← België

ECLI:BE:HBGNT:2007:ARR.20070625.4

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 25 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2007:ARR.20070625.4 Rolnummer: 2007/AR/1274 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2007-08-21 Raadplegingen: 113 - laatst gezien 2026-07-02 15:51 Fiche UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Vennootschappen - Algemene beginselen Vrije woorden: Vennootschappen - geschillenregeling - wederzijds gevorderde uitsluiting waarvoor wederzijds gegronde redenen gelden, zodat de betwistingen beslecht worden op grond van de belangen van de vennootschap - overdracht van de aandelen vooraleer uitspraak kan gedaan worden over de overnameprijs - overdracht van de aandelen aan een vennoot die slecht over één aandeel beschikt zoals overeengekomen door de overnemende eisers. Tekst van de beslissing in de zaak van : KS, zaakvoerder van vennootschap, wonende te .... appellant, hebbende als raadsman mr. Philippe De Vleeschauwer, advocaat met kantoor te 9840 De Pinte, Hemelrijkstraat 1, tegen

  1. N.V. ABIP, met maatschappelijke zetel te 9667 Horebeke, Kromstraat 1a en met ondernemingsnummer 0455.065.008,
  2. IDC, bediende, wonende te .... geïntimeerden, hebbende als raadsman mr. Jo Decraeye, advocaat met kantoor te 9700 Oudenaarde, Broodstraat 4b,
  3. B.V.B.A. ABIP IMMO, met maatschappelijke zetel te 9620 Zottegem, Firmin Bogaertstraat 10 en met ondernemingsnummer 0872.107.402, geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. Johan De Koekelaere, advocaat met kantoor te 9660 Brakel, Ommegangstraat 15, velt het Hof volgend arrest :
  4. Gegevens van de zaak in beroep: 1.
  5. KS stelde op 16 mei 2007 hoger beroep in tegen de beschikking van 11 mei 2007 van de Voorzitter van de rechtbank van koophandel te Oudenaarde. Abip nv en IDC stelden in conclusie neergelegd op 14 juni 2007 incidenteel hoger beroep in. Abip Immo bvba vordert de bevestiging van het vonnis. Partijen werden gehoord in openbare terechtzitting van 18 juni
  6. Hun uitgebreide conclusies werden doorgenomen en de stukken werden ingezien. BVBA ABlP IMMO legde op 21 juni 2007 een verzoekschrift tot heropening der debatten neer dat ertoe strekt de bestuursfouten en tekortkomingen van KS nader te bewijzen. De blijvende betwistingen betreffen de wederzijdse eisen van KS enerzijds en Abip nv & IDC anderzijds tot de gedwongen overdracht van de aandelen, die respectievelijk Abip nv & IDC en KS in Abip Immo bvba hebben. Deze eisen gronden op de artikelen 334 en volgende van vennootschappenwet van 7 mei
  7. 1.
  8. De eerste rechter verklaarde de eis van ABIP NV en IDC die strekte tot de uitsluiting van KS op volgende overwegingen gegrond; hij verklaarde hiermee meteen ook de eis van KS ongegrond: ¿Het maatschappelijk kapitaal [van Abip Immo bvba] werd onderschreven en integraal volstort (...) en dit als volgt: - de heer KS: 9.900,00 EUR waarvoor 99 aandelen; - mevrouw IDC: 9.900,00 EUR waarvoor 99 aandelen; - de heer JS: 100,00 EUR waarvoor 1 aandeel; - NV ABIP: 100,00 EUR waarvoor 1 aandeel. ¿NV ABIP Immo wordt in casu bestuurd door 2 zaakvoerders die college vormen. Na oprichting van de vennootschap werd overgegaan tot benoeming van volgende niet-statutaire zaakvoerders: - de heer KS - mevrouw IDC. Bij bijzondere algemene vergadering van 29.12.2006 werd het ontslag van mevrouw Isabel De C1ercq als zaakvoerder aanvaard. Als nieuwe niet-statutaire zaakvoerder werd de heer WDP aangesteld, gedelegeerd bestuurder van NV ABIP, aandeelhouder van 1 aandeel. Dit laatste gebeurde toen er zich reeds moeilijkheden tussen de vennoten KS en JS enerzijds en IDC en NV ABIP anderzijds voordeden. Deze onenigheden namen alsmaar toe en er worden wederzijds aan elkaar fouten verweten. ¿Er is tussen partijen geen betwisting dat er duurzame, diepgaande en onherroepelijke onenigheid is tussen de aandeelhouders, waardoor elke samenwerking onmogelijk wordt en de normale werking van de vennootschap wordt lamgelegd waardoor het maatschappelijk doel niet (meer) kan worden gerealiseerd. Er bestaat duidelijk geen affectio societatis meer tussen enerzijds de aandeelhouders IDC en NV ABIP en anderzijds de aandeelhouder KS en JS daar er door beide partijen de uitsluiting van de andere partij wordt gevorderd. (...) ¿De rechtbank is van oordeel dat de fouten die partijen elkaar verwijten eerder kaderen in hun hoedanigheid van zaakvoerder en/of werknemer, dan in hun hoedanigheid van vennoot en dat anderzijds beide groepen de helft van de aandelen bezitten, zodat zij van oordeel is dat er dient nagegaan te worden welke "groep" de meeste garanties biedt voor het voortbestaan van de vennootschap. ¿De verknochtheid tussen de NV ABlP en de BVBA ABlP IMMO is zowel historisch als voor de toekomst - gezien de nog lopende projecten - onmiskenbaar. Hieromtrent wordt verwezen naar de stukken 22a, 22b, 22c, 23a en 23 b van NV ABIP. Deze verknochtheid is van belang bij de beoordeling doch eveneens determinerend, zonder hierbij afbreuk te doen aan de oprechte bedoelingen in hoofde van de vennoten S. De uitsluiting van de vennoten DC & ABIP zou gelet op deze verknochtheid enkel aanleiding kunnen geven tot het verder bestaan van onenigheden, die het voortbestaan van de vennootschap kunnen bedreigen. De vordering van de oorspronkelijke eisers kan dan ook in de hierna bepaalde mate worden toegestaan.' Daarop veroordeelde hij KS om - na ontvangst van de betaling van een provisie van 17.325,00 EUR door ABIP NV - zijn 99 aandelen in ABIP IMMO BVBA aan ABIP NV over te dragen onder de verbeurte van een dwangsom van 100,00 EUR per dag vertraging in de afgifte en per ontbrekend stuk, te rekenen vanaf ¿de 5de dag na betekening van het vonnis en de integrale betaling van de provisie als de betaling van latere datum is dan de betekening'. Verder beval hij een deskundigenonderzoek ¿om de waarde op datum van 02 april 2007 te bepalen van de 99 aandelen die KS in ABIP IMMO BVBA bezit aan de hand van diverse waarderingsmethodes die gronden op de intrinsieke waarde, de rendementswaarde en de cashflow; om advies te geven over de waarderingsmethode die het meest aangewezen voorkomt rekening houdend met de aard van de onderneming; om advies te verlenen of de waarde van de aandelen belangrijke fluctuaties heeft ondergaan in de periode vóór de inleidende dagvaarding, zijnde 02 april 2007, en of de waarde van de aandelen tussen de datum van 02 april 2007 en het opstellen van het verslag opmerkelijke veranderingen heeft ondergaan; om de eventuele oorzaak en omvang van deze waarde-veranderingen te beschrijven'. En tenslotte beval hij ABIP NV om de expertisekosten vooraf te betalen. 1.
  9. ABIP NV heeft meteen - op 22 mei 2007 - de som van 17.325 EUR op de rekening van KS overgeschreven en de bevolen overdracht van de aandelen in het aandelenregister' van ABIP IMMO BVBA ingeschreven. De resterende betwistingen betreffen nog volgende 6 punten: 1.3.
  10. KS blijft de uitsluiting van IDC & ABIP NV uit ABIP IMMO BVBA vorderen wegens volgende gegronde redenen, die hen eigen zijn en waaraan de eerste rechter zou voorbijgegaan zijn: - Waar IDC op 29 december 2006 ontslag nam als zaakvoerster en sindsdien als bediende tewerkgesteld is, gedraagt zij zich helemaal niet als bediende, maar blijft zij eigen initiatieven nemen en uitsluitend met vermelding van haar eigen gsm-nummer publiciteit voor ABIP IMMO BVBA voeren; - IDC betrekt - zonder een huurprijs te betalen en tussen te komen in de kosten van de nutsvoorzieningen - het volledig vernieuwde appartement boven de kantoorruimte van ABIP IMMO BVBA; - IDC maakte herhaaldelijk ernstige en substantiële professionele fouten; - IDC beschikt als aandeelhouster van -, en bediende in ABIP IMMO BVBA niet over het vereiste BIV erkenningnummer. - IDC houdt systematisch post achter en ontneemt hem ook dit communicatiekanaal; - ABIP NV nam ter kwader trouw een depot voor het Beneluxwoordmerk ¿ABIP IMMO BVBA', waar ABIP IMMO BVBA en niet ABIP NV over deze handelsnaam beschikt; - De afgevaardigd bestuurder van ABIP NV, zij WDP, slaagt er niet in om ABIP IMMO BVBA naar behoren te besturen; - ABIP NV en IDC laten de boekhouding en het sociaal secretariaat verzorgen door WDP (zoon van WDP), die geen zaakvoerder of vennoot is en als externe boekhouder zonder erkenningnummer optreedt; - ABIP NV en IDC houden de boekhouding van ABIP IMMO BVBA, die onregelmatig wordt bijgehouden, achter; zij laten ook na hem in te lichten van lopende juridische procedures, namen de Toshiba-computer weg die zij ook opnieuw hebben geformatteerd, ontzeggen hem de toegang tot het kantoor en verzuimen om hem zijn bezoldigingen uit te betalen. KS voert verder nog diverse tekortkomingen aan van WDP, die zelf geen vennoot is, maar zoon van de afgevaardigd bestuurder van ABIP NV en beroept zich voor het Hof ook nog op tekortkomingen die ABIP NV en IDC na de hier bestreden beschikking gesteld hebben. Hij vordert dan ook de overdracht van de aandelen waarover ABIP NV en IDC in ABIP IMMO BVBA beschikken tegen de betaling van 175 EUR per aandeel (zij de betaling van 175 EUR aan ABIP NV en van 17.325 EUR aan IDC). 1.3.
  11. ABIP NV, IDC en ABIP IMMO BVBA blijven de uitsluiting van KS vorderen wegens diverse handelingen waarmee hij de continuïteit van ABIP IMMO BVBA in het gedrang zou gebracht hebben en waarmee hij haar manifest schade zou berokkend hebben, waaronder - het achterhouden van verkoop- en verhuurcontracten en van het syndicusdossier van de Residentie ¿HH'; - het achterhouden en afwenden voor eigen gebruik van vennoot-schapsgeld; - de eenzijdige afname van 10.063,53 EUR van de exploitatie-rekening van ABIP IMMO BVBA en het zonder voorafgaand overleg aanzuiveren van de eigen rekening-courant; - het ontwikkelen van een concurrerende activiteit. Zij vorderen dan ook de gedwongen overdracht door KS van zijn aandelen in ABIP IMMO BVBA aan ABIP NV - of minstens aan IDC - tegen betaling van een provisie, die zij voor het Hof hebben herleid tot 10.896,82 EUR. Waar zij al ondertussen vrijwillig zijn overgegaan tot de uitbetaling van de provisie van 17.325,00 EUR die het bestreden vonnis weerhield, vorderen zij in conclusie neergelegd op 14 juni 2007 ook de terugbetaling van 6.428,18 EUR, vermeerderd met de intresten. 1.3.
  12. KS vordert in onderschikte orde - voor zover het Hof zijn eis die strekt tot de uitsluiting van ABIP NV en IDC niet zou weerhouden, maar de eis van ABIP NV en IDC die strekt tot de overdracht van zijn aandelen aan ABIP NV in overweging zou nemen - de afwijzing van deze eis als niet ontvankelijk. Deze eis zou bij toepassing van artikel 334 van de vennootschappen-wet niet ontvankelijk zijn, aangezien ABIP NV alleen maar over één aandeel in ABIP IMMO BVBA beschikt. Artikel 334 van de vennootschappenwet van 7 mei 1999 bepaalt dat alleen de vennoot of de vennoten die gezamenlijk over 30% van de aandelen beschikken, de eis tot overdracht van de aandelen kunnen instellen. 1.3.
  13. KS stelt dat de eerste rechter overeenkomstig artikel 338 van de vennootschappenwet alleen een overdracht van de aandelen had kunnen bevelen tegen onmiddellijke betaling van de definitieve overnameprijs. Het vonnis zou onwettig zijn, waar het de overdracht heeft bevolen vooraleer de rechter zich kon uitspreken over de overnameprijs die de gerechtelijk deskundige zal adviseren en KS aldus tegen afgifte van de aandelen de prijs hiervoor niet ontvangt. 1.3.
  14. KS stelt, dat het vonnis ten onrechte de verbeurdverklaring van een dwangsom uitgesproken heeft voor het geval dat hij niet zou overgaan tot de overdracht van zijn aandelen aan ABIP NV. De eerste rechter zou hierbij voorbijgaan zijn aan artikel 338 van de vennootschappenwet, dat bepaalt dat het vonnis als titel geldt voor het vervullen van de formaliteiten verbonden aan de overdracht. 1.3.
  15. ABIP NV en IDC stellen dat de eerste rechter hen ten onrechte heeft veroordeeld tot het voorafbetalen van de gerechtelijk deskundige. Zij vorderen dat KS tot het voorafbetalen zou veroordeeld worden.
  16. Beoordeling Het Hof onderschrijft integraal het vonnis, op de verbeurdverklaring van een dwangsom en de voorafbetaling van de gerechtelijk deskundige na. Het verwijst partijen naar de overwegingen van het vonnis die het hierboven onder punt 1.2 weerhield. Aanvullend laat het Hof alleen nog volgende overwegingen gelden. 2.
  17. De eis die ABIP NV en IDC stellen in uitsluiting van KS, is ontvankelijk. - KS betwist niet dat IDC in het bezit is van meer dan 30% van de aandelen van ABIP IMMO BVBA. Zij kan dan ook overeenkomstig artikel 334 van de vennootschappenwet van 7 mei 1999 - samen met ABIP NV die één aandeel in ABIP IMMO BVBA bezit - de eis tot uitsluiting van KS instellen. - De verdeling van de over te dragen aandelen die volgt op de uitsluiting, maakt niet langer de zaak uit van de uitgesloten vennoot. Na de uitsluiting heeft hij alleen nog belang bij de betaling van de aandelen, die hij moet overdragen. Hij heeft geen belang meer in de vennootschap zelf, waarvan hij op grond van gegronde redenen uitgesloten wordt. Hij is ook een derde wat de contractuele afspraak betreft, die de overige vennoten hebben gemaakt over de toewijzing van de aandelen die hij moet overdragen. Bij toepassing van artikel 1165 van het burgerlijk wetboek brengen overeenkomsten alleen gevolgen teweeg tussen de contracterende partijen; zij brengen aan derden geen nadeel toe en strekken hun slechts tot voordeel in het geval voorzien bij artikel
  18. Artikel 338, lid 3 van de vennootschappenwet laat dan ook binnen deze context de overname toe, zoals de vennoten overeengekomen zijn. 2.
  19. De eerste rechter beval terecht de uitsluiting van KS. - Partijen blijven erbij dat een duurzame en onherroepelijke onenigheid tussen KS en ABIP NV & IDC de verdere samenwerking in ABIP IMMO BVBA onmogelijk maakt en de werking van deze vennootschap verlamt. - Het Hof stelt vast dat partijen wederzijds gegronde redenen tegenover elkaar kunnen inroepen. Dit zeker geldt tegenover KS, die onaangekondigd zijn rekening-courant aanzuiverde en het loon dat hem nog zou verschuldigd zijn zonder verdere verrekeningen opnam. Verder wijzen de stukken 86 tot 88 die ABIP NV en IDC aan hun overtuigingsstukken hebben toegevoegd uit, dat KS een parallelle activiteit aan het ontwikkelen is. Met al deze daden geeft hij aan, dat hij geen vertrouwen meer stelde/stelt in de werking van de vennootschap en zijn medevennoten. - Van dan af beslechte de eerste rechter de wederzijdse aanspraken op de uitsluiting terecht op grond van het onderzoek ¿naar de aandeelhouder die de meeste garanties bood voor het voortbestaan van de vennootschap'. - Dit onderzoek leidt eenduidig naar ABIP NV en IDC, zoals aangegeven door de stukken 22a tot 23b in de bundel van ABIP NV, de toelichtingen op pagina's 4 en 5 van de conclusie die ABIP IMMO BVBA op 18 juni 2007 neerlegde en de stukken bijlage 1 en bijlage 4 in de bundel van ABIP IMMO BVBA. - Deze overwegingen houden in dat niet nader op het verzoek tot heropening der debatten dient te worden ingegaan. 2.
  20. Het vonnis is niet onwettig, waar het KS tot de overdracht van zijn aandelen aan ABIP NV veroordeelt tegen onmiddellijke betaling van een provisie op de waarde van de aandelen. - De geschillenregeling weerhouden in Boek VI, titel VI van de vennootschappenwet van 7 mei 1999 en waarvoor artikel 335 voorziet in een behandeling van de betwisting zoals in kortgeding door de Voorzitter, strekt ertoe om binnen korte termijn een beslissing te nemen over de uitsluiting van een vennoot en over de eventuele overdracht van zijn aandelen aan één of meerdere andere vennoten. Hiermee wilde de wetgever voorkomen dat de vennootschap in haar werking blijvend verlamd werd door de gegronde redenen, die de uitsluiting kunnen wettigen. - Het onmiddellijk bevel tot de overdracht van de aandelen - wat volgt uit de uitsluiting - draagt dan ook bij tot het doel, dat de wetgever nastreefde. De overige vennoten kunnen vanaf de overdracht - niet langer gehinderd door de gegronde redenen - het bestuur van de vennootschap volledig overnemen. Hierbij sluit aan, dat de overdragende vennoot vanaf de overdracht van zijn aandelen evenmin nog instaat voor het verder ¿wel en wee' van de vennootschap, wat impliceert dat zijn aandelen in beginsel moeten gewaardeerd worden op de dag van de overdracht. - Artikel 338 van de vennootschappenwet vereist dan ook geenszins een overdracht tegen contante betaling van de waarde van de aandelen. Het laat de rechter integendeel toe, om zowel binnen een door hem gestelde termijn te rekenen van de betekening van het vonnis enerzijds de overdracht van de aandelen te bevelen, als om eisers binnen een door hem gestelde termijn te rekenen van de betekening van het vonnis te veroordelen tot de betaling van de prijs, die hij vaststelt. Het bevel tot uitsluiting en onmiddellijke overdracht van de aandelen dat zoals in kort geding moet beslecht worden, vereist geen definitieve uitspraak over de prijs van de aandelen. Dit laatste kan hier nog meerdere maanden uitblijven, nu alle partijen het eens zijn dat zich vooraf nog een deskundigenonderzoek naar de waarde van de aandelen opdringt. De vaststelling volstaat, dat de aandeelhouder die zijn aandelen moet overdragen, gevrijwaard is voor een uiteindelijke betaling van zijn overgedragen aandelen door de vennoten, die de overname vorderden. - De partijen hebben wederzijds de overdracht van de aandelen gevorderd voor de prijs van 175 EUR per aandeel. De veroordeling tot de provisionele betaling van de over te dragen aandelen aan de wederzijds voorgestane waarde, waarborgt KS dan ook voldoende voor de betaling, die ABIP NV en IDC nog verschuldigd zouden kunnen worden na de definitieve begroting van de aandelenwaarde. 2.
  21. ABIP NV is vrijwillig overgegaan tot de uitbetaling van de provisie van 17.325,00 EUR die het bestreden vonnis weerhield. Zij bewijst op vandaag niet, dat zij met deze vrijwillige betaling een onverschuldigde betaling heeft verricht. Haar eis die strekt tot de terugbetaling van 6.428,18 EUR, vermeerderd met de intresten, komt voorlopig dan ook niet bewezen voor. Het deskundigenonderzoek dat de eerste rechter terecht heeft bevolen, kan haar eis wel nader bewijzen. 2.
  22. Het Hof veroordeelt de meest gerede partij, die van de gerechtelijk deskundige de uitvoering van het deskundigenonderzoek vordert, tot de voorafbetaling van de kosten van de gerechtelijk deskundige. Bij toepassing van artikel 1068 van het gerechtelijk wetboek verzendt het de zaak ook terug naar de eerste rechter voor een (eventuele) verdere afhandeling van de betwistingen. 2.
  23. Waar het vonnis als titel geldt voor het vervullen van de formaliteiten verbonden aan de overdracht, moet de naleving van het vonnis niet vervolgd worden onder een verbeurdverklaring van een dwangsom. BESLUITEN Het Hof verklaart - op tegenspraak en gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken - de hogere beroepen ontvankelijk, maar in grote mate ongegrond. Het bevestigt het bestreden vonnis, op de verbeurdverklaring van een dwangsom en de voorafbetaling van de gerechtelijk deskundige na. Zegt voor recht dat de meest gerede partij de onkosten- en erelonen van de gerechtelijk deskundige moet voorafbetalen. Het slaat de gedingkosten van het hoger beroep tussen partijen om en verwijst elke partij in de eigen gedingkosten van het hoger beroep. Het verzendt de zaak voor haar verdere afhandeling terug naar de eerste rechter. Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, zevende kamer, recht doende in burgerlijke zaken op vijfentwintig juni tweeduizend en zeven. Aanwezig : H. Debucquoy, kamervoorzitter, G. Vanderstichele, raadsheer, G. De la Ruelle, raadsheer, A. Ferdinande, griffier. Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.