id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Antwerpen Vonnis/arrest van 03 februari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:HBANT:2010:ARR.20100203.1 Rolnummer: 2009EV53 Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2010-02-17 Raadplegingen: 111 - laatst gezien 2026-07-02 21:20 Fiche In een procedure op eenzijdig verzoekschrift is slechts de verzoeker partij zodat uitsluitend zij in de kosten kan verwezen worden en in geen enkel geval een derde die onmogelijk de in het ongelijk gestelde partij kan zijn in de zin van art. 1017 Ger.W. UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Uitgaven en kosten (gerechtelijk recht) - Rechtsplegingsvergoeding Vrije woorden: Procedure op eenzijdig verzoekschrift - Gerechtskosten - Rechtsplegingsvergoeding Tekst van de beslissing Procedure
- Gelet op de door de wet vereiste processtukken, in behoorlijke vorm overgelegd, waaronder de bestreden beschikking, waarvan zich geen kennisgeving ervan bij gerechtsbrief in het dossier van de rechtspleging bevindt, alsmede het verzoekschrift neergelegd op 04.12.2009, waarmee een naar vorm en termijn regelmatig en ontvankelijk hoger beroep werd ingesteld. Voorwerp van de vorderingen
- Het hoger beroep strekt ertoe, bij hervorming van de bestreden beschikking, appellante eveneens te machtigen tot het leggen van bewarend beslag op onroerende goederen lastens de heer V. V. S., dit tot zekerheid van een bedrag van euro 261.500,90, en de beide voorgehouden schuldenaars, heren V. S. en V. H., te veroordelen tot de kosten van het geding, inbegrepen de rechtsplegingsvergoedingen, begroot op euro 2.500,00 per persoon en per aanleg. Bespreking
- Appellante blijft volledig in gebreke aan te tonen dat m.b.t. de heer V. S. voldaan is aan de urgentievereiste van art. 1413 Ger.W. Hiervoor is vereist dat de solvabiliteit van de voorgehouden debiteur in het gedrang komt zodat de latere uitwinning gevaar loopt. De beslaglegger draagt de bewijslast daarvan. Vage geruchten over de mogelijke insolvabiliteit van de schuldenaar volstaan daartoe niet (zie o.m. (Dirix, E. en Broeckx, K., Beslag, A.P.R., 2001, nr. 427, p. 270-271).
- Uit het verhoor van de heer V. S. d.d. 04.06.2009 door de Lokale Polite Neteland blijkt dat deze erkende een niet nader gespecificeerd bedrag aan appellante verschuldigd te zijn. Uit de voorgebrachte objectieve gegevens blijkt echter geenszins voldoende dat de heer V. S. zou deelgenomen hebben aan de malversaties, zoals ook de eerste rechter in de bestreden beschikking op goede gronden, hier voor herhaald gehouden, oordeelde.
- Verder worden ook geen andere afdoende elementen aangebracht waaruit blijkt dat appellantes voorgehouden schuldvordering gevaar loopt.
- De bestreden beschikking dient dan ook bevestigd, zij het deels op andere gronden. De kosten
- Volkomen ten onrechte vordert appellante veroordeling van de beide voorgehouden schuldenaars in de gerechtskosten van beide instanties, inclusief de rechtsplegingsvergoedingen. Behoudens andersluidende bepalingen, die er in casu niet zijn, kunnen slechts de in het ongelijk gestelde partijen in de gerechtkosten verwezen worden (art. 1017 Ger.W.). Welnu in een procedure op eenzijdig verzoekschrift, zoals deze, is slechts de verzoeker partij zodat uitsluitend zij in de kosten kan verwezen worden en in geen enkel geval een derde die zelfs geen partij is. (zie o.m. Brussel 09.06.2008, R.W. 2008-09, p. 872; Voet, S., R.W. 2007-08, p. 1131, nr. 6; Samoy en Sagaert, R.W. 2007-08, p. 684-685, nr. 36)
- Er is dan ook geen aanleiding om de voorgehouden schuldenaars te verwijzen in de gerechtskosten.
- Nu het hoger beroep ongegrond is, dient appellante verwezen in de kosten ervan. OM DIE REDENEN: HET HOF, na beraad, Recht sprekend na behandeling van de zaak in raadkamer; Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935; Ontvangt het hoger beroep doch verklaart dit ongegrond; Bevestigt de bestreden beschikking; Verwijst appellante in de gedingkosten van het hoger beroep. Aldus gedaan en uitgesproken in Raadkamer van de 3e kamer op : DRIE FEBRUARI TWEEDUIZENDENTIEN waar aanwezig waren : J.M. WETSELS Voorzitter B. LUYTEN Raadsheer D. VAN OVERLOOP Raadsheer N. VAN DE VIJVER Griffier PDF document ECLI:BE:HBANT:2010:ARR.20100203.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.