← België

ECLI:BE:HBGNT:2008:ARR.20080911.9

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 11 september 2008 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2008:ARR.20080911.9 Rolnummer: 2008/EV/29 Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2008-10-09 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-07-02 17:54 Fiche UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - RECHTERLIJKE ORGANISATIE - Openbaar ministerie GERECHTELIJK RECHT - RECHTERLIJKE ORGANISATIE - Openbaar ministerie - Algemeen Vrije woorden: procespartij dient de gelegenheid te hebben om te antwoorden op het advies van het openbaar ministerie. Tekst van de beslissing VERZOEKSCHRIFT HOGER BEROEP Art. 1031 Ger. W. De heer Z.N. Mevrouw K.Z. Appellanten, Oorspronkelijk verzoekende partij, Hebbende als raadsman Mr. Marc SAMPERMANS, advocaat, met kantoor te 3500 Hasselt, Kon. Astridlaan 46; Aangezien verzoekster bij huidig verzoekschrift hoger beroep instelt tegen de beschikking van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge van. 27 mei 2008, A.R. 08/536/B,:op eenzijdig verzoekschrift.gewezen. Grieven: Verzoekers zijn afkomstig van Kosovo. Op 6 december 2006 traden verzoekers in het huwelijk to Deçan, Kosovo. Dit huwelijk werd geregistreerd. Dat de UNMIK (United Nations Mission in Kosovo) - de overgangsadministratie voor Kosovo- een certificaat van huwelijk aflevert tussen verzoekers, gekend onder nummer M

  1. (stuk 1) Dat dit certificaat gezien werd voor legalisatie te Brussel op 18 december
  2. (stuk 2) Aan de Voorzitter bij het Hof van Beroep to Gent Dames en Heren Raadsheren, Heden, 9 juni 2008 Geeft U met eerbied te kennen: Dat dit certificaat een authentieke akte van huwelijk uitmaakt. Dat verzoekers deze authentieke akte wilden laten erkennen door de stad Brugge. Op 11 januari 2008 werd echter door het College van Burgemeester en Schepenen beslist de betreffende huwelijksakte van verzoekers niet te erkennen. (stuk 3) Dat deze beslissing op 30 januari 2008 aan verzoekers werd betekend. Hierin werd melding gemaakt van de mogelijkheden voor verzoekers om tegen de beslissing in beroep te gaan. Dat dit als volgt werd beschreven "Tegen dit besluit kunt u in beroep gaan bij de Rechtbank van Eerste Aanleg en een "exequatur" vonnis uitlokken (gebaseerd op art. 23 WIPR). Dit laatste is een vonnis dat de buitenlandse akte rechtsgeldigheid kan verlenen en haar uitvoerbaar maakt in België. " (stuk 3) Dat in artikel 23 WIPR gesteld wordt dat de procedure zoals bedoeld in de artikelen 1025 tot 1034 van het Gerechtelijk Wetboek moet gevolgd worden. Dat verzoekers dan ook op basis hiervan op 7 maart 2008 een eenzijdig verzoekschrift indienden tot uitvoerbaarverklaring van het huwelijkscertificaat conform artikel 23 Wetboek houdende Internationaal Privaatrecht. Dat bij dit verzoekschrift twee stukken geïnventariseerd werden bijgevoegd. Op 27 mei 2008 volgde de thans bestreden beslissing van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge, te weten een beschikking verleend. Dat hierbij twee opmerkingen dienen gemaakt
  3. Eerst en vooral werden verzoekers, noch hun raadsman, verwittigd van het schriftelijk advies van het Openbaar Ministerie van 11 april
  4. Zij hebben thans nog steeds geen kennis van de inhoud en draagwijdte. van dit advies. Nochtans neemt de rechtbank dit advies in rekening bij de beslissing tot ongegrondheid van het verzoek van eisers. Evenmin werd melding gemaakt van de magistraat van het openbaar ministerie die zijn advies heeft gegeven wat op straffe van nietigheid is voorgeschreven in artikel 780, 1° van het Gerechtelijk Wetboek.
  5. De bestreden beslissing bevat geen motivering. Behalve de gronden en het beschikkend gedeelte moet een vonnis op straffe van nietigheid het onderwerp van de vordering vermelden alsook het antwoord op de conclusies of middelen van partijen. (art. 780,3° Ger. W.) Dat nergens uit de bestreden beslissing kan afgeleid worden op welke grond de rechtbank het verzoek van eisers afwijst. Dat na aanduiding van het onderwerp van de vordering enkel nog het volgende wordt vermeldt " De gevorderde "uitvoerbaarverklaring" van een administratieve akte is ongegrond " Dat verzoekers nu onmogelijk kunnen weten waarom het door hen ingediende verzoek is geweigerd. Het is een beginsel van behoorlijke rechtsbedeling dat er een antwoord volgt op het door partijen ingenomen standpunt, beginsel dat door de rechtbank van eerste aanleg te Brugge in haar beschikking van 27 mei 2008 geschonden werd. Dat de rechtbank zich niet heeft gehouden aan de verplichting tot het formeel met redenen omkleden (dus verantwoorden) van een beslissing. OM DEZE REDENEN En alle nog aan te halen redenen in de loop van de procedure BEHAGE HET HET HOF VAN BEROEP De vordering ontvankelijk en gegrond te verklaren. Dienvolgens de huwelijksakte van verzoekers te erkennen. Kosten als naar recht. Waarvan akte; Onder alle voorbehoud; Voor verzoekster, haar raadsman, Inventaris der stukken
  6. Huwelijksakte M0086072
  7. Bewijs legalisatie handtekening
  8. Weigeringsbeslissing stad Brugge dd. 30.01.2008
  9. Bestreden beslissing REA Brugge dd.27.05.2008 Hof van beroep te Gent 11 de quater Kamer 2008/EV/29 - In de zaak van:
  10. Z.N. eerste appellant, 2- K.Z. tweede appellante, appellanten hebbende als raadsman mr. SAMPERMANS Marc, advocaat te 3500 HASSELT, Koningin Astridlaan 46, velt het hof het volgend arrest: Bij verzoekschrift, neergelegd ter griffie van dit hof op 10 juni 2008, hebben appellanten hoger beroep ingesteld tegen een vonnis dat op 27 mei 2008 werd gewezen door de rechtbank van eerste aanleg te Brugge, vijfde kamer, en waarbij het verzoek, dat het voorwerp uitmaakte van hun op 10 maart 2008 neergelegd eenzijdig verzoekschrift met het oog op de uitvoerbaarverklaring van het op 06 december 2006 door de UNMIK afgeleverd certificaat van huwelijk, ontvankelijk werd verklaard maar ook ongegrond. Na kennisname van het rechtsplegingsdossier in hoger beroep heeft het openbaar ministerie op 29 augustus 2008 een schriftelijk advies neergelegd ter griffie van dit hof. Het gaat om een advies dd. 29 augustus 2008 van advocaat-generaal L. Vandenberghe. Het advies omvat twee bijlagen nl. een stukkenbundel genummerd van 1 tot en met 153 en het advies O.M. eerste aanleg. Het hof stelt vast dat de door de wet van 14 november 2000 gewijzigde bepalingen van het gerechtelijk wetboek, meer bepaald de artikelen 766 en 771, geen toepassing vinden op de ter zake geldende procedure op eenzijdig verzoekschrift. Nochtans dient in beschouwing te worden genomen dat de wet werd gewijzigd in de geest van de uitspraak die het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft gedaan op 20 februari 1996 in de zaak Vermeulen en waarbij dit Europees Hof oordeelde dat het recht op een eerlijke behandeling, gewaarborgd door artikel 6.
  11. E.V.R.M., insluit dat een procespartij de gelegenheid moet krijgen te antwoorden op het advies van een lid van het openbaar ministerie (P. Taelman en K. Van Damme, Het repliekrecht van partijen op het advies van het openbaar ministerie in burgerlijke zaken. R.W. 2000-2001 p. 1357). In deze geest dient aan de appellanten de gelegenheid te worden gegeven om kennis te nemen van het hoger vermeld schriftelijk advies van het openbaar ministerie en om ter griffie één conclusie neer te leggen met betrekking tot de inhoud van het advies. OP DIE GRONDEN, HET HOF, Recht doende op verzoekschrift, met in acht name van het art. 24 van de wet van 15.06.1935, alvorens recht te doen op het eenzijdig verzoekschrift; verstaat dat door kennisgeving van onderhavig arrest appellanten aan hun raadsman ook kennis krijgen van de mogelijkheid om het schriftelijk advies met de bijlagen ter griffie in te zien en om met betrekking tot de inhoud van dat advies een conclusie neer te leggen ter griffie uiterlijk op 08 oktober 2008; zegt dat vervolgens recht zal worden gedaan op het eenzijdig verzoekschrift; houdt de kosten aan. Aldus gewezen door de elfde quater kamer van het Hof van beroep to Gent, zetelend in burgerlijke zaken, samengesteld uit: de heer Patrick De Buck kamervoorzitter; mevrouw Sabine De Bauw raadsheer; de heer Georges Macours plaatsvervangend raadsheer; en uitgesproken in raadkamer door de heer Patrick De Buck op elf september tweeduizend en acht, bijgestaan door Lodewijk Lan- Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.