id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Antwerpen Vonnis/arrest van 14 mei 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBANT:2009:ARR.20090514.23 Rolnummer: B 482/05 BB Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2010-01-25 Raadplegingen: 104 - laatst gezien 2026-07-02 19:45 Fiche Uit de samenlezing van §§ 2, 3 en 4 art. 674bis Ger.W. volgt immers dat, ingeval een gerechtelijk onderzoek werd gevorderd, het verzoek tot rechtsbijstand voor de afgifte van geschriften uit het dossier dient te worden gebracht voor de voorzitter van de raadkamer wanneer de procureur des Konings de regeling van de rechtspleging vordert en dat het verzoek, op straffe van verval, uiterlijk op de eerste zitting van de raadkamer moet worden gebracht. UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - JURIDISCHE BIJSTAND - Rechtsbijstand Vrije woorden: Strafprocesrecht - gerechtelijk onderzoek - afschrift strafdossier - rechtsbijstand - eerste zitting raadkamer - vervaltermijn Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 674bis Nota: Cassatievoorziening verworpen bij arrest van 10 november 2009, P090830N : Artikel 674bis,§10 Ger.W. bepaalt dat tegen de beslissingen betreffende de rechtsbijstand voor het bekomen van afschriften van stukken uit het strafdossier geen cassatieberoep mogelijk is. Tekst van de beslissing Het Hof van Beroep, zitting houdende op 14 mei 2009 te Antwerpen, Kamer van Inbeschuldigingstelling (...) 1.
- Bij beschikking van de raadkamer van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 16 oktober 2008 werd verzoekster verwezen naar de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, zetelende in correctionele zaken. 1.
- Verzoekster vroeg bij verzoekschrift gedateerd op 3 maart 2009 rechtsbijstand tot kosteloze afgifte van de stukken van het strafdossier. 1.
- Dit verzoek werd door de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, rechtdoende in correctionele zaken, afgewezen bij beschikking van 17 maart
- 1.
- Tegen deze beschikking werd door verzoekster hoger beroep ingesteld op 18 maart
- (...) 3.
- De bestreden beschikking is nietig bij gebrek aan uitspraak in openbare terechtzitting. Het hof kan echter, rechtsgeldig gevat zijnde over de zaak, zelf beslissen. 3.
- Na nieuw onderzoek door het hof van beroep, kamer van inbeschuldigingstelling, dient te worden vastgesteld dat het initiële verzoek niet ontvankelijk was. Uit de samenlezing van §§ 2, 3 en 4 art. 674bis Ger.W. volgt immers dat, ingeval een gerechtelijk onderzoek werd gevorderd, het verzoek tot rechtsbijstand voor de afgifte van geschriften uit het dossier dient te worden gebracht voor de voorzitter van de raadkamer wanneer de procureur des Konings de regeling van de rechtspleging vordert en dat het verzoek, op straffe van verval, uiterlijk op de eerste zitting van de raadkamer moet worden gebracht. Het verzoek van C. W. werd pas ingediend na de regeling van de rechtspleging en is bijgevolg onontvankelijk, want buiten de bij de wet - op straffe van verval - bepaalde termijnen ingediend. (...) PDF document ECLI:BE:HBANT:2009:ARR.20090514.23 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div