← België

ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090202.6

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 02 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090202.6 Rolnummer: 2007/AR/2362 Rechtsgebied: Insolventierecht Invoerdatum: 2009-04-16 Raadplegingen: 189 - laatst gezien 2026-07-02 19:05 Fiche - De kosteloze aard van de persoonlijke zekerheidstelling is het ontbreken van enig economisch voordeel, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks, dat de persoonlijke zekerheidsteller kan genieten als gevolg van de zekerheidstelling. - De finaliteit van art. 80,3° Faill.W. strekt alléén tot de bevrijding van de natuurlijke personen die door hun bereidwilligheid verplicht zijn om de schulden van de gefailleerde te delgen, terwijl ze hierbij géén persoonlijk belang hebben. - De zaakvoerder van de gefailleerde vennootschap, alsook zijn echtgenote, hadden een belang bij het aangaan van de kredieten voor hun vennootschap omdat ze hieruit inkomsten verwierven (in welke vorm ook) en er financiële middelen vrijkwamen die het mogelijk maakten waarde te creëren voor hen als vennoten. Een handelsvennootschap wordt geleid met de bedoeling winsten te genereren. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE - Faillissement - Algemeen Vrije woorden: Bevrijding kosteloze borgstelling Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 7de bis Kamer Terechtzitting van 2 februari 2009 Verzoek bevrijding kosteloze borgstellers afgewezen 2007/AR/2362 - In de zaak van: FORTIS BANK N.V., met maatschappelijke zetel te 1000 BRUSSEL, Warandeberg 3,appellante, hebbende als raadsman mr. VAN LEMBERGEN Patrick, advocaat te 9200 DENDERMONDE, Gentsesteenweg 2, tegen :

  1. V. A., , wonende te eerste geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. COLPAERT Johan, advocaat te 9112 SINAAI-WAAS, Hulstbaan 233 A,
  2. S. H., , wonende te ,tweede geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. CLEYMAN Alain, advocaat te 9100 SINT-NIKLAAS, Grote Peperstraat 10, velt het hof het volgend arrest: Partijen werden gehoord ter terechtzitting in hun middelen en conclusies, alsook werden hun stukken ingezien.
  3. Bij verzoekschrift, neergelegd op 26 september 2007, heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen het tussenvonnis van 28 maart 2007 en het vonnis van 27 juli 2007 op tegenspraak gewezen door de 7de kamer van de rechtbank van koophandel te Dendermonde (F/06/00974). Een exploot van betekening ligt niet voor. Feiten en procedure in eerste aanleg
  4. A. V. en H. S., destijds echtgenoten (hierna: "geïntimeerden") stelden zich op 22 augustus 1994 persoonlijk en hoofdelijk borg voor de verbintenissen n.a.v. toegekende kredieten van de BVBA ROYALE (bakkerij) tegenover de NV FORTIS BANK (hierna: "appellante") voor 22.310,42 EUR. Deze borg werd op 23 februari 1996 volgens appellante verhoogd tot 96.678,47 EUR. Bij vonnis van 9 september 2005 verklaarde de rechtbank van koophandel te Dendermonde de BVBA ROYALE failliet, waarbij mr. Marc SCHOENMAEKERS als curator werd aangesteld.Op 29 september 2005 legde appellante een verklaring neer, waarbij zij conform art. 10, 1° van de wet van 20 juli 2005 opgave deed van de zekerheidstellingen door geïntimeerden tot waarborg van de kredieten van de gefailleerde. Op resp. 7 december 2005 en 14 december 2005 legden geïntimeerden elk een verklaring neer conform art. 10, 3° van genoemde wet (art. 72ter Faill.W.), waarbij zij bevrijding vorderden van hun verbintenissen als "kosteloze" borgstellers.Bij verzoekschrift, neergelegd op 28 september 2006, vorderde appellante conform art. 80, 6° Faill.W. vervroegd uitspraak omtrent de bevrijding.Bij het tussenvonnis a quo van 28 maart 2007 werd het verzoek tot bevrijding van H. S. gegrond verklaard en werd zij integraal bevrijd.Bij vonnis a quo van 27 juli 2007 werd het verzoek tot bevrijding van A. V. gegrond verklaard en werd hij integraal bevrijd. Procedure in hoger beroep
  5. Het hoger beroep werd ingesteld door de NV FORTIS BANK. Appellante stelt dat het in casu geen "kosteloze" zekerheidstelling betreft, vermits A. V. de zaakvoerder was van de gefailleerde en H. S. zijn echtgenote, zodat zij beiden een economisch belang hadden bij het stellen van de zekerheid. In ondergeschikte orde stelt appellante dat er geen disproportionaliteit bestaat, minstens dat deze niet wordt bewezen. Geïntimeerden stellen dat ze als "kosteloze" persoonlijke borgen moeten worden beschouwd en dat de betrokken schuld niet in verhouding staat met hun inkomen en vermogen (disproportionaliteit). Ze volharden in hun verzoek tot integrale bevrijding en vragen bevestiging van de vonnissen a quo. Beoordeling
  6. Door de wetswijziging van 20 juli 2005 (B.S. 28 juli 2005) - die er kwam na het arrest van het Arbitragehof van 30 juni 2004 (R.W. 2004-2005, 662) - werd de bevrijding van de kosteloze borg losgekoppeld van de verschoonbaarheid van de gefailleerde, dit laatste niet mogelijk zijnde voor rechtspersonen (art. 81 Faill.W). Art. 72bis, art. 72ter en art. 80,3° Faill.W. regelen thans een afzonderlijke procedure voor natuurlijke personen die zich kosteloos persoonlijk zeker hebben gesteld voor de gefailleerde natuurlijke persoon of rechtspersoon.De kosteloze aard van de persoonlijke zekerheidstelling is het ontbreken van enig economisch voordeel, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks, dat de persoonlijke zekerheidsteller kan genieten als gevolg van de zekerheidstelling (Cass., 26 juni 2008, C.07.0546.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.8, inzake G.P./NV BROUWERIJEN ALKEN-MAES ; Cass., 26 juni 2008, C.07.0596.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.9, inzake COMMERCIAL FINANCE GROUP/J.M. en D.B.H., zie juridat en R.W. 2008-2009, 365).Het Hof van Cassatie weerhield hierbij ook dat uit de parlementaire voorbereiding volgt, dat de finaliteit van art. 80,3° Faill.W. alléén strekte tot de bevrijding van de natuurlijke personen die door hun bereidwilligheid verplicht zijn om de schulden van de gefailleerde te delgen, terwijl ze hierbij géén persoonlijk belang hebben.Geïntimeerden hebben zich persoonlijk borg gesteld als resp. zaakvoerder en (ex) echtgenote, eveneens werkzaam in de bakkerij. Ze hadden een belang bij het aangaan van de kredieten voor hun vennootschap omdat ze hieruit inkomsten verwierven (in welke vorm ook) en er financiële middelen vrijkwamen die het mogelijk maakten waarde te creëren voor appellanten als vennoten. Een handelsvennootschap wordt geleid met de bedoeling winsten te genereren. Dit direct of indirect economisch voordeel brengt mee dat ze niet als kosteloze borgen kunnen worden beschouwd. Gezien appellanten zich niet kosteloos borg stelden voor de BVBA, moet niet onderzocht worden of hun verbintenis al dan niet in verhouding in staat tot hun inkomen/vermogen.
  7. M.b.t. de gedingkosten bij een procedure tot bevrijding van de natuurlijke persoon die zich meent "kosteloos" zeker te hebben gesteld, is het Hof van oordeel dat - gelet op de aard van het bevrijdingsgeschil - elke partij haar eigen gedingkosten moet dragen. OM DEZE REDENEN, HET HOF, Recht doende op tegenspraak, Gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken; Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond: Doet de bestreden vonnissen teniet . Derhalve opnieuw oordelende: Zegt voor recht dat de persoonlijke zekerheidstelling van geïntimeerden tot waarborg van de verbintenissen door de BVBA ROYALE aangegaan t.o.v. appellante niet kosteloos gebeurde en zij derhalve niet kunnen bevrijd worden. Verwijst elke partij in haar eigen gedingkosten. Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, kamer zeven bis, op twee februari tweeduizend en negen. Aanwezig:dhr. Frank Deschoolmeester, raadsheer, wnd. kamervoorzitter;dhr. Yves Henderickx, griffier.Y. HENDERICKX F. DESCHOOLMEESTER Repertoriumnr. : 2009/ Gerelateerde publicatie(s) citeert: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.8 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080626.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.