← België

ECLI:BE:HBGNT:2007:ARR.20070328.22

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 28 maart 2007 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2007:ARR.20070328.22 Rolnummer: 2007/JZ/34 Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2008-04-03 Raadplegingen: 98 - laatst gezien 2026-07-02 15:29 Fiche UTU-thesaurus: BURGERLIJK RECHT - JEUGDRECHT - Jeugdbeschermingswet - Maatregelen - T.a.v. minderjarige Vrije woorden: Jeugdbescherming -- als misdrijf omschreven feit -- plaatsing in De Grubbe -- uitbreidende vordering bij verlenging van de plaatsing -- op bais van andere feiten -- Wet van 1 maart 2002 Tekst van de beslissing het hof van beroep te Gent, Vijftiende kamer, recht doende in jeugdzaken, in nakoming van de wet van 8 april 1965 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

  1. nr. Y.M.
  2. nr. Y.K. * * * Ten aanzien van de minderjarige werden volgende voorafgaande beslissingen genomen: · vonnis jeugdrechtbank Dendermonde dd. 13.03.2003 · beschikking jeugdrechtbank Dendermonde dd. 13.06.2006 · arrest Hof van beroep Gent dd. 28.06.2006 · beschikking jeugdrechtbank Dendermonde dd. 13.07.2006 · vonnis jeudrechtbank Dendermonde dd. 31.10.2006 ***** Bij beschikking van de jeugdrechtbank van Dendermonde dd. 8 maart 2007 met inachtneming van o.a. de volgende overwegingen: " M. bevestigt zijn verklaringen afgelegd aan de politiediensten en ontkent zijn betrokkenheid met betrekking tot de hem ten laste gelegde feiten. Uit het strafdossier blijkt dat de minderjarige betrokken was met een zeer zware vechtpartij met ernstige verwondingen tot gevolg vnl. in hoofde van A.F.. Hij ontkent evenwel een messteek te hebben toegebracht. ..... Het feit dat M. reeds eerder werd veroordeeld en sindsdien regelmatig opnieuw voor de Jeugdrechter dient te verschijnen, wijst op een zeer gevaarlijk gedrag en baart de Jeugdrechtbank zorgen. M. trekt geen lessen uit het verleden, noch uit eerder bevolen maatregelen. Het thuismilieu lijkt onvoldoende ondersteunend om te voorkomen dat de minderjarige zou hervallen in problematisch gedrag. ..... werd als volgt beslist: Vertrouwen voornoemde minderjarige toe aan het Centrum De Grubbe te 3078 Everberg, Hollestraat 78 vanaf heden tot 13 maart 2007, zijnde de vijfde dag na onderhavige beschikking. Bepalen dat voornoemde minderjarige opnieuw voor ons ambt zal verschijnen op dinsdag 13 maart 2007 om 15.
  3. Deze beschikking telt als enige kennisgeving hiervan. Nadien zal maandelijks uitspraak gedaan worden hetzij de intrekking, hetzij de wijziging, hetzij de handhaving van de maatregel, zonder dat de handhaving de totale termijn van twee maanden mag overschrijden. Bevelen de voorlopige tenuitvoerlegging van deze beslissing. ***** Bij beschikking van de jeugdrechtbank te Dendermonde, d.d. 13 maart 2007, met inachtneming van o.a. de volgende overwegingen: " Gelet op de bekomen inlichtingen en gezien de bijgebrachte stukken. Gelet op de uitbreiding vordering dd. 13 maart 2007 waarbij M. wordt verdacht van: " te L .op XX/XX/XXXX als dader-mededader door middel van geweld of bedreiging een handtas met inhoud die hem niet toebehoorde bedrieglijk weggenomen te hebben, met de verzwarende omstandigheid dat de diefstal gepleegd werd bij nacht door twee of meer personen en de schuldige - om zijn diefstal te vergemakkelijken of zijn vlucht te verzekeren - gebruik maakte van een voertuig of enig ander al dan niet met een motor aangedreven tuig." A. Met betrekking tot de tenlastelegging poging doodslag. De Rechtbank herneemt uitdrukkelijk de overwegingen opgenomen in de beschikking van 8 maart
  4. De minderjarige blijft ontkennen betrokken te zijn m.b.t. de hem ten laste gelegde feiten. Sinds de voorleiding op 8 maart jl. legde M. een bijkomende verklaring af nopens de vechtpartij en de omstandigheden in dewelke F. zichzelf verwond heeft met zijn eigen mes. Op 10 maart jl. was F. in staat om een verklaring af te leggen waarbij hij stelde dat M. met een mes in zijn buik heeft gestoken. Op basis van het huidig strafdossier zijn er nog steeds voldoende ernstige aanwijzingen van de betrokkenheid van M. m.b.t. de hem ten laste gelegde feiten. B. Met betrekking tot de tenlastelegging diefstal met geweld en verzwarende omstandigheden. De minderjarige bevestigt zijn verklaringen afgelegd aan de politiediensten. Hij ontkent zijn betrokkenheid m.b.t. de hem ten laste gelegde feiten en stelt dat hij op dat ogenblik in het buitenland was. Afgezien van de behandeling van de zaak ten gronde zijn er op basis van de huidige gegevens van het strafdossier m.n. de verklaring van het slachtoffer met persoonsbeschrijving van haar belagers en het feit dat zij M. formeel herkende uit het fotodossier, op heden voldoende aanwijzingen van zijn betrokkenheid m.b.t. de hem ten laste gelegde feiten. ..... De cumulatieve voorwaarden bepaald in art. 3 van de Wet van 1 maart 2002 zijn nog steeds vervuld. Bovendien baart het repetitief karkater in het plegen van feiten door deze jongen zoals uitgebreid uiteengezet in de beschikking van 8 maart 2007 de Jeugdrechtbank zorgen. Er zijn eveneens aanwijzingen van zijn betrokkenheid bij het plegen van nieuwe strafbare feiten, zodat er redenen bestaan om te vrezen dat deze jongen - wanneer hij in vrijheid zou worden gesteld - opnieuw feiten zou plegen. ..... werd als volgt beslist: " Handhaven de maatregel van plaatsing vanaf heden tot 13 april
  5. Bepalen dat voornoemde minderjarige opnieuw voor ons ambt zal verschijnen op vrijdag 13 april 2007 om 10 uur dit voor zover als nodig en mocht de minderjarige op dat ogenblijk in het centrum De Grubbe te Everberg aanwezig zijn. Deze beschikking telt als enige kennisgeving hiervan. Bepalen verder dat voornoemde minderjarige, van zodra mogelijk, zal worden toevertrouwd aan een gesloten afdeling van een gemeenschapsinstelling (Ruiselede of Mol) of naar een andere geschikte voorziening. Bevelen de voorlopige tenuitvoerlegging van deze beslissing. * * * Tegen deze beschikking werd hoger beroep ingesteld: · op 14.03.2007, voor en namens Y.M., minderjarige, tegen al de bepalingen ervan · op 15.03.2007, voor en namens Y.K., vader van de minderjarige, tegen al de bepalingen ervan * * * Werden gehoord in openbare terechtzitting in het Nederlands en buiten de aanwezigheid van andere minderjarigen: · Y.M., minderjarige, in zijn middelen van verdediging, in persoon, bijgestaan door Mr W. Van Steenbrugge, advocaat te Gent en Mr K. Derveaux, advocaat te Dendermonde · Y.K., vader van de minderjarige, in zijn middelen van verdediging, in persoon, bijgestaan door Mr J. Vanden Abeele, advocaat te Dendermonde · Het openbaar ministerie, in zijn mondelinge conclusies, bij monde van eerste advocaat-generaal C. Maes * * * De hoger beroepen zijn tijdig en regelmatig naar de vorm ingesteld. Het is gegrond. De zaak werd rechtsgeldig aanhangig gemaakt door de vordering van 8 maart 2007 van de Procureur des Konings van Dendermonde. Deze vordering werd genomen op basis van art. 36, 4° Jb. Er is echter niet voldaan aan de vereisten van de wet van 1 maart 2002 betreffende de voorlopige plaatsing van minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd. Er zijn met name in het huidige stadium van de zaak niet voldoende ernstige aanwijzingen van schuld in hoofde van de minderjarige. Dat dient te worden afgeleid uit de stukken 16, 53 en 104 van de strafinformatie. In die omstandigheden kan er geen toepassing meer gemaakt worden van de wet van 1 maart
  6. Op 13 maart 2007 nam de Procureur des Konings van Dendermonde een uitbreidende vordering. Die vordering werd genomen op basis van andere feiten dan die van de vordering van 8 maart
  7. Die uitbreidende vordering vermag niet om de wet van 1 maart 2002 toch toepasbaar te maken. Nieuwe feiten vervat in een andere vordering kunnen alleen leiden tot een nieuwe initiële voorlopige maatregel. Een nieuwe vordering kan met andere woorden niet voor het eerst tot een plaatsing in de Grubbe leiden voor één maand, maar slechts voor 5 dagen. In de huidige zaak is geen initiële maatregel aan de orde maar slechts de eerste verlenging van een reeds bestaande maatregel. Omdat er niet voldoende ernstige aanwijzingen van schuld zijn kan ook een plaatsing in een gesloten afdeling van een Gemeenschapsinstelling voor Bijzondere Jeugdzorg (art; 52, quater Jb.) niet overwogen worden. Dit alles belet niet dat de handel en wandel van de minderjarige verder moet gevolgd worden. Dat moet gebeuren via de onderstaande voorlopige maatregel. Er blijkt geen plaats beschikbaar te zijn in een residentiële omgeving. Om geen leemte te veroorzaken in de hulpverlening dient dit arrest voorlopig uitvoerbaar te zijn. OM DEZE REDENEN HET HOF, op tegenspraak, Gelet op Art. 24 Wet 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtzaken Art. 162 - 190 - 211 Sv Art. 36, 4° - 37, § 2 - 44 - 45, 2° - 46 - 52 - 52, bis - 54 - 55 - 56 - 58 - 60 - 61 - 62 - 71 Wet 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming De door de eerste rechter aangehaalde wetsartikelen Al deze wetsbepalingen ter zitting van heden voorgebracht door de voorzitter, Ontvangt de hoger beroepen en erover oordelend. Verklaart ze gegrond. Doet dientengevolge de bestreden maatregel teniet en opnieuw wijzende. Ontslaat de minderjarige met onmiddellijke ingang van verder verblijf in De Grubbe. Stelt hem bij voorlopige maatregel onder toezicht van de Sociale Dienst van de Vlaamse Gemeenschap bij de Jeugdrechtbank van Dendermonde. Gebiedt de minderjarige om daarbij volgende voorwaarden in acht te nemen: · Stipt naar school gaan · Zich houden aan de richtlijnen van de consulent · Geen wapens dragen · Zich ter beschikking houden van de politiediensten Laat de kosten van deze procedure in hoger beroep ten laste van de Staat Verklaart dit arrest voorlopig uitvoerbaar Aldus uitgesproken in openbare terechtzitting van achtentwintig maart tweeduizend en zeven. Aanwezig: S. Oplinus, kamervoorzitter, jeugdrechter in hoger beroep, C. Maes, eerste advocaat-generaal J. Dammekens, griffier Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.