id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 17 december 2007 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2007:ARR.20071217.7 Rolnummer: 2007/EV/83 Rechtsgebied: Overige - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2008-04-21 Raadplegingen: 76 - laatst gezien 2026-07-02 16:30 Fiche UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTERLIJKE ORGANISATIE - Inrichting en dienst rechtbanken - Rechtbank van eerste aanleg - Jeugdrechtbank GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Terechtzitting GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Behandeling van de zaak - Mededeling aan openbaar ministerie GRENSOVERSCHRIJDEND RECHT - MENSENRECHTEN - ANDERE VERDRAGEN - Verdrag van New York van 20 november 1989 - Rechten van het Kind GERECHTELIJK RECHT - RECHTSPLEGING - Inleiding van de zaak - Eenzijdig verzoekschrift Vrije woorden: Jeugdrechtbank -- civiele procedure -- eenzijdig verzoekschrift -- verplicht advies openbaar ministerie -- oproepen ter zitting -- I.V.R.K. - beide ouders moeten deelnemen aan de procedure Tekst van de beslissing 2007/EV/83 in de zaak van: B.S. verzoeker, hebbende als raadsman mr. SOETE Gérard, advocaat te 8400 OOSTENDE, Kerkstraat 8 bus 1 velt het Hof het volgend arrest: I procesgang Bij eenzijdig verzoekschrift ter griffie neergelegd op 6 december 2007 heeft verzoeker gevraagd om dwangmaatregelen te treffen tegen B.L.. Deze dwangmaatregelen zouden moeten dienen om het uitvoeren te garanderen van het vonnis van 11 oktober 2007 van de Jeugdrechtbank van Brugge 19e Kamer in een zaak tussen hem en B.L.. Verzoeker werd uitgenodigd om het verzoek te komen toelichten. Hij is verschenen bij monde van zijn raadsman. Er werd geluisterd naar het advies dat op 17 december 2007 onmiddellijk na het horen van verzoeker mondeling werd gegeven door Eerste Advocaat-Generaal Christian Maes. Verzoeker heeft na uitnodiging daartoe mondeling gereageerd op dit advies. De procedurestukken en de overtuigingstukken werden ingezien. Art. 24 Wet 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werd in acht genomen. Deze beschikking wordt genomen in raadkamer. Ook het horen van verzoeker, het advies van het openbaar ministerie en de reactie daarop geschiedden in raadkamer. De oorzaak van de vordering is het uitvoeren van het hoger vermeld vonnis. De rechtsgrond van de vordering is art. 387, ter B.W. Naar luidt van art. 765 Ger.W. kan de jeugdrechtbank of de jeugdkamer op straffe van nietigheid slechts uitspraak doen na advies van het openbaar ministerie. Het openbaar ministerie dient echter een forum te krijgen om dit advies te formuleren. Des te meer omdat er daarna evengoed toepassing moet gemaakt worden van art. 767 Ger.W. Partijen casu quo, in dit geval verzoeker dienen erop te kunnen antwoorden. Dat antwoord moet ook mondeling kunnen geformuleerd worden. Daartoe is het per definitie nodig om de verzoeker op te roepen. Daar waar art. 1028 Ger.W. slechts de mogelijkheid voorziet om verzoeker op te roepen, niet de verplichting daartoe. Het verzoek is ongegrond. Verzoeker dient aan te tonen dat het in het belang van het kind nodig is om B.L. het recht op tegenspraak te ontzeggen bij het opleggen van dwangmaatregelen. Verzoeker komt op dat punt niet verder dan te stellen dat zij tóch aan niets meewerkt. Er moet worden verwezen naar art. 9.2 I.V.R.K. Daarin wordt het principe gevestigd dat in procedures zoals deze alle betrokken partijen de gelegenheid moeten krijgen om aan die procedures deel te nemen en hun standpunt naar voor te brengen. B.L. is als moeder ongetwijfeld één van de betrokken partijen waarover art. 9.2 I.V.R.K. het heeft. Het loutere vrijwillig niet meewerken aan het uitvoeren van een vonnis is geen voldoende reden om afbreuk te doen aan art. 9.2 I.V.R.K. OM DEZE REDENEN HET HOF, Ontvangt het eenzijdig verzoekschrift en erover oordelend. Wijst het af als zijnde ongegrond. Laat de kosten verbonden aan deze procedure op eenzijdig verzoekschrift te laste van verzoeker. Aldus gewezen en uitgesproken in raadkamer van het Hof van beroep te Gent, VIJFTIENDE KAMER, zitting houdende in jeugdzaken, van ZEVENTIEN DECEMBER TWEEDUIZEND EN ZEVEN. Aanwezig: Stefaan Oplinus, Kamervoorzitter, Jeugdrechter in hoger beroep Christian Maes, Eerste Advocaat-Generaal Jenny Dammekens, Griffier Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.