← België

V.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 31 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260331.2N.20 Rolnummer: P.25.1724.N Zaak: V. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2026-04-03 Raadplegingen: 481 - laatst gezien 2026-06-18 17:10 Versie(s): Vertaling samenvatting(

  1. en)FR nog niet beschikbaar Fiche Samenvatting(
  2. en)nog niet beschikbaar Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 38 Tekst van de beslissing Nr. P.25.1724.N N. V., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Thibaud Delva, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 14 november 2025. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Peter Hoet heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Isabelle De Tandt heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel 1. Het middel voert schending aan van artikel 6 EVRM, artikel 149 Grondwet en artikel 38, § 8, Wegverkeerswet, alsmede miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van de motiveringsplicht: het bestreden vonnis legt aan de eiser een levenslang verval van het recht tot sturen op en vervolgens ook de vier herstelexamens, terwijl artikel 38, § 8, 2°, Wegverkeerswet bepaalt dat de opleiding of examens en onderzoeken, waarvan het herstel in het recht tot sturen wordt afhankelijk gemaakt niet van toepassing is wanneer een levenslang verval van het recht tot sturen als straf is uitgesproken (eerste onderdeel); het bestreden vonnis is daardoor tegenstrijdig gemotiveerd; het bestreden vonnis oordeelt, enerzijds, dat het geen herstelexamens oplegt, omdat een levenslang verval van het recht tot sturen wordt uitgesproken, en, anderzijds, dat de vier herstelexamens wettelijk verplicht zijn (tweede onderdeel). 2. Artikel 38, § 8, Wegverkeerswet bepaalt: “De opleiding en/of examens en onderzoeken waarvan het herstel in het recht tot sturen afhankelijk wordt gemaakt, bedoeld in dit artikel, zijn niet van toepassing in de volgende gevallen: (…) 2° wanneer een levenslang verval van het recht tot sturen als straf is uitgesproken.” 3. De in die bepaling bedoelde herstelexamens en -onderzoeken zijn enkel niet van toepassing indien ze specifiek worden gekoppeld aan een levenslang verval van het recht tot sturen als straf. Ze kunnen of moeten bijgevolg wel worden uitgesproken indien het verval van het recht tot sturen voor een bepaalde duur wordt opgelegd, ongeacht of in eenzelfde vonnis voor andere telastleggingen een levenslang verval wordt uitgesproken. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het eerste onderdeel naar recht. 4. Het tweede onderdeel is afgeleid uit die vergeefs aangevoerde wetschending en is bijgevolg niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek 5. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 74,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Eric Van Dooren en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 31 maart 2026 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Isabelle De Tandt, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260331.2N.20 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.