← België

ECLI:BE:CTBRL:2005:ARR.20050103.4

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidshof van Brussel Vonnis/arrest van 03 januari 2005 ECLI nr: ECLI:BE:CTBRL:2005:ARR.20050103.4 Rolnummer: 46025 Rechtsgebied: Invoerdatum: 2005-10-17 Raadplegingen: 106 - laatst gezien 2026-07-02 03:27 Fiche De vergoeding wegens hulp van derden kan slechts worden toegekend vanaf de consolidatie. Dit wordt zowel door de rechtsleer (Van Den Aveyne, Guide permanent titre III chap III, 530) als door de rechtspraak (Arbeidshof Bergen 19.03.1990, JTT 1991, 215) aanvaard. Vanaf de consolidatiedatum is er een stabilisatie van de toestand van de getroffene en kan er overgegaan worden tot de evaluatie van zijn blijvende nood aan hulp van een derde. Gezien de deskundige geen hulp van derden noodzakelijk acht na de consolidatiedatum, en de hulp van derden voor de consolidatiedatum niet kan toegekend worden, is er geen enkele hulp van derden verschuldigd. Vrije woorden: BEROEPSRISICO'S - ARBEIDSONGEVALLEN IN DE PRIVE SEKTOR - Wet van 10.04.1971, art. 24 - Hulp van derden - Slechts verschuldigd vanaf de datum van consolidatie. Wettelijke bepalingen: Wet - 10-04-1971 - 24 - 01 ELI link Pub nr 1971041001 Annotaties Publicaties: JOURNAL DES TRIBUNAUX DU TRAVAIL - VAN DEN AVEYNE - 1991(P.215) Tekst van de beslissing Rep.Nr_________ ARBEIDSHOF TE BRUSSEL &§9472;&§9472;&§9472;&§9472;&§9472;&§9472;&§9472;&§9472;&§9472; ARREST OPENBARE TERECHTZITTING VAN 3 JANUARI

  1. 5de KAMER Arbeidsongeval Op tegenspraak Definitief INZAKE : ETHIAS, voorheen de Onderlinge Maatschappij der Openbare Besturen, met maatschappelijke zetel gevestigd te 3500 HASSELT, Prins Bisschopsingel
  2. Appellante, vertegenwoordigd door Mr M. DAL loco Mr J. DE MAN, advocaat te Schoten. TEGEN: B. R., Geïntimeerde, vertegenwoordigd door Mr C. LIEKENDAEL loco Mr P. NELISSEN GRADE, advocaat te Leuven. x x x Na beraad, spreekt het Arbeidshof te Brussel het hiernavolgend arrest uit: Gelet op de stukken der rechtspleging, inzonderheid : - het voor eensluidend verklaard afschrift van het vonnis gewezen door de Eerste Kamer van de Arbeidsrechtbank te Leuven op 29 juni 2004, op tegenspraak; - het verzoekschrift in hoger beroep ontvangen ter griffie van het Arbeidshof te Brussel op 29 oktober 2004; Gehoord de partijen in hun middelen en beweringen op de openbare terechtzitting van 6 december 2004, waarna de debatten gesloten werden. x x x Feiten en procedurevoorgaanden Op 24 november 1986 werd de de heer B. het slachtoffer van een arbeids-ongeval ten gevolge waarvan hij zeer ernstige letsels opliep. Bij gebreke aan overeenstemming tussen partijen met betrekking tot de gevolgen van dit arbeidsongeval werd de zaak aanhangig gemaakt bij procesverbaal van vrijwillige verschijning voor de Arbeidsrechtbank te Leuven op 9 februari
  3. Bij vonnis uitgesproken op 9 maart 1999 van de Eerste Kamer van Arbeidsrechtbank te Leuven werd Dr. R. aangesteld met de gebruikelijke opdracht. De deskundige legde zijn verslag neer op 19 november
  4. De deskundige kwam tot het besluit dat de heer B. volgende arbeidsongeschiktheden kende : een tijdelijke arbeidsongeschiktheid van 100 % van 25 november 1986 tot en met 30 november 1996, een tijdelijke arbeidsongeschiktheid van 80 % van 1 december 1996 tot en met 15 mei 2002; - datum van consolidatie : 16 mei 2002, een bestendige arbeidsongeschiktheid van 65 %, de hulp van derden was nodig voor 10 % tot 31 augustus 1999; zijn letsels zoals deze bestaan bij de heer B. geven aanleiding tot spontane en moeilijk te behandelen pijnen zijn aanvaardbaar en de behandelingskosten hiervan zijn voor rekening van de verzekeraar arbeidsongevallen evenals bijzondere behandelingen zoals deze van 24.8.2001 mits dit gebeurt aan een redelijk ritme, dit is deze die jaarlijks of tweemaal per jaar redelijkerwijs kan worden verwacht. Met het bestreden vonnis bekrachtigt de Arbeidsrechtbank volledig de besluiten van de deskundige. x x x Beoordeling
  5. Ontvankelijkheid van het hoger beroep Er wordt geen betekening van het bestreden vonnis overgelegd . Het verzoekschrift is regelmatig naar vorm en werd ingesteld binnen de daartoe wettelijk bepaalde termijn, wat overigens niet wordt betwist. Het is derhalve ontvankelijk. x x x
  6. Ten gronde Appellante stelt terecht hoger beroep in tegen het bestreden vonnis uitsluitend wat betreft de vordering tot vergoeding van hulp van derden aangezien de eerste rechter ten onrechte de vergoeding wegens hulp van derden toekende van 10 % tot 31 augustus
  7. De vergoeding wegens hulp van derden kan slechts worden toegekend vanaf de consolidatie. Dit wordt zowel door de rechtsleer (Van Den Aveyne, Guide permanent titre III chap III ", 530) als door de rechtspraak (Arbeidshof Bergen 19.03.1990, JTT 1991, 215) aanvaard. Vanaf de consolidatiedatum is er een stabilisatie van de toestand van de getroffene en kan er overgegaan worden tot de evaluatie van zijn blijvende nood aan hulp van een derde. Gezien de deskundige geen hulp van derden noodzakelijk acht na de consolidatiedatum, en de hulp van derden voor de consolidatiedatum niet kan toegekend worden, is er geen enkele hulp van derden verschuldigd. Het hoger beroep komt voor als zijnde gegrond. x x x OM DEZE REDENEN : En al deze hierin impliciet vervat; Het Arbeidshof, Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, zoals tot op heden gewijzigd, inzonderheid op artikel 24; Rechtsprekend op tegenspraak, Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond; Vernietigt het bestreden vonnis uitsluitend op het punt waar deze een vergoeding voor hulp van derden toekende voor 10 % tot 31 augustus 1999; En opnieuw recht sprekend; Zegt dat geen hulp van derden verschuldigd is; Legt de kosten van onderhavig geding ten laste van appellante op grond van artikel 68 van de wet van 10 april 1971; Deze kosten werden tot op heden door geen der partijen begroot; Aldus gewezen en uitgesproken op de openbare terechtzitting van de 5de Kamer van het Arbeidshof te Brussel op 3 januari 2005, waar aanwezig waren : Mevr. B. CEULEMANS, Raadsheer, De Heren : J. VAN HOLM, Raadsheer in sociale zaken als werkgever, P. MANS, Raadsheer in sociale zaken als werknemer - arbeider, D. DE RAEDT, Griffier, PDF document ECLI:BE:CTBRL:2005:ARR.20050103.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.