← België

WOONHAVEN ANTWERPEN bv contra VLAAMS GEWEST

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260319.1N.9 Rolnummer: F.24.0086.N Zaak: WOONHAVEN ANTWERPEN bv contra VLAAMS GEWEST Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2026-04-09 Raadplegingen: 436 - laatst gezien 2026-06-18 21:18 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260319.1N.9 Fiche De onroerende goederen die door een erkende woonmaatschappij als sociale woningen worden verhuurd, komen niet in aanmerking voor een vrijstelling van de onroerende voorheffing in de zin van artikel 2.1.6.0.1, eerste lid, 1°, VCF

(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - VOORHEFFINGEN EN BELASTINGKREDIET - Onroerende voorheffing Wettelijke bepalingen: Decreet 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit - 13-12-2013 - Art. 2.1.4.0.1, § 2, 3° - 06 ELI link Pub nr 2013036154 Decreet 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit - 13-12-2013 - Art. 2.1.6.0.1, eerste lid, 1° - 06 ELI link Pub nr 2013036154 Tekst van de beslissing Nr. F.24.0086.N WOONHAVEN ANTWERPEN bv, met zetel te 2020 Antwerpen, Jan Denucéstraat 23, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0403.795.657, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, in de persoon van de Vlaamse minister van Begroting en Financiën, Vlaamse Rand, Onroerend Erfgoed en Dierenwelzijn, met kabinet te 1000 Brussel, Kreupelenstraat 2, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0220.819.807, voor wie optreedt de Vlaamse Belastingdienst, met kantoor te 9300 Aalst, Vaartstraat 16, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Driekoningenstraat 3, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 12 maart
  1. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 23 januari 2026 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
  2. Anders dan het onderdeel aanvoert, oordeelt de appelrechter niet dat de opdracht van de eiseres er louter in bestaat financieel ondersteuning te bieden aan personen die niet terecht kunnen op de reguliere woningmarkt wegens hun precaire financiële situatie. In zoverre het onderdeel schending aanvoert van artikel 4, § 1, eerste lid, Vlaamse Wooncode en artikel 29bis Kaderbesluit Sociale Huur, berust het op een onjuiste lezing van het arrest en mist het bijgevolg feitelijke grondslag.
  3. Krachtens artikel 2.1.4.0.1, § 2, 3°, VCF geldt een verlaagd tarief van de onroerende voorheffing voor de eigendommen die als sociale woningen worden verhuurd en toebehoren aan de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen of aan de erkende woonmaatschappijen, vermeld in artikel 4.36 van de Vlaamse Codex Wonen
  4. Krachtens artikel 2.1.6.0.1, eerste lid, 1°, VCF wordt op aanvraag van de belastingschuldige een vrijstelling van de onroerende voorheffing verleend voor het kadastraal inkomen van de onroerende goederen of delen ervan, gelegen in het Vlaamse Gewest, die een belastingplichtige of een bewoner zonder winstoogmerk heeft bestemd voor het openbaar uitoefenen van een eredienst of van de vrijzinnige morele dienstverlening, voor onderwijs, voor het vestigen van hospitalen, klinieken, dispensaria, rusthuizen, vakantiehuizen voor gepensioneerden, of van andere soortgelijke weldadigheidsinstellingen.
  5. Uit de wetsgeschiedenis en uit de samenhang van deze bepalingen volgt dat de onroerende goederen die door een erkende woonmaatschappij als sociale woningen worden verhuurd, niet in aanmerking komen voor een vrijstelling van de onroerende voorheffing in de zin van artikel 2.1.6.0.1, eerste lid, 1°, VCF. In zoverre het onderdeel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 513,30 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Bart Wylleman, als voorzitter, en de raadsheren Ilse Couwenberg, Myriam Ghyselen, Ann De Wolf en Eva Van Hoorde, en in openbare rechtszitting van 19 maart 2026 uitgesproken door sectievoorzitter Bart Wylleman, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260319.1N.9 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260319.1N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.