id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 30 maart 2026 EC
Art. 1648
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 2 De korte termijn, bepaald in artikel 1648 Oud Burgerlijk Wetboek, kan worden geschorst wegens ernstige onderhandelingen met het oog op het bereiken van een minnelijke regeling; zodra het duidelijk is dat een minnelijke schikking uitgesloten is, begint de korte termijn opnieuw te lopen
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: KOOP Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1648
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 3 De geleverde zaak is niet conform de overeenkomst wanneer de zaak zichtbaar afwijkt van de overeenkomst zodanig dat dit bij of onmiddellijk na de levering door een aandachtig maar normaal onderzoek kan worden ontdekt
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: KOOP Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1604
, eerste lid - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 4 De aanvaarding van de levering is de eenzijdige rechtshandeling waarmee de koper erkent dat de verkoper een zaak heeft geleverd die met de overeenkomst in overeenstemming is en vrij is van zichtbare gebreken; de koper die de levering afkeurt, dient dit zo snel mogelijk te doen; de koper die de geleverde zaak aanvaardt, kan geen vordering meer instellen op grond van het gebrek aan overeenstemming van de geleverde zaak, onder voorbehoud van de vordering op grond van een koopvernietigend gebrek overeenkomstig artikel 1648 Oud Burgerlijk Wetboek
(1)
(2).
(1)Zie concl. OM.
(2)Cass. 12 februari 2021, AR C.20.0203.N-C.20.0214.N, ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210212.1N.9. Thesaurus CAS: KOOP Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1604
- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 5 De aanvaarding van de levering kan uitdrukkelijk of stilzwijgend zijn; een stilzwijgende aanvaarding vereist een omstandig stilzwijgen, dat wil zeggen dat uit de gedragingen van de koper de zekere wil blijkt om de geleverde zaak als in overeenstemming met de overeenkomst te aanvaarden; zij vereist dat de koper de mogelijkheid heeft gehad om de geleverde zaak te keuren; de rechter oordeelt in feite over het bestaan van een stilzwijgende aanvaarding, rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: KOOP Wettelijke bepalingen: oud
Art. 1604
, eerste lid - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Tekst van de conclusie C.25.0117.N Conclusie van advocaat-generaal VANDERLINDEN:
- Het cassatieberoep van eiseres is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel gewezen op 18 oktober
- Er worden twee middelen aangevoerd.
- Wat betreft het eerste middel. A. Eerste onderdeel. (…) B. Tweede onderdeel. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Inzake de toepassing van artikel 1648 Oud Burgerlijk Wetboek wens ik te verwijzen naar de rechtspraak van Uw Hof inzonderheid betreft dit Uw arrest van 23 maart
- Uw Hof oordeelde toen dat de rechter “vrij de ‘korte tijd’ [beoordeelt] binnen welke de koper de rechtsvordering op grond van verborgen gebreken moet instellen, rekening houdende met alle omstandigheden van de zaak, met name de aard van het verkochte, de aard van het gebrek, de gebruiken, de hoedanigheid van partijen en de door hen verrichte buitengerechtelijke en gerechtelijke handelingen, zoals het vorderen van een gerechtelijk deskundigenonderzoek”
(1). De rechter beoordeelt in feite en derhalve onaantastbaar of de rechtsvordering op grond van koopvernietigende gebreken binnen een korte tijd is ingesteld
(2). De visie van Uw Hof wordt onderschreven door de rechtsleer
(3). De reden van het aspect “korte tijd” is te vinden in de bewijsproblematiek en dit zowel in hoofde van de koper, aantonen dat het gebrek bestond op het moment van de aankoop, als in hoofde van de verkoper, om net het tegendeel te kunnen bewijzen waardoor er geen vrijwaring is in zijnen hoofde. Een aspect waarover Uw Hof zich nog niet heeft dienen uit te spreken is of er een schorsing is van die “korte tijd” wanneer er tussen de partijen onderhandelingen lopen om het geschil op te lossen door een minnelijke regeling. De rechtsleer is deze visie genegen.
(4)Dit standpunt moet inderdaad onderschreven worden. Indien de betrokken partijen op een ernstige wijze, onderling, ingevolge onderhandelingen trachten het probleem op te lossen dan moeten de nodige omgevingsfactoren desbetreffend worden gecreëerd zodat die mogelijkheid van, en de ruimte voor, onderhandelingen bestaat. Een verder tikkende “korte tijd” zou dit in de weg staan. Dus gedurende het tijdvak dat deze ernstige onderhandelingen duren dient te worden aangenomen dat de “korte tijd” geschorst is. Of er al dan niet sprake is van “ernstige onderhandelingen” betreft een beoordeling in feite van de bodemrechter. Derhalve verantwoordt de appelrechter naar recht zijn oordeel dat de korte tijd van artikel 1648 overschreden is, en dus de vordering onontvankelijk is op grond van de vaststellingen en beoordelingen die hij doet in de randnummers 28, 39 en 40 van de bestreden beslissing waarbij hij, in randnummer 41, oordeelt dat er geen sprake is van onderhandelingen. 3. Wat betreft het tweede middel. Daar waar het tweede onderdeel van het eerste middel betrekking had op verborgen gebreken, toepassing artikel 1643 Oud Burgerlijk Wetboek, handelt het tweede middel over het aspect niet-conforme levering, dus artikel 1604 Oud Burgerlijk Wetboek en betreft dus de zichtbare gebreken. Uit de rechtspraak van Uw Hof komt het scharniermoment voor een vordering op grond van deze onderscheiden types van gebreken duidelijk naar voor. Zo oordeelde Uw Hof nog recent: “Het verborgen gebrek is het gebrek dat de koper bij de levering niet kon of niet moest kunnen vaststellen. Wanneer de verkochte zaak door een verborgen gebrek is aangetast, kan de koper alleen de rechtsvordering tot vrijwaring voor verborgen gebreken instellen en niet de rechtsvordering wegens niet-nakoming van de verbintenis om de zaak te leveren conform de verkochte zaak”
(5). Derhalve, eenmaal er sprake is van aanvaarding en dus een conforme levering kan er enkel nog een vordering worden gesteld op grond van verborgen gebreken. A. Eerste onderdeel. Of er sprake is van een conforme levering wordt bepaald door de al dan niet aanvaarding hiervan. De aanvaarding van een levering betreft een eenzijdige rechtshandeling waarmee door de koper erkend wordt dat de geleverde zaak in overeenstemming is met de overeenkomst en dat er geen sprake is van zichtbare gebreken. In tegenstelling tot wat geldt voor verborgen gebreken, ex artikel 1648, is er voor de niet aanvaarding van een levering geen sprake van de omschrijving van een termijn waarbinnen dit dient te gebeuren. Het is evenwel voor de hand liggend dat zo er sprake is van een niet-conforme levering de koper dit zo spoedig mogelijk dient te melden aan de verkoper
(6). Eén en ander is, ook hier, ingegeven door de bewijsproblematiek ter zake. Immers door alzo op te treden geeft dit de koper de mogelijkheid om duidelijk aan te tonen dat er inderdaad sprake is van een niet-conforme levering terwijl de verkoper in staat wordt gesteld om alsnog de conformiteit ervan te bewijzen. Het laten verstrijken van een te lange tijd maakt dat het voor de beide partijen problematisch wordt om het desbetreffende bewijs te leveren. Nu de aanvaarding kan uitdrukkelijk of stilzwijgend zijn
(7). Uit de rechtsleer komt naar voor dat deze stilzwijgende toestemming omstandig dient te zijn dus een stilzwijgen dat niet voor een andere interpretatie vatbaar is
(8). Dus een handeling/houding waaruit blijkt dat de koper, na verificatie van de zaak, te kennen geeft dat hij de levering aanvaardt. Of er al dan niet sprake is van een stilzwijgende aanvaarding is een feitenkwestie
(9). In die zin kan een rechter dus uit het gegeven dat een koper, na de levering, zonder het formuleren van een reserve of enige andere kennisgeving aan de verkoper, een zaak gebruikt er wijzigingen aanbrengt, … afleiden dat er sprake is van een stilzwijgende aanvaarding van de levering. Op grond van de vaststellingen en beoordelingen die de appelrechter doet in de randnummers 20, 21, 26, 36, 40, 45 en 47 van de bestreden beslissing oordeelt de rechter dat eiseres impliciet maar zeker de levering heeft aanvaard. Doordat er sprake is van een stilzwijgende aanvaarding verantwoordt de appelrechter naar recht zijn oordeel dat de vordering op grond van zichtbare gebreken en niet-conforme levering, ongegrond is. In zoverre kan het onderdeel niet worden aangenomen. De aangevoerde tegenstrijdigheid betreft een juridische tegenstrijdigheid, waardoor het onderdeel dat enkel de schending van artikel 149 Grondwet aanvoert niet ontvankelijk is. B. Tweede onderdeel. (…) Conclusie: verwerping. _______________________________________________________
(1)Cass. 23 maart 1984, AR 4132, AC 1983-84, nr. 424.
(2)Cass. 29 januari 1987, AR 7635, AC 1986-87, nr. 313.
(3)J. HERBOTS, S. STIJNS, E. DEGROOTE, W. LAUWERS en I. SAMOY, “Bijzondere overeenkomsten. Overzicht van rechtspraak (1995-1998)”, TPR 2002, pag. 181; S. MARYSSE, “Artikel 1648 BW” in Bijzondere overeenkomsten, Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Mechelen, Kluwer 2016, nrs. 26-28; B. TILLEMAN, Overeenkomsten, Deel 2, Bijzondere overeenkomsten, A, Koop, Deel 2, Gevolgen van de koop in Beginselen van Belgisch privaatrecht, Mechelen, Kluwer 2022, pag. 481; B. TILLEMAN, S. DE REY, N. VAN DAMME en F. VAN DEN ABEELE, “Overzicht van rechtspraak, Bijzondere overeenkomsten, Koop (2007-2020)”, TPR 2020, pag. 1395.
(4)B. TILLEMAN, o.c. in Beginselen van Belgisch privaatrecht, Mechelen, Kluwer 2022, pag. 489; zie ook: M. EKELMANS, “Le bref délai d’intentement de l’action en garantie des vices cachés” in De l’importance de la définition en droit, Brussel, Bruylant 1999, 235, nr. 11; J. HERBOTS, S. STIJNS, E. DEGROOTE, W. LAUWERS en I. SAMOY, “Overzicht”, TPR 2002, pag. 183S. MARYSSE, “Artikel 1648 BW”, o.c., nrs. 16-20; B. TILLEMAN, S. DE REY, N. VAN DAMME en F. VAN DEN ABEELE, “Overzicht”, TPR 2020, pag. 1403.
(5)Cass. 4 maart 2024, AR C.22.0308.N, ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240304.3N.3; J. DEL CORRAL, “Een verborgen non-conformiteit ontsnapt niet aan de korte termijn uit artikel 1648 oud BW betreffende de ontbindingsvordering wegens koopvernietigend gebrek”, noot onder Cass. 6 januari 2022, RW 2021-22, pag. 1664 en S. DE REY en S. DECLERCQ, “De aanvaarding als scharnierpunt tussen de vordering wegens niet-conforme levering en de vordering wegens verborgen gebreken bij koop” (noot onder Cass. 21 februari 2021 en Cass. 6 januari 2022), T.Not. 2022, pag. 775.
(6)Cass. 12 februari 2021, AR C.20.0203.N-C.20.0214.N, ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210212.1N.9.
(7)S. MARYSSE, “Artikel 1648 BW” in Bijzondere overeenkomsten, Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Mechelen, Kluwer, 2016, nr. 78 en S. DE REY en S. DECLERCQ, o.c., pag. 778.
(8)S. MARYSSE, o.c., nr. 80 en S. DE REY en S. DECLERCQ, o.c., pag. 778.
(9)S. MARYSSE, o.c., nr. 81. PDF document ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260330.3N.9 Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260330.3N.9 citeert: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210212.1N.9 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240304.3N.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div