← België

ECLI:BE:CTBRL:2008:ARR.20080218.7

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidshof van Brussel Vonnis/arrest van 18 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:CTBRL:2008:ARR.20080218.7 Rolnummer: 43.738 Rechtsgebied: Sociale-zekerheidsrecht Invoerdatum: 2010-12-08 Raadplegingen: 153 - laatst gezien 2026-07-02 17:03 Versie(s): Vertaling FR Fiche De werknemer die vanwege de adviserend geneesheer van het ziekenfonds de toestemming verkreeg om op basis van een beperkt uurrooster een activiteit te hervatten, kan niet worden gelijkgesteld met gepensioneerden die, binnen de wettelijke grenzen, toegestane arbeid verrichten, en ook niet met een deeltijdse werknemer. Derhalve dienen artikelen 37 en 37bis van de Arbeidsongevallenwet niet te worden toegepast. In dit geval is de referteperiode onvolledig en dient men te verwijzen naar artikel 36, §

  1. UTU-thesaurus: SOCIAAL RECHT - SOCIALE ZEKERHEID - Arbeidsongeval - Basisloon Vrije woorden: BEROEPSRISICO'S - ARBEIDSONGEVALLEN IN DE PRIVE SEKTOR - Basisloon - Hervatting van arbeid - Toestemming van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds - Beperkt uurrooster. Wettelijke bepalingen: Wet - 10-04-1971 - 36,§1 - 01 ELI link Pub nr 1971041001 Wet - 10-04-1971 - 37 - 01 ELI link Pub nr 1971041001 Wet - 10-04-1971 - 37bis - 01 ELI link Pub nr 1971041001 Nota: Gerangschikt onder VI A artt. 36, § 1, 37 en 37bis. Gepubliceerd in SRK 2009, p.
  2. Annotaties Publicaties: Sociaalrechtelijke kronieken - - 2009(331-332) Chroniques de droit social - - 2009(331-332) Tekst van de beslissing Rep.Nr. ARBEIDSHOF TE BRUSSEL ARREST OPENBARE TERECHTZITTING VAN 18 FEBRUARI
  3. 5DE KAMER Arbeidsongeval Tegensprekelijk Definitief In de zaak : N.V. FORTIS AG, met maatschappelijke zetel gevestigd te 1000 BRUSSEL, E. Jacqmainlaan
  4. Appellante, vertegenwoordigd door Mr. S. PETEN, advocaat te Brussel. Tegen : C. J.-A., wonende te [xxx]. Geïntimeerde, vertegenwoordigd door Mr K. TIMMERMAN, advocaat te Leuven.    Na beraad, spreekt het Arbeidshof te Brussel het hiernavolgend arrest uit : Gelet op de stukken van rechtspleging, inzonderheid: - het voor eensluidend verklaard afschrift van het vonnis gewezen op tegenspraak door de 1ste Kamer van de Arbeidsrechtbank te Leuven d.d. 19 november 2002; - het verzoekschrift in hoger beroep ontvangen ter griffie van het Arbeidshof te Brussel d.d. 7 januari 2003; - het tussenarrest van dit Hof d.d. 5 december 2005; - de besluiten na tussenarrest van de partijen; Gehoord de partijen in hun middelen en verdediging ter openbare terechtzitting van 21 januari 2008 waarna de debatten gesloten werden. Gelet op de neergelegde stukken.    Gelet op het arrest gewezen op tegenspraak door de 5de kamer van het Arbeidshof te Brussel op 5 decem-ber 2005 waarbij de debatten werden heropend aange-zien de zaak niet in staat was voor wat betrof de berekening van het basisloon. Gelet op de besluiten van de geïntimeerde partij ontvangen ter griffie op 15 februari
  5. Gelet op de besluiten van de appellante partij ont-vangen ter griffie op 16 mei
  6. Het hoger beroep strekte zich uitsluitend uit tot de berekening van het basisloon. De eerste rechter had beslist dat het basisloon diende te worden berekend in toepassing van artikel 36 § 1 van de wet op de arbeidsongevallen op basis van de voltijdse presta-ties van de heer C. J.-A.. Uit de stukken van het dossier blijkt dat de heer C. J.-A. in dienst is getreden van de Garage Hof-lijk PVBA op 1 januari 1977 en dat deze voltijdse arbeidsovereenkomst (zie pensioenrekening) werd overgedragen van rechtswege ingevolge de CAO 32 bis op de NV Hoflijk vanaf 1 januari
  7. Aangezien geen nieuwe deeltijdse arbeidsovereenkomst tussen partijen werd aangegaan, vermeldt het tewerk-stellingsattest terecht dat de heer C. J.-A. nog steeds voltijds tewerkgesteld was als arbeider bij zijn werkgever. De tewerkstelling van de heer C. J.-A. vanaf 1984 a rato van twaalf uren per week inge-volge toelating van de adviserend geneesheer van de mutualiteit op grond van artikel 100 § 2 van de ge-coördineerde wet van 14 juli 1994 verandert hieraan niets. De oorspronkelijke arbeidsovereenkomst voor voltijdse prestaties is blijven bestaan maar werd geschorst door de ziekte van geïntimeerde waarna de werkgever slechts de uren diende te betalen die ef-fectief door de betrokkene werden gepresteerd. Het overige werd bijgepast door de mutualiteit. Appellante meent ten onrechte dat de bepalingen van de artikelen 37 en 37 bis van de arbeidsongevallen-wet per analogie kunnen worden toegepast. De bepalingen van de wet van 10 april 1971 zijn van openbare orde. De bepalingen van artikel 37 van de wet op de arbeidsongevallen kunnen niet naar analo-gie worden toegepast (Cassatie 30 juni 1976 JTT 1977,102). Uitzonderingen op de algemene regel die-nen steeds bij een wet van openbare orde restrictief te worden toegepast. Er is evenmin aanleiding tot het stellen van een prejudiciële vraag aangezien de categorie van de gepensioneerden of uitkeringgenie-ters krachtens een sociaal zekerheids- of sociale voorzorgstelsel als gepensioneerde niet te vergelij-ken is met de categorie van de niet gepensioneerden, waaronder de werknemers tewerkgesteld in een vol-tijdse betrekking dewelke met een arbeidsongeschikt-heidsgraad van meer dan 66 % volgens de gecoördi-neerde ZIV-wet met toestemming van de adviserend ge-neesheer van de mutualiteit nog een toegelaten ar-beid, zoals in casu 12 u per week mogen verrichten. Artikel 37 AOW, ook na haar wetswijziging in 1989, had geen andere bedoeling dan deze strikt te beper-ken tot de gepensioneerden, zoals blijkt uit de be-woordingen van artikel 37 AOW waarbij andermaal let-terlijk wordt verwezen naar het stelsel van "toege-laten arbeid voor gepensioneerden." Er kan dan ook niet worden afgeweken van het alge-meen stelsel van de artikelen 34, 35 en 36 van de arbeidsongevallenwet voor de berekening van het ba-sisloon in hoofde van de heer C. J.-A., waarbij in casu enkel artikel 36 § 1 WAO van toepassing is. Artikel 34 2de lid WAO bepaalt uitdrukkelijk dat de referteperiode maar volledig is wanneer de werknemer gedurende dat ganse jaar arbeid heeft verricht over-eenkomstig de arbeidstijdregeling, die krachtens de wet of gebruikt in de onderneming, geldt als vol-tijds arbeidsregeling. Van dit wettelijk vermoeden kan slechts worden afgeweken voor zover hiertoe uit-drukkelijke afwijkingsbepalingen zijn voorzien. Dit is niet het geval voor voltijds tewerkgestelden die na een periode van ziekte toelating krijgen van de adviserend geneesheer van de mutualiteit tot het verrichten van een bepaalde arbeid. Bij een onvolledige referteperiode dient het basis-loon te worden aangevuld zoals bepaald in artikel 36 § 1 van de arbeidsongevallenwet. Het basisloon voor een voltijds uurrooster bedraagt bijgevolg 269.785 x 100 : 31,6 (12 u = 31,6 % van een voltijds 38 u uurrooster)= 853.750 BEF. zijnde euro 21.163,
  8.    OM DEZE REDENEN : En alle andere hierin impliciet vervat, Het Arbeidshof, Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, zoals tot op heden gewij-zigd, inzonderheid op artikel 24; Recht sprekend op tegenspraak; Het tussenarrest verder uitwerkend; Verklaart het hoger beroep ontvankelijk doch niet gegrond; Bevestigt het bestreden vonnis in al zijn onderde-len; Verder recht sprekend op grond van artikel 1068 lid 2 van het Ger. Wb.; Bepaalt het in acht te nemen basisloon voor de bere-kening van de wettelijke vergoedingen inzake ar-beidsongeval op euro 21.163,91; Veroordeelt appellante tot de kosten van het hoger beroep tot op heden begroot op : - voor appellante partij : niet begroot, - voor geïntimeerde partij : euro 145,78 rechtsplegingsvergoeding hoger beroep (ba-sisbedrag), Aldus gewezen en uitgesproken op de openbare te¬rechtzitting van de 5de kamer van het Arbeidshof te Brussel op 18 februari 2008, waar aanwezig waren : Mevr. B. CEULEMANS: Eerste Voorzitter. De Heren : I. VAN DAMME: Raadsheer in Sociale Zaken als werkgever. P. MANS : Raadsheer in Sociale Zaken als werknemer-arbeider. D. DE RAEDT: Grif¬fier. I. VAN DAMME P. MANS D. DE RAEDT B. CEULEMANS PDF document ECLI:BE:CTBRL:2008:ARR.20080218.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.