id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Antwerpen Vonnis/arrest van 25 januari 2006 ECLI nr: ECLI:BE:HBANT:2006:ARR.20060125.2 Rolnummer: 975P2005 Rechtsgebied: Invoerdatum: 2006-05-04 Raadplegingen: 95 - laatst gezien 2026-07-01 04:07 Fiche Het uit humanitaire overwegingen geen huuropzeg betekenen voor een onbewoonbaar verklaarde woning aan een gezin waarvoor het O.C.M.W. niet dadelijk een andere geschikte woning vindt, is een overmachtsituatie die een rechtvaardigingsgrond vormt in de zin van artikel 71 van het strafwetboek. Vrije woorden: Rechtvaardigingsgrond - artikel 71 strafwetboek - overmacht Tekst van de beslissing ...1. Op strafgebied Overwegende dat na nieuw onderzoek ter terechtzitting door het Hof, en door de stukken van het dossier, de schuld van de beklaagden aan de feiten hen ten laste gelegd en zoals hiervoor gepreciseerd niet bewezen zijn;Overwegende dat de N.V. F. H. waarvan S. C. afgevaardigd bestuurder is, het kwestieuze pand aankoopt bij akte verleden door notaris V. C. met standplaats te Lier op 27.09.01; dat deze akte uitdrukkelijk vermeldt dat het aangekochte pand verhuurd is (stuk 18, akte p.3 in fine) en dat de verkoper geen kennis heeft dat deze woning is geregistreerd als verwaarloosd, ongeschikt en onbewoonbaar in de zin van het decreet van de Vlaamse raad 22.12.1995 (zie akte stuk 18, p.6);Overwegende dat beklaagde S. vervolgens na de aankoop geconfronteerd is met een lopende procedure tot onbewoonbaarverklaring van het pand; dat het pand onbewoonbaar is verklaard op 27.11.01;Overwegende dat beklaagde S. vervolgens herhaaldelijk telefonisch contact opneemt met het OCMW (die de huur rechtstreeks betaalt aan de N.V. F. H. sinds januari 2002 tot januari 2003) met het verzoek dat de huurders het pand moeten verlaten zodat de renovatiewerken konden worden aangevat; dat het OCMW dit niet betwist en zich engageert om voor de huurders, een Kosovaars gezin bestaande uit 9 kinderen en hun ouders een nieuwe woonst te zorgen; dat het OCMW erkent dat zij veelvuldige en aanhoudende inspanningen heeft gedaan om een nieuwe woonst te vinden doch zonder resultaat; dat uiteindelijk pas in augustus 2003 het OCMW een oplossing heeft door zelf een woning aan te kopen en ter beschikking te stellen van dit groot gezin; Overwegende dat beklaagden zich dan ook in een overmachtsituatie bevinden doordat zij na de aankoop plots geconfronteerd zijn met een onbewoonbaarverklaring van de woning, vervolgens bereid zijn om renovatiewerken uit te voeren doch om humanitaire redenen geen huuropzeg betekenen in de hoop dat het OCMW in korte tijd een nieuwe woning vindt voor dit groot gezin;Dat derhalve beklaagden gedwongen zijn buiten hun wil om dit groot Kosovaars gezin in dit onbewoonbaar verklaard huis te laten wonen zodat in hoofde van beklaagden de opgeworpen rechtvaardigingsgrond in de zin van art. 71 SW waarachtig en geloofwaardig voorkomt en beklaagden derhalve worden vrijgesproken;Overwegende dat gelet op de vrijspraak in hoofde van beklaagden, het Hof de schriftelijke vordering van het Openbaar Ministerie tot verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen op grond van art. 43 bis SW. afwijst;... PDF document ECLI:BE:HBANT:2006:ARR.20060125.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.