← België

ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090115.15

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 15 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090115.15 Rolnummer: 2005/RK/83 Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2009-02-13 Raadplegingen: 86 - laatst gezien 2026-07-02 18:59 Fiche UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - BEMIDDELING (BURGERLIJKE ZAKEN) - Algemeen (bemiddeling (burgerlijke zaken)) Vrije woorden: verderzetting bemiddeling Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 11de ter Kamer ________ Terechtzitting van 15 januari 2009 ________ TUSSENARREST (na tussenarresten dd. 13.03.2008, 19.06.2008 en 25.09.2008) ________ 2005/RK/83 - In de zaak van: K. L., appellant, die bij de behandeling van de zaak -ter terechtzitting van 8 januari 2009- in persoon is verschenen, appellant van een beschikking verleend op 2 maart 2005 in kort geding door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Brugge, hebbende als raadsman mr. BAERT Franky, advocaat te 8490 JABBEKE, C. Permekelaan 37, tegen: D. S. K., geïntimeerde, die bij de behandeling van de zaak -ter terechtzitting van 8 januari 2009- in persoon is verschenen, hebbende als raadsman mr. BAILYU Cathy, advocaat te 8340 MOERKERKE, Edward Steyaertstraat 13, velt het hof het volgend arrest: Ter beoordeling zijn nog steeds het principaal en het incidenteel beroep ingesteld tegen de beschikking verleend op 2 maart 2005 in kort geding door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Brugge. Daarin werd geoordeeld over de gevorderde voorlopige maatregelen in het kader van een echtscheidingsprocedure. De partijen, bijgestaan door hun raadslieden, werden gehoord in openbare terechtzitting van 8 januari 2009, zitting waarop de zaak na tussenarrest verder werd behandeld. Advocaat-generaal Philippe GYSBERGS werd ter zelfde terechtzitting gehoord in zijn, gelet op de omstandigheden van de zaak, mondeling uitgebracht advies. De partijen zagen af van hun recht op repliek. De dossiers van de rechtspleging werden ingezien. Het hof nam in het bijzonder kennis van de tussenarresten die op 13 maart 2008, 19 juni 2008 en 25 september 2008 werden gewezen door deze kamer. Wat betreft de relevante feiten, de procedurevoorgaanden en de vorderingen wordt kortheidshalve verwezen naar het eerste tussenarrest (dd. 13 maart 2008). In het tussenarrest van 13 maart 2008 werd -onder meer- aan de partijen akte gegeven van het tussen hen ter terechtzitting van 6 maart 2008 voorlopig gesloten en ondertekend akkoord. Het hof nam eveneens kennis van het tussenarrest dat op 19 juni 2008 werd gewezen door deze kamer. Naar aanleiding van de behandeling van de zaak ter terechtzitting van 22 mei 2008 werd door de partijen nogmaals een voorlopig akkoord bereikt wat betreft het verblijf van Louis bij de appellant. Daarvan werd door het hof akte genomen. In dat tussenarrest werd tevens beslist dat het gehele geschil het voorwerp zou uitmaken van een gerechtelijke bemiddeling, zoals bepaald in de artikelen 1734 e.v. Ger.W.. De heer F. D. M. gevestigd te ............. , werd als erkend bemiddelaar aangewezen. De aanvankelijke duur van de opdracht van de bemiddelaar werd vastgelegd op drie maanden, te rekenen vanaf 19 juni

  1. De zaak werd, in toepassing van artikel 1734 §2 Ger.W., vastgesteld op de openbare terechtzitting van 18 september 2008 om 14.30 uur en er werd gezegd dat op die datum, de partijen de rechter konden verzoeken om een nieuwe termijn te bepalen of om de procedure voort te zetten. Verstaan werd: - dat de griffier en de bemiddelaar zouden handelen overeenkomstig artikel 1735 §1 Ger. W.; - dat dit hof, zelfde kamer, op elk ogenblik de noodzakelijke maatregelen kan nemen; - dat op elk ogenblik de aangewezen bemiddelaar door een andere erkende bemiddelaar kan worden vervangen, bij over-eenkomst tussen partijen, die door hen ondertekend wordt en bij het dossier van de procedure wordt gevoegd. Tot slot werd geoordeeld dat er geen aanleiding toe bestond te beslissen over de tot dan veroorzaakte gerechtskosten. Het hof nam tenslotte ook kennis van het tussenarrest dat op 25 september 2008 werd gewezen door deze kamer. Naar aanleiding van de behandeling van de zaak ter terechtzitting van 18 september 2008 bereikten de partijen opnieuw een voorlopig akkoord inzake de verblijfsregeling van het kind bij de vader. Tevens opteerden zij voor een voortzetting van de bemiddeling. In de gegeven omstandigheden werd een nieuwe termijn voor bemiddeling toegekend. Thans zijn beide partijen het er nog steeds over eens om de bemiddeling verder te zetten. Dit werd door hun raadslieden en hen-zelf bevestigd naar aanleiding van de behandeling van de zaak voor het hof ter terechtzitting van 8 januari
  2. Daarom moet de opdracht van de bemiddelaar worden verlengd voor een nieuwe termijn zoals in het dictum bepaald. In de concrete omstandigheden eigen aan de zaak -in het bijzonder de blijkbaar goede voortgang van de bemiddeling- zijn er geen redenen om te twijfelen aan de loyale procesvoering of om te vrezen voor een misbruik van de gerechtelijke bemiddeling. Een nodeloze opeenvolging van meerdere tussenarresten tot verlenging -met navenante rolbelasting en vereiste aanwezigheid van de partijen dan wel vertegenwoordiging door hun raadslieden- moet worden vermeden. Immers blijkt dat de bemiddeling te dezen goed en correct verloopt sedert 19 juni
  3. De bemiddeling mag niet onder te grote druk komen te staan en veelal is een ruimere periode dan drie maanden vereist voor het afsluiten ervan. De rechter kan door de bemiddelaar worden ingelicht over de termijn van verlenging die wenselijk is en ook de partijen of hun advocaten kunnen opteren voor een verlenging over een ruimere periode. Een verlenging voor een langere termijn dan de initiële termijn van drie maanden is derhalve in casu aangewezen. De partijen verzochten om een vaststelling van de zaak nog voor de gerechtelijke vakantie. Indien inmiddels een bemiddelingsakkoord zou tussenkomen, past het te vermelden dat de partijen dit in de hangende procedure ter eventuele homologatie door het hof reeds kunnen voorleggen op de datum waarop de zaak thans in voortzetting wordt gesteld. OP DIE GRONDEN, HET HOF, recht doende op tegenspraak, gelet op het artikel 24 van de wet van 15 juni 1935; verder recht doende na de tussenarresten van 13 maart 2008, van 19 juni 2008 en van 25 september 2008; verstaat dat, wat betreft de krokus- en paasvakantie 2009, in het voorlopig akkoord d.d. 18 september 2008 reeds tussen de partijen werd overeengekomen wat volgt: " (...) - paasvakantie elk een week (...) - krokusvakantie moeder "; verstaat dat voor het overige de thans geldende verblijfsregeling verder doorloopt; neemt in die zin akte van het tussen de partijen ter terechtzitting van 8 januari 2009 voorlopig gesloten en door hen ondertekend akkoord met betrekking tot de verblijfsregeling van Louis bij vader als volgt: " (...) - woensdag 21/01/09 na school tot maandag 26/01/09 voor school - woensdag 4/02/09 na school tot maandag 9/02/09 voor school - woensdag 18/02/09 na school tot zondag 22/02/09 tot 17 u - woensdag 04/03/09 na school tot maandag 9/03/09 voor school - woensdag 18/03/09 na school tot maandag 23/03/09 voor school; - woensdag 01/04/09 na school tot zondag 05/04/09 tot 17u. - zondag 12/04/09 om 17u tot maandag 20/04/09 voor school - woensdag 29/04/09 na school tot maandag 04/05/09 voor school enz..."; zegt voorts voor recht dat de bevolen gerechtelijke bemiddeling verder doorgang zal vinden, waarbij de heer F. D. M. als bemiddelaar blijft aangewezen; legt, overeenkomstig art. 1734 § 3 Ger.W., de nieuwe duur van de opdracht van de bemiddelaar vast op VIJF MAANDEN en EEN WEEK, te rekenen vanaf 8 januari 2009; stelt de zaak vast op de openbare terechtzitting van: donderdag 18 juni 2009 om 12.00 uur (behandelingsduur van 20 minuten) en zegt dat op die datum de partijen de rechter kunnen verzoeken om een nieuwe termijn te bepalen of om de procedure voort te zetten; verstaat: - dat de griffier en de bemiddelaar zullen handelen overeenkomstig artikel 1735 §1 Ger. W. wat betreft, enerzijds, de kennisgeving van een voor eensluidend verklaard afschrift van het arrest en, anderzijds, het op de hoogte brengen van het verder zetten van de bemiddeling; - dat dit hof, zelfde kamer, op elk ogenblik de noodzakelijke maatregelen kan nemen; - dat op elk ogenblik de aangewezen bemiddelaar door een andere erkende bemiddelaar kan worden vervangen, bij overeenkomst tussen partijen, die door hen ondertekend wordt en bij het dossier van de procedure wordt gevoegd; zegt dat er geen aanleiding toe bestaat te beslissen over de tot op heden veroorzaakte gerechtskosten. Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, elfde ter kamer, zetelende in burgerlijke zaken, op vijftien januari tweeduizend en negen. Aanwezig: mevrouw Sabine De Bauw, raadsheer, wn. kamervoorzitter; de heer Lodewijk Langelet griffier. Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.