurde gegevens te ontcijferen en te decoderen. Evenwel kan enkel de onderzoeksrechter deze tijdelijke opheffing van de beveiliging of deze aanbrenging van technische middelen bevelen wanneer dit in het bijzonder noodzakelijk is voor de toepassing van artikel 88ter.”
- Wanneer de eigenaar, de rechthebbende of de gebruiker van een gsm aan de officier van gerechtelijke politie die hem ondervraagt over een misdrijf, zonder beperking toestemming geeft om de gegevens op zijn gsm uit te lezen en hij met het oog daarop vrijwillig en voorafgaand zijn paswoord of toegangscode aan die officier meedeelt, wordt de beveiliging van de gsm niet opgeheven in de zin van de vermelde bepaling. In dat geval is die bepaling bijgevolg niet van toepassing, ook niet wanneer de uitlezing van de gsm aanwijzingen oplevert van een ander door de betrokkene gepleegd misdrijf, dat vervolgens het voorwerp uitmaakt van een afzonderlijk strafonderzoek. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
- Het arrest oordeelt als volgt: - het hof van beroep merkt op dat naar aanleiding van het uitlezen van de gsm van de eiser op diens uitdrukkelijke vraag in het kader van het lastens hem gevoerde onderzoek inzake een vermeende verkrachting van B., druggerelateerde contacten, berichten, foto’s en filmpjes van drugs, waaronder cannabis en grote sommen cash geld, alsook communicaties via Facebook Messenger en Whatsapp met personen gekend voor druggerelateerde feiten werden aangetroffen; - de eiser heeft bij aanvang van zijn verhoor op dinsdag 1 februari 2022 in vermeld onderzoek naar feiten van verkrachting toestemming gegeven aan de betrokken politieambtenaar om tot uitlezing van zijn gsm over te gaan; - het aantreffen van vermelde druggerelateerde berichten, contacten, foto’s en filmpjes heeft aanleiding gegeven tot het ambtshalve opstellen van een nieuw aanvankelijk proces-verbaal BG60.L2.001538 van 2 februari 2022, zoals blijkt uit de verder in het arrest vermelde feitelijke gegevens; - waar de eiser zoals gezegd ab initio toestemming heeft gegeven tot uitlezing van dit toestel, is er geen sprake van enige schending van artikel 39bis, § 5, Wetboek van Strafvordering; - deze vaststellingen die toevallig worden gedaan tijdens deze regelmatig, want na toestemming gegeven uitlezing van de gsm van de eiser, die evenwel met een ander doel werd uitgevoerd, zijn geldig en kunnen in rechte worden aangewend; - ten overvloede benadrukt het hof van beroep dat de eiser in het daarop volgend verhoor van 27 oktober 2022 omtrent deze aangetroffen druggerelateerde berichten, contacten, afbeeldingen en filmpjes, waar hij tot bekentenissen overging, werd bijgestaan door een raadsman, zodat zijn rechten als verdachte te allen tijde werden gevrijwaard; - noch de beklaagde noch diens raadsman heeft zich tijdens dit verhoor overigens beklaagd over de wijze waarop deze bewijselementen werden verkregen. Aldus verantwoordt het arrest de beslissing naar recht. Tweede middel
- Het middel voert miskenning aan van de algemene antwoordplicht van de rechter op conclusies van de verdediging: het arrest beantwoordt niet eisers verweer dat zijn recht op tegenspraak in verband met afgeluisterde gesprekken in een ander strafdossier en bij uitbreiding bij de huidige vervolging is miskend omdat hij dat bewijs niet meer doelmatig kan betwisten.
- Uit de redenen die het overneemt van het beroepen vonnis en die het zelf bevat, volgt dat het arrest de schuldigverklaring van de eiser aan de hem ten laste gelegde feiten van het bezit of de verkoop van drugs in het bijzonder steunt op het bewijsmateriaal geput uit de uitlezing van zijn gsm-toestel en op het feit dat hij zijn schuld aan de feiten als dusdanig niet heeft betwist. Bijgevolg moet het arrest eisers doelloze verweer over ander bewijsmateriaal niet meer beantwoorden. Het middel kan niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 90,81 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 28 oktober 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251028.2N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div