id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251028.2N.9 Rolnummer: P.25.1107.N Zaak: D. contra L. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2025-11-06 Raadplegingen: 452 - laatst gezien 2026-06-15 09:32 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 4 Een beklaagde heeft geen belang bij de vernietiging van een arrest dat oordeelt dat er geen aanleiding is tot vervolging van de beklaagde, ongeacht het door het appelgerecht ingenomen standpunt over de niet-verjaring van de strafvordering. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Beslissingen vatbaar voor cassatieberoep - Strafvordering - Gemis aan belang of bestaansreden STRAFVORDERING ONDERZOEKSGERECHTEN ONDERZOEK IN STRAFZAKEN - GERECHTELIJK ONDERZOEK - Regeling van de rechtspleging Tekst van de beslissing Nr. P.25.1107.N I
- R. D’H., burgerlijke partij,
- A. D’H., burgerlijke partij,
- A. D’H., burgerlijke partij, eisers, allen met als raadsman mr. Geert Ampe, advocaat bij de balie West-Vlaanderen, tegen P. L., inverdenkinggestelde, verweerder. II P. L., reeds vermeld, inverdenkinggestelde, eiser, met als raadsman mr. Victor Petitat, advocaat bij de balie West-Vlaanderen, tegen
- R. D’H., reeds vermeld, burgerlijke partij,
- A. D’H., reeds vermeld, burgerlijke partij
- A. D’H., reeds vermeld, burgerlijke partij verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 24 juni
- De eisers I voeren geen middel aan. De eiser II voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Voorzitter Filip Van Volsem brengt verslag uit. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van de cassatieberoepen
- Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat de eisers I hun cassatieberoep hebben laten betekenen aan de verweerder I en aan het openbaar ministerie bij het appelgerecht, hoewel dit nochtans vereist is door artikel 427 Wetboek van Strafvordering. De cassatieberoepen I zijn niet ontvankelijk.
- Het arrest oordeelt dat er geen aanleiding is tot vervolging van de eiser II. De eiser II heeft, ongeacht het door het appelgerecht ingenomen standpunt over de niet-verjaring van de strafvordering, geen belang bij de vernietiging van die beslissing van niet-vervolging. In zoverre gericht tegen die beslissing, is het cassatieberoep van de eiser II bij gebrek aan belang niet ontvankelijk.
- De memorie van de eiser II behoeft gelet op die niet-ontvankelijkheid geen verder antwoord. Dictum Het Hof, Verwerpt de cassatieberoepen I en II. Veroordeelt de eisers I tot de kosten van hun cassatieberoep. Veroordeelt de eiser II tot de kosten van zijn cassatieberoep. Bepaalt de kosten in het geheel op 139,01 euro, waarvan de eisers I 32,75 euro is verschuldigd en de eiser II 71,26 euro is verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 28 oktober 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251028.2N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.