← België

S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 04 november 2025 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251104.2N.7 Rolnummer: P.25.1128.N Zaak: S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2025-11-07 Raadplegingen: 522 - laatst gezien 2026-06-15 09:34 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Uit artikel 37quinquies, § 1, tweede zin, Strafwetboek dat bepaalt dat de rechter die een werkstraf uitspreekt binnen de perken van de op het misdrijf gestelde straffen in een gevangenisstraf of in een geldboete voorziet die van toepassing kan worden ingeval die werkstraf niet wordt uitgevoerd, volgt dat de rechter onaantastbaar binnen de vermelde wettelijke grenzen bepaalt welke gevangenisstraf of geldboete hij geschikt vindt om de uitvoering van de uitgesproken werkstraf te waarborgen; bij afwezigheid van een daartoe strekkende conclusie dient de strafrechter die beslissing niet te motiveren. Thesaurus CAS: STRAF - ANDERE STRAFFEN - Werkstraf Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 37quinquies - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 37quinquies - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Tekst van de beslissing Nr. P.25.1128.N A. S., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Fouad Mohand Ali, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 18 juni

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Isabelle De Tandt heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM, artikel 149 Grondwet en artikel 38, § 6, Wegverkeerswet: het bestreden vonnis legt een verval op voor een duur van één jaar terwijl voor deze gestrengheid geen concrete en geïndividualiseerde verantwoording wordt gegeven en er niet wordt ingegaan op de door de eiser aangevoerde elementen betreffende de sociaal-professionele impact.
  3. Het bestreden vonnis maakt melding van de aard en de ernst van de bewezenverklaarde feiten, van de nagestreefde strafdoelen en van de elementen die de appelrechters betrekken bij de straftoemeting. Het wijst naar de voorgaanden van de eiser inzake verkeer, die blijkbaar niet heeft geleerd uit eerdere veroordelingen en die ondanks alle waarschuwingen en kansen niet tot inkeer komt en zijn houding in het verkeer niet aanpast. Specifiek wat betreft het verval een motorvoertuig te besturen, oordelen de appelrechters dat een belangrijk verval moet worden opgelegd om de eiser het ontoelaatbare van zijn handelen te doen inzien en om recidive te voorkomen. De appelrechters geven aan zich bewust te zijn van de gevolgen van dit rijverbod op sociaal en professioneel vlak, maar oordelen dat die niet onoverkomelijk zijn en dat de noodzaak voor de eiser om zich zodanig te organiseren dat die nadelige gevolgen tot een minimum beperkt blijven zijn verantwoordelijkheidsbesef zullen aanscherpen. Ten slotte benadrukken de appelrechters dat de algemene verkeersveiligheid absoluut dient te primeren op de eigen belangen van de eiser.
  4. Met die redenen verstrekt het bestreden vonnis wel degelijk een concrete en geïndividualiseerde verantwoording voor de duur van het opgelegde verval. Daaruit blijkt ook dat de appelrechters de aangevoerde elementen betreffende de sociaal-professionele situatie van de eiser bij hun beoordeling hebben betrokken en dus daarop zijn ingegaan. De beslissing van de vervallenverklaring is dan ook regelmatig met redenen omkleed. Het middel kan niet worden aangenomen. Tweede middel
  5. Het middel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM, artikel 149 Grondwet en artikel 37quinquies, § 1, Strafwetboek: het bestreden vonnis legt voor de werkstraf een vervangende gevangenisstraf op van zes maanden, maar het verantwoordt die beslissing niet; het verwijst niet naar enig concreet risico op niet-uitvoering of naar een gebrek aan waarborgen of een alternatief; die straf is buitensporig en miskent de motiverings- en proportionaliteitsvereiste.
  6. Artikel 37quinquies, § 1, tweede zin, Strafwetboek legt aan de rechter die een werkstraf uitspreekt de verplichting op om binnen de perken van de op het misdrijf gestelde straffen te voorzien in een gevangenisstraf of in een geldboete die van toepassing kan worden ingeval de werkstraf niet wordt uitgevoerd.
  7. Indien een beklaagde van oordeel is dat een vervangende straf die valt binnen die wettelijke grenzen disproportioneel is, dient hij zulks aan te voeren voor het vonnisgerecht. Hij kan dit niet voor het eerst voor het Hof. In zoverre is het middel nieuw en dus niet ontvankelijk.
  8. De rechter bepaalt onaantastbaar binnen de vermelde wettelijke grenzen welke gevangenisstraf of geldboete hij geschikt vindt om de uitvoering van de uitgesproken werkstraf te waarborgen. Bij afwezigheid van een daartoe strekkende conclusie moet hij die beslissing niet motiveren. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht. Ambtshalve onderzoek
  9. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 74,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Eric Van Dooren, Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 4 november 2025 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Isabelle De Tandt, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251104.2N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.