id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 18 december 2008 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2008:ARR.20081218.19 Rolnummer: 2007/AR/2163 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2009-05-28 Raadplegingen: 90 - laatst gezien 2026-07-02 18:34 Fiche Het hof beoordeelt het verstrekken van een groene kaart door een professioneel makelaar niet als een fout. De vordering van de verzekeraar tegen de makelaar voor uitgaven wegens een aldus gedekt verkeersongeval is ongegrond. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VERZEKERINGEN - Algemeen (verzekeringen) HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VERZEKERINGEN - Verzekering motorrijtuigen - Algemeen (autoverzekering) Vrije woorden: Verzekeringen - BA auto - Groene kaart. Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 1be kamer ________ terechtzitting van 18-12-2008 2007/AR/2163 in de zaak van: D. V. D., wonende te appellante, hebbende als raadsman mr. VERLEYSEN Kjell, advocaat te 9300 AALST, Graanmarkt 10 tegen: WINTERTHUR-EUROPE N.V., met maatschappelijke zetel te 1040 BRUSSEL, Kunstlaan 56, ingeschreven met KBO-nummer 0403.290.168, geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. HEYVAERT Jacques, advocaat te 9200 DENDERMONDE, Gentsesteenweg 2 velt het Hof het volgend arrest: Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie van het hof op 31 augustus 2007 stelt D. D. V. tijdig en in regelmatige vorm hoger beroep in tegen het vonnis van 8 juni 2007 van de zevende kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Dendermonde dat haar veroordeelt om aan de geïntimeerde euro 3.177,46 te betalen, meer de moratoire rente aan de wettelijke rentevoet vanaf 18 mei 2005 tot de datum van het vonnis en meer de gerechtelijke rente aan de wettelijke rentevoet tot de dag der integrale betaling en dat haar veroordeelt tot de kosten van het geding. Het bestreden vonnis willigt aldus de vordering in door de geïntimeerde gesteld bij dagvaarding betekend op 12 juli 2006 ertoe strekkend de appellante te veroordelen tot voormelde betaling ten titel van schadevergoeding op grond van een fout die zij zou hebben begaan als professioneel makelaar door "het retroactief uitschrijven van een groene kaart, en het aldus creëren van dekking, waar geen dekking is". Op 9 maart 2003 veroorzaakte P. D. W. als bestuurder van een voertuig Toyota een verkeersongeval waarvoor hij aansprakelijk was en naar aanleiding waarvan de geïntimeerde als WAM-verzekeraar euro 3.177,46 uitbetaalde. P. D. W. had bij de geïntimeerde een verzekeringspolis B 0497 021160249 B 52430 onderschreven voor een voertuig Renault R 19 waarvoor hij op datum van het ongeval over een groene kaart beschikte geldig van 23.
- 2003 tot 22.05.
- Die verzekeringsovereenkomst werd slechts beëindigd ingevolge de door de geïntimeerde bij aangetekend schrijven van 18 juni 2004 gegeven opzegging met uitwerking op 18 september 2004 om 00u
- De geïntimeerde gaat erover akkoord dat dit voertuig Renault einde december 2003 definitief werd vervangen (zie conclusie geïntimeerde neergelegd op 17/7/2008, p.1, laatste alinea). De vervanging werd door D. W. aan de appellante gemeld op 18 december
- De appellante heeft bij die gelegenheid aan P. D. W. een voorlopige groene kaart verstrekt geldig tot 30 januari 2004 en zij ondertekende op "de aanvraag tot inschrijving van een voertuig" die dateert van 18 december 2003 het vak voorbehouden voor de verzekeraar waarmee bevestigd wordt dat het voertuig verzekerd is. Naar aanleiding van de vaststelling van het ongeval van 9 maart 2004 werd trouwens ten laste van D. W. P. een proces-verbaal van waarschuwing opgesteld omdat dit verzekeringsbewijs verstreken was. Het is terecht dat de appellante laat geleden dat het door D. W. bestuurde voertuig op datum van het ongeval verzekerd was door de geldende overeenkomst en meer bepaald op grond van art. 33 van het modelcontract krachtens welke bepaling in geval van overdracht van het in de polis omschreven motorrijtuig voertuig (Renault) de dekking voor het vervangingsvoertuig verworven blijft, indien de verzekeringnemer binnen de zestien dagen daarvan mededeling doet aan de verzekeringsmaatschappij. Deze bepaling vindt niet enkel toepassing in geval van overdracht van het in de polis omschreven voertuig maar ook in gelijkaardige gevallen zoals dat van het buiten gebruik stellen op onbetwistbare en ondubbelzinnige wijze van het aangeduide voertuig, waarbij het in het verkeer brengen van twee voertuigen onder dekking van eenzelfde polis uitgesloten is. Ter terechtzitting van 4 december 2008 werd aan partijen door het hof de vraag gesteld of D. W. niet voldeed aan de hem door voormeld artikel 33 opgelegde kennisgeving door de mededeling van het buiten gebruikstellen van het voertuig Renault en de vervanging ervan door het voertuig Toyota aan de appellante en of deze laatste voor het ontvangen van dergelijke mededelingen niet moet worden beschouwd als de gemandateerde van de geïntimeerde, nu haar toch de bevoegdheid was verleend om namens de geïntimeerde groene kaarten af te leveren. Naar het oordeel van het hof moeten deze vragen positief worden beantwoord. Uit geen wettelijke of contractuele bepaling blijkt dat de in artikel 33 bedoelde mededeling schriftelijk diende te gebeuren. Met de betaling van de uitgaven veroorzaakt door het ongeval van 9 maart 2004 vervulde de geïntimeerde haar wettelijke verplichting als WAM-verzekeraar. Die uitgaven zijn niet veroorzaakt door een beweerde fout van de appellante. Het verstrekken van een groene kaart die liet blijken dat er dekking was op datum van het ongeval was in het licht van de bestaande verzekeringstoestand niet eens foutief. Het hoger beroep is gegrond. OM DEZE REDENEN, het hof, gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken. Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond. Doet het bestreden vonnis teniet en, opnieuw wijzende. Verklaart de in de dagvaarding van 12 juli 2006 gestelde vordering ongegrond. Veroordeelt de geïntimeerde tot de kosten van de beide instanties. Begroot ze aan de zijde van de appellante op euro 371,85 (rechtsplegingvergoeding eerste aanleg), euro 186,- (rolrecht hoger beroep) en euro 650,- (rechtsplegingvergoeding hoger beroep). Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, eerste bis kamer, recht doende in burgerlijke zaken van achttien december tweeduizend en acht. Aanwezig: de heer M. Vercruysse, Kamervoorzitter, alleenrechtsprekend en mevrouw M. Vercruysse, griffier. M. Vercruysse M. Vercruysse Rep. Nr. : 2008/ Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div