id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 april 2026 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260414.2N.22 Rolnummer: P.26.0408.N Zaak: V. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2026-04-20 Raadplegingen: 333 - laatst gezien 2026-06-18 06:41 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Artikel 6.3.c EVRM heeft betrekking op een persoon die wordt vervolgd wegens een strafbaar feit, niet op hij die definitief is veroordeeld; die bepaling is dan ook niet van toepassing op de procedure voor de strafuitvoeringsrechter. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950, te Rome - 04-11-1950 - Art. 6.3.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.3 Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950, te Rome - 04-11-1950 - Art. 6.3.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Fiches 3 - 5 Uit de artikelen 98/6, eerste en tweede lid, en 109/1, eerste lid, Wet Strafuitvoering volgt dat geen enkele bepaling de strafuitvoeringsrechter verplicht in te gaan of het verzoek van een veroordeelde die een of meer vrijheidsstraffen ondergaat waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt, om te worden gehoord door de strafuitvoeringsrechter die moet beslissen over de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit volgens de voormelde bepalingen; evenmin verplicht enige bepaling de strafuitvoeringsrechter uitdrukkelijk melding te maken van het verzoek van een veroordeelde om te worden gehoord
(1).
(1)Cass. 9 december 2025, AR P.25.1579.N, ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251209.2N.
- Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 98/6, eerste en tweede lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 109/1, eerste lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - STRAFZAKEN - Algemeen Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 98/6, eerste en tweede lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 109/1, eerste lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - STRAFZAKEN Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 98/6, eerste en tweede lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 109/1, eerste lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Tekst van de beslissing Nr. P.26.0408.N B. V.B., veroordeelde tot vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Herwig Moons, advocaat bij de balie Dendermonde. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechter in de strafuitvoeringsrechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, van 12 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 6.3.c EVRM en artikel 37, eerste lid, Wet Strafuitvoering, alsook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging, het recht op een eerlijk proces en de motiveringsplicht: niettegenstaande de eiser heeft gevraagd om een hoorzitting, blijkt uit het vonnis niet dat de strafuitvoeringsrechter dit verzoek in overweging heeft genomen; het vonnis bevat geen motivering ter afwijzing van dit verzoek.
- Artikel 6.3.c EVRM heeft betrekking op een persoon die wordt vervolgd wegens een strafbaar feit, niet op hij die definitief is veroordeeld. Die bepaling is dan ook niet van toepassing op de procedure voor de strafuitvoeringsrechter.
- Het algemeen rechtsbeginsel van het recht op een eerlijk proces heeft geen ruimer toepassingsgebied dan het toepassingsgebied van artikel 6 EVRM.
- Artikel 98/6, eerste lid, Wet Strafuitvoering bepaalt dat het hoofdstuk I (De noodprocedure strafuitvoeringsrechter) van titel XIIquater (Tijdelijke bepalingen) Wet Strafuitvoering van toepassing is op de veroordeelde tot een of meer vrijheidsstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder, maar zes maanden of meer bedraagt, ten aanzien van wie de bepalingen van deze wet overeenkomstig artikel 109/1 Wet Strafuitvoering niet van toepassing zijn.
- Artikel 98/6, tweede lid, Wet Strafuitvoering bepaalt dat de strafuitvoeringsrechter aan de in het eerste lid bedoelde veroordeelde het elektronisch toezicht toekent op de in dit hoofdstuk bepaalde wijze en onder de daarin bepaalde voorwaarden en meer bepaald volgens de artikelen 98/8, 98/9, 98/13, 98/14, 98/16, 98/18, 98/19, 98/20, 98/21, 98/22, 98/25 en 98/
- Die procedure voorziet niet in het horen van de veroordeelde door de strafuitvoeringsrechter.
- Artikel 109/1, eerste lid, Wet Strafuitvoering bepaalt dat tot 1 juni 2030 onder meer artikel 37 Wet Strafuitvoering niet van toepassing is op veroordeelden die een of meer vrijheidsstraffen ondergaan waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt, behoudens in hier niet-toepasselijke gevallen.
- Daaruit volgt dat geen enkele bepaling de strafuitvoeringsrechter verplicht in te gaan of het verzoek van een veroordeelde die een of meer vrijheidsstraffen ondergaat waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt, om te worden gehoord door de strafuitvoeringsrechter die moet beslissen over de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit volgens de voormelde bepalingen. Evenmin verplicht enige bepaling de strafuitvoeringsrechter uitdrukkelijk melding te maken van het verzoek van een veroordeelde om te worden gehoord.
- In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
- De eiser voert een vrijheidsstraf uit van achttien maanden. Uit de artikelen 98/6 en 109/1, eerste lid, Wet Straftuitvoering volgt derhalve dat op eisers verzoek om de toekenning van de strafuitvoeringsmodaliteit van het elektronisch toezicht artikel 37 Wet Strafuitvoering niet van toepassing is, de strafuitvoeringsrechter de eiser niet dient te horen en hij ook geen melding moet maken van een verzoek in die zin. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Tweede middel
- Het middel voert miskenning aan van het algemeen rechtsbeginsel van de motiveringsplicht en het recht op een eerlijk proces: de motivering van het vonnis is beperkt tot het overschrijven van wat met een eerder vonnis is beslist; er wordt een standaardformule gehanteerd zonder dat wordt ingegaan of de brieven en stavingsstukken die de eiser heeft bijgebracht.
- Het algemeen rechtsbeginsel van het recht op een eerlijk proces heeft geen ruimer toepassingsgebied dan het toepassingsgebied van artikel 6 EVRM.
- De strafuitvoeringsrechter omkleedt de weigering om bij toepassing van artikel 98/13 Wet Strafuitvoering de strafuitvoeringsmodaliteit van het elektronisch toezicht toe te kennen regelmatig met redenen met de vaststelling dat de in artikel 98/13 Wet Strafuitvoering bedoelde tegenaanwijzing van een direct waarneembaar risico voor de fysieke integriteit van derden voorhanden is en door te vermelden op welke feitelijke gegevens hij die vaststelling steunt.
- Geen enkele bepaling of algemeen rechtsbeginsel verplicht de strafuitvoeringsrechter te antwoorden op stukken.
- Uit het enkele feit dat de strafuitvoeringsrechter geen melding maakt van door een veroordeelde ingediende stukken, volgt niet dat hij die stukken niet in aanmerking heeft genomen.
- In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
- Er blijkt niet dat het vonnis beperkt is tot “het eenvoudigweg overschrijven van de beweegredenen waarop ook het eerste verzoek reeds werd afgewezen”. In zoverre mist het middel feitelijke grondslag.
- Met de redenen die het vonnis bevat, stelt het vast dat de in artikel 98/13, derde lid, Wet Strafuitvoering bedoelde tegenaanwijzing voorhanden is en vermeldt het de feitelijke elementen voor dat oordeel. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 6,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Eric Van Dooren, Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 14 april 2026 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260414.2N.22 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20251209.2N.10 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div