id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Grondwettelijk Hof (Arbitragehof) Vonnis/arrest van 03 februari 2022 ECLI nr: ECLI:BE:GHCC:2022:ARR.020 Arrest- Rolnummer: 20/2022 Rechtsgebied: Constitutioneel recht Invoerdatum: 2022-10-13 Raadplegingen: 341 - laatst gezien 2026-06-19 17:12 Versie(s): Versie FR Versie DE Fiche Thesaurus CAS: GRONDWETTELIJK HOF UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - GRONDWETTELIJK HOF Vrije woorden: het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing van de ordonnantie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 oktober 2021 « betreffende de uitbreiding van het COVID Safe Ticket in geval van noodzakelijkheid voortvloeiend uit een specifieke epidemiologische situatie », ingesteld door de vzw « Droits et libertés ». Voorafgaande rechtspleging - Beroep tot vernietiging - Klaarblijkelijke niet-ontvankelijkheid Tekst van de beslissing Grondwettelijk Hof Arrest nr. 20/2022 van 3 februari 2022 Rolnummer : 7679 In zake : het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing van de ordonnantie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 oktober 2021 « betreffende de uitbreiding van het COVID Safe Ticket in geval van noodzakelijkheid voortvloeiend uit een specifieke epidemiologische situatie », ingesteld door de vzw « Droits et libertés ». Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer, samengesteld uit voorzitter P. Nihoul, en de rechters-verslaggevers J.-P. Moerman en J. Moerman, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 16 november 2021 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 18 november 2021, heeft de vzw « Droits et libertés », bijgestaan en vertegenwoordigd door Mr. R. Bokoro N’Saku, advocaat bij de balie te Brussel, een beroep tot vernietiging en een vordering tot schorsing ingesteld van de ordonnantie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 oktober 2021 « betreffende de uitbreiding van het COVID Safe Ticket in geval van noodzakelijkheid voortvloeiend uit een specifieke epidemiologische situatie » (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 14 oktober 2021). Op 24 november 2021 hebben de rechters-verslaggevers J.-P. Moerman en J. Moerman, met toepassing van artikel 71, eerste lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, de voorzitter ervan in kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht aan het Hof, zitting houdende in beperkte kamer, voor te stellen een arrest te wijzen waarin wordt vastgesteld dat het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing klaarblijkelijk niet ontvankelijk zijn. De verzoekende partij heeft een memorie met verantwoording ingediend. De bepalingen van voormelde bijzondere wet van 6 januari 1989 met betrekking tot de rechtspleging en het gebruik van de talen werden toegepast. 2 II. In rechte -A- De vereniging zonder winstoogmerk « Droits et libertés » preciseert dat het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing die zijn gericht tegen diverse bepalingen van de ordonnantie van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 oktober 2021 « betreffende de uitbreiding van het COVID Safe Ticket in geval van noodzakelijkheid voortvloeiend uit een specifieke epidemiologische situatie », werden ingesteld ter uitvoering van een beslissing van haar raad van bestuur die op 15 juni 2021 is genomen. De verzoekende vereniging voegt een afschrift van die beslissing bij haar verzoekschrift. In hun conclusies zijn de rechters-verslaggevers van oordeel dat die beslissing niet kan worden beschouwd als een geldige beslissing in de zin van artikel 7, derde lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, aangezien zij is genomen op een ogenblik dat noch het samenwerkingsakkoord van 14 juli 2021, dat de bestreden ordonnantie beoogt uit te voeren, noch het voorontwerp van ordonnantie dat aan de oorsprong van de ordonnantie van 14 oktober 2021 ligt, reeds bestonden. Daarop antwoordt de verzoekende vereniging dat het Hof ervan dient af te zien haar te verzoeken om het bewijs dat het het bevoegde orgaan van die vereniging is dat heeft beslist om het beroep tot vernietiging en de vordering tot schorsing van verscheidene bepalingen van de ordonnantie van 14 oktober 2021 in te stellen, omdat haar advocaat wordt vermoed daartoe over een mandaat te beschikken. -B- B.
Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.