id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Arbeidshof van Brussel Vonnis/arrest van 04 december 2018 ECLI nr: ECLI:BE:CTBRL:2018:ARR.20181204.7 Rolnummer: 2017/AB/560 Rechtsgebied: Strafrecht - Arbeidsrecht Invoerdatum: 2019-04-10 Raadplegingen: 126 - laatst gezien 2026-06-28 04:58 Fiche Constitutieve elementen Voor de ingeroepen sociaalrechtelijke misdrijven is geen bijzonder opzet vereist, zodat het volstaat dat het misdrijf uit onachtzaamheid wordt gepleegd, hetgeen betekent dat de inbreuk op de strafwet niet doelbewust gebeurt, doch uit een gebrek aan voorzichtigheid. In het sociaal strafrecht wordt het schuldbegrip op een bijzondere manier geconcretiseerd, m.n. door de figuur van de normaal vooruitziende werkgever, die geacht wordt de regels van het sociaal recht te kennen en na te leven Het ontbreken van het moreel bestanddeel van het misdrijf kan voortvloeien uit het aannemelijk maken door de dader van een schuldverschoningsgrond, in welk geval de benadeelde de afwezigheid van deze schuldopheffingsgrond moet aantonen. Dwaling, overmacht en noodtoestand kunnen als dergelijke rechtvaardigingsgrond worden ingeroepen. Onwetendheid wordt niet als schuldopheffingsgrond beschouwd Feestdagenloon en vakantiegeld op uitbetaalde motivatiepremies Het Hof van Cassatie heeft geoordeeld dat eindejaarspremies, alsmede gelijksoortige of daarmee vergelijkbare voordelen, zoals o.m. productiviteitspremies loon zijn in de zin van art. 2 van de loonbeschermingswet en in aanmerking komen voor de berekening van sociale zekerheidsbijdragen; dergelijke voordelen kunnen niet beschouwd worden als een gift of een andere liberaliteit; indien de werkgever enig voorbehoud maakt omtrent de toekenning, kan dit voorbehoud alleen betrekking hebben op de toekenning of de omvang ervan in de toekomst. (Cass.20-4-1977 met conclusie OM (RW 1977-78, 1871 en W. VAN EECKHOUTTE, De grote arresten van het Hof van Cassatie in sociale zaken, Antwerpen, Maklu, 1996, 168-183, arrest 27) De uitbetaalde motivatiepremies werden duidelijk toegekend als tegenprestatie voor de door de werknemer verrichte arbeid en hadden, ongeacht de benaming in de arbeidsovereenkomst, het karakter van loon, dat in aanmerking moest genomen worden voor de berekening van feestdagenloon en vakantiegeld bij toepassing van art 14 feestdagenwet en art 8 feestdagenbesluit en art 38 en 39 vakantiebesluit. Het materieel element van de ingeroepen misdrijven staat voor deze onderdelen buiten kijf. Door de onderbrekingen tijdens verschillende jaren kan geen voortgezette niet betaling van deze onderdelen van de vordering m.b.t. betaling van vakantiegeld en feestdagenloon worden vastgestel en kan enkel betaling gevorderd worden voor de niet verjaarde periode. Gevorderde motivatiepremies Het moreel element van het misdrijf wegens niet tijdig betalen van loon is niet bewezen . In welke mate er nog een achterstal zou openstaan stond op basis van de door de werknemer uitgewerkte formule helemaal niet vast, wat volgt uit de 4 scenario's van de door de arbeidsrechtbank aangestelde deskundige, zodat de lasthebber van de werkgever minstens een schuldopheffingsgrond aannemelijk maakt, zonder dat de werknemer er in slaagt de schuld ten genoege van recht aan te tonen. UTU-thesaurus: STRAFRECHT - STRAFRECHT - ALGEMENE BEGINSELEN - Misdrijven - Constitutieve elementen SOCIAAL RECHT - ARBEID - Loon - Loonbescherming - Loonbegrip SOCIAAL RECHT - ARBEID - Loon - Loonbescherming - Strafbepalingen Vrije woorden: Feestdagenwet art 14 feestdagenbesluit art 8 Vakantiebesluit art 38-39 Loonbeschermingswet art 2 Tekst van de beslissing <> PDF document ECLI:BE:CTBRL:2018:ARR.20181204.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.