← België

ECLI:BE:HBANT:2008:ARR.20080326.2

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Antwerpen Vonnis/arrest van 26 maart 2008 ECLI nr: ECLI:BE:HBANT:2008:ARR.20080326.2 Rolnummer: 1040 P 2004 Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2008-12-18 Raadplegingen: 73 - laatst gezien 2026-07-02 17:15 Fiche Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen is geen beoordelingsgrond voor de redelijkheid van de herstelvordering. Ten einde de wettigheid van de herstelvordering te toetsen is de rechter niet gehouden het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, dat een beleidsdocument op verschillende niveaus is waarvan de bepalingen bindend kunnen zijn voor de instellingen die er onder ressorteren, toe te passen op grond van het decreet van 18 mei

  1. De bewering dat de herstelvordering onwettig is door geen rekening te houden met het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen is voorbarig en niet aangetoond. Het Ruimtelijk Uitvoeringsplan Vlaanderen, dat de gewestplannen dient te herzien teneinde het agrarisch gebied af te bakenen en te verminderen, is nog niet opgesteld waardoor nog niet met zekerheid vaststaat of de herstelvordering met betrekking tot het betrokken perceel de bindende bepalingen van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen schendt. Het feit dat de overheid niet binnen een redelijke termijn zijn decretale verplichting uitvoert, is irrelevant om de redelijkheid van de herstelvordering te beoordelen. Het feit dat de vermindering van de agrarische gebieden is opgenomen in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, impliceert niet dat alle bestaande gewestplanbestemmingen 'agrarisch gebied' achterhaald zijn en om deze reden de herstelvordering onredelijk zou zijn. Om dezelfde reden houdt het Hof geen rekening met de omzendbrief RO/2005/01 die een zogenaamde administratieve afbakening inhoudt van de agrarische gebieden. UTU-thesaurus: STRAFRECHT - BIJZONDERE STRAFWETTEN - Algemeen (bijzondere strafwetten) Vrije woorden: Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw - herstelvordering -wettigheid - redelijkheid - Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen - Ruimtelijk Uitvoeringsplan Vlaanderen - agrarisch gebied Wettelijke bepalingen: Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - 99 Decreet Vlaamse Raad - 18-05-1999 - 149 Tekst van de beslissing ... Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (afgekort RSV) is geen beoordelingsgrond om de redelijkheid van de herstelvordering te beoordelen en hiermede moet geen rekening worden gehouden. Art. 18 DRO bepaalt uitdrukkelijk dat een ruimtelijk structuurplan een beleidsdocument is dat op verschillende niveaus wordt gemaakt (Vlaams Gewest, provinciaal en gemeentelijk) waarvan de bepalingen kunnen bindend zijn voor de instellingen die ressorteren onder deze niveaus. Ten onrechte leidt beklaagde af uit art. 19 §6 DRO dat om de redelijkheid van de herstelvordering te beoordelen de rechter het RSV moet toepassen. Art. 149 DRO laat de rechter toe om de herstelvordering op haar externe en interne wettigheid te toetsen en te onderzoeken of ze conform de wet is dan wel op machtsoverschrijding of machtsafwending berust. Teneinde deze wettigheid te toetsen is de rechter niet gehouden het RSV toe te passen op grond van het decreet ruimtelijke ordening van 18 mei
  2. De bewering dat de gemachtigde ambtenaar bij het instellen van deze herstelvordering op 22.01.07 geen rekening hield met het RSV waardoor de herstelvordering onwettig zou zijn, is voorbarig en niet aangetoond. Op grond van art. 19 §5 DRO dient de overheid maatregelen te nemen om ruimtelijke uitvoeringsplannen in overeenstemming te brengen met het ruimtelijk structuurplan. Dit Ruimtelijk Uitvoeringsplan Vlaanderen dat de gewestplannen dient te herzien teneinde het agrarisch gebied af te bakenen en te verminderen met 56.000 ha op grond van de decreten van 16.12.96 en 19.03.04, is nog niet opgesteld zodat nog niet met zekerheid vaststaat of de herstelvordering met betrekking tot dit perceel de bindende bepalingen van het RSV schendt. Het feit dat de overheid nalaat deze decretale verplichting uit te voeren binnen een redelijke termijn, is irrelevant om de redelijkheid van deze herstelvordering door de rechter te beoordelen. Bijkomend dient het Hof niet te oordelen op welke wijze deze afbakening van het agrarisch gebied dient te gebeuren omdat dit maatregelen zijn die door de bevoegde overheid worden genomen. Het feit dat een vermindering van de agrarische gebieden met 56.000 ha in het RSV is opgenomen, impliceert niet dat alle bestaande gewestplanbestemmingen "agrarisch gebied" achterhaald zijn en om deze reden deze herstelvordering onredelijk zou zijn. Immers tot op heden staat het niet vast of het kwestieuze perceel van beklaagde al dan niet wordt opgenomen in de nieuwe afbakening van het agrarisch gebied. Om dezelfde reden houdt het Hof dan ook geen rekening bij de beoordeling van de redelijkheid van de herstelvordering met de omzendbrief RO/2005/01 die een zogenaamde administratieve afbakening inhoudt van de agrarische gebieden. ... Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.