← België

ECLI:BE:GHCC:2021:ARR.152

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Grondwettelijk Hof (Arbitragehof) Vonnis/arrest van 21 oktober 2021 ECLI nr: ECLI:BE:GHCC:2021:ARR.152 Vervangt nummer: ECLI:BE:GHCC:2021:ARR.20211021.8 Arrest- Rolnummer: 152/2021 Rechtsgebied: Constitutioneel recht Invoerdatum: 2021-11-10 Raadplegingen: 385 - laatst gezien 2026-06-19 17:13 Versie(s): Versie FR Versie DE Fiche UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - GRONDWETTELIJK HOF - Vernietigingsbevoegdheid (Grondwettelijk Hof) Vrije woorden: Beroep tot vernietiging van de artikelen 1 en 2 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2020 « houdende wijziging van het decreet van 13 juli 2016 betreffende de studie diergeneeskunde », ingesteld door de vzw « Fédération des Étudiant(e)s Francophones ». Franse Gemeenschap - Hoger onderwijs - Studies diergeneeskunde - Voorwaarden inzake de toegang tot blok 2 van het programma van de eerste cyclus - Wijziging van de toegangsvoorwaarden - Terugwerkende kracht. Wettelijke bepalingen: Decreet Franse Gemeenschap - 22-10-2020 - 1 - 06 ELI link Pub nr 2020031613 Decreet Franse Gemeenschap - 22-10-2020 - 2 - 06 ELI link Pub nr 2020031613 Tekst van de beslissing Rolnummer 7607 Arrest nr. 152/2021 van 21 oktober 2021 ARREST __________ In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 1 en 2 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2020 « houdende wijziging van het decreet van 13 juli 2016 betreffende de studie diergeneeskunde », ingesteld door de vzw « Fédération des Étudiant(e)s Francophones ». Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit voorzitter L. Lavrysen, de rechters M. Pâques, Y. Kherbache, T. Detienne, D. Pieters en S. de Bethune, en, overeenkomstig artikel 60bis van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, emeritus voorzitter F. Daoût, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder voorzitterschap van emeritus voorzitter F. Daoût, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 22 juni 2021 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 24 juni 2021, heeft de vzw « Fédération des Étudiant(e)s Francophones », bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. J. Bourtembourg, advocaat bij de balie te Brussel, beroep tot vernietiging ingesteld van de artikelen 1 en 2 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2020 « houdende wijziging van het decreet van 13 juli 2016 betreffende de studie diergeneeskunde » (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 29 oktober 2020). Op 6 juli 2021 hebben de rechters-verslaggevers M. Pâques en Y. Kherbache, met toepassing van artikel 72, eerste lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, het Hof ervan in kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht voor te stellen het onderzoek van de zaak af te doen met een arrest gewezen op voorafgaande rechtspleging. Geen enkele memorie werd ingediend. De bepalingen van voormelde bijzondere wet van 6 januari 1989 met betrekking tot de rechtspleging en het gebruik van de talen werden toegepast. II. In rechte -A- A.

  1. De vzw « Fédération des Étudiant(e)s francophones » merkt op dat bij het arrest nr. 82/2021 van 3 juni 2021 het Hof heeft geoordeeld, in antwoord op een prejudiciële vraag, dat de artikelen 1 en 2 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2020 « houdende wijziging van het decreet van 13 juli 2016 betreffende de studie diergeneeskunde » (hierna : het decreet van 22 oktober 2020) de artikelen 10, 11 en 24, § 3, eerste zin, van de Grondwet, in samenhang gelezen met het algemeen beginsel van de niet-retroactiviteit van de wetten, schenden in zoverre zij een terugwerkende kracht toekennen aan de verlenging van de gevolgen van artikel 4 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 13 juli 2016 « betreffende de studie diergeneeskunde » (hierna : het decreet van 13 juli 2016) tot na het academiejaar 2019-
  2. De verzoekende vereniging meent te doen blijken van het belang dat is vereist bij artikel 4, tweede lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof om de vernietiging van die decretale bepalingen te vorderen. In dat verband herinnert zij eraan dat, volgens haar statuten, haar doel erin bestaat « een hoger onderwijs te bevorderen dat met name gericht is op de volledige ontplooiing van de menselijke persoonlijkheid en van het besef van haar waardigheid, en dat bijdraagt tot een betere naleving van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden ». Zij voegt eraan toe dat één van haar statutaire doelstellingen de verdediging is van de « belangen van de studenten die zijn ingeschreven aan de instellingen voor hoger onderwijs in de Franse Gemeenschap van België ». A.
  3. Het enige middel van de verzoekende vereniging is afgeleid uit de schending van de artikelen 10, 11 en 24, § 3, eerste zin, van de Grondwet, in samenhang gelezen met het algemeen beginsel van de niet-retroactiviteit van de wetten. Zij voert aan dat de terugwerkende kracht die de artikelen 1 en 2 van het decreet van 22 oktober 2020 toekennen aan de verlenging van de gevolgen van artikel 4 van het decreet van 13 juli 2016, niet onontbeerlijk is voor het bereiken van een doel van algemeen belang. Zij verwijst in dat verband naar de overwegingen B.10 en B.11 van het arrest nr. 82/
  4. -B- B.
  5. Bij het arrest nr. 150/2021 van 21 oktober 2021, heeft het Hof de artikelen 1 en 2 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2020 « houdende wijziging van het decreet van 13 juli 2016 betreffende de studie diergeneeskunde » vernietigd in zoverre zij een terugwerkende kracht toekennen aan de verlenging van de gevolgen van artikel 4 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 13 juli 2016 « betreffende de studie diergeneeskunde » tot na het academiejaar 2019-
  6. B.
  7. Het onderhavige beroep heeft dus geen voorwerp meer. Om die redenen, het Hof verwerpt het beroep. Aldus gewezen in het Frans, het Nederlands en het Duits, overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, op 21 oktober
  8. De griffier, De voorzitter, F. Meersschaut F. Daoût PDF document ECLI:BE:GHCC:2021:ARR.152 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

KI-Erklärung auf Basis des amtlichen Gesetzestextes. Orientierend, ersetzt keine Rechtsberatung.