← België

ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090608.10

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 08 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090608.10 Rolnummer: 2007/AR/2966 Rechtsgebied: Intellectuele eigendom Invoerdatum: 2009-09-29 Raadplegingen: 84 - laatst gezien 2026-07-02 19:54 Fiche Er is géén bewijs, na deskundigenonderzoek, dat de plannen nà het faillissement werden ingebracht of verworven door appellante. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INTELLECTUELE RECHTEN - Auteursrecht en Naburige rechten - Auteursrecht Vrije woorden: Auteursrecht - plannen cartografie nutsleidingen Tekst van de beslissing Hof van beroepte Gent 7de bis Kamer________________ Terechtzittingvan8 juni 2009________________ 2007/AR/2966 - In de zaak van: EUROSENSE PLANNING & ENGENEERING N.V., voorheen N.V. AERO SURVEY, met maatschappelijke zetel te 1780 WEMMEL, Nerviërslaan 54, ingeschreven met KBO-nummer 0426.209.684, appellante,hebbende als raadsman mr. GITS Arnold, advocaat te 8500 KORTRIJK, President Kennedypark 4A, tegen: INTERCOMMUNALE MAATSCHAPPIJ VOOR ENERGIEVOORZIENING ANTWERPEN - afgekort IMEA (voorheen IGAO), met maatschappelijke zetel te 2000 ANTWERPEN, Stadhuis, Grote markt 1, met ondernemingsnummer 0204.647.234, geïntimeerde,hebbende als raadsman mr. VAN INNIS Thierry, advocaat te 1150 SINT-PIETERS-WOLUWE, Tervurenlaan 268A velt het hof het volgend arrest: Partijen werden gehoord ter openbare terechtzitting in hun middelen en conclusies, alsook werden hun stukken ingezien. 1.Bij verzoekschrift, neergelegd op 13 december 2007, heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen de vonnissen van 21 december 2000 en 3 mei 2007 op tegenspraak gewezen door de 4de kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Dendermonde (AR. 96/815/A). Een exploot van betekening ligt niet voor. Feiten en procedure in eerste aanleg 2.Bij brief van 18 mei 1978 maakte de Intercommunale Gasvoorziening van Antwerpen en Omgeving (hierna: "I.G.A.O.") aan de PVBA AERO SURVEY een bestelling over voor het uitvoeren van cartografie van het gedeelte van haar distributiedienst waar gasleidingen geplaatst waren. De opdracht omvatte het uitvoeren van een verticale fotovlucht, grondcontrolepuntsbepaling en lucht-triangulatie alsmede fotogrammetrische restitutie op schaal 1:1000. Hierbij stelde I.G.A.O. uitdrukkelijk: "Het auteursrecht van de geleverde plannen blijft eigendom van Aero Survey. U behoudt dus het exclusieve recht deze documenten aan derden af te staan. Het spreekt voor zich dat wij de documenten wel aan derden kunnen afstaan nadat ze met onze leidingen werden aangevuld, doch dan enkel ter informatie. Deze derde persoon mag de plannen in geen geval gebruiken voor het inbrengen van zijn eigen gegevens. In zulk geval zal hij de plannen van Aero Survey kopen." Op 26 juli 1979 bevestigde I.G.A.O. aan de PVBA AERO SURVEY een aanpassing van haar bestelling m.b.t. de prijs. De bestelling werd uitgevoerd en er werd in totaal 110.000 ha in kaart gebracht en geleverd aan I.G.A.O., die deze vaak ter beschikking stelde van derden belanghebbenden o.a. aannemers met graafwerken. De PVBA AERO SURVEY werd bij vonnis van 3 september 1985 van de rechtbank van koophandel te Dendermonde, afdeling Sint-Niklaas, failliet verklaard. De NV BRABOP (later opgevolgd door de NV AERO SURVEY) stelt op 28 november 1985 vanwege de curatele te hebben gekocht: "de eigendomsrechten, auteursrechten en rechten van commercialisme betreffende de kartografische databank, samengesteld door AERO SURVEY (versie op de dag van het faillissement), zoals opgeslagen op magnetische dragers en de daarbij horende documentatie en listings; een kaart met daarop aangeduid, doch niet limitatief, de zones wordt hieraan gehecht". Op 13 maart 1992 werd I.G.A.O. door de Tijdelijke Vereniging AERO SURVEY - EUROSENSE BELFOTOP in gebreke gesteld, stellende dat ELECTRABEL deze cartografie zou digitaliseren met het oog op eigen gebruik. Ze stelde: "Wij dienen er op te wijzen dat, luidens de contractuele voorwaarden welke deze opdracht regeren, de auteursrechten op de gerealiseerde kartering exclusief berusten bij Aero Survey en nadien werden ondergebracht in een Tijdelijke Vereniging..... Dit impliceert dat niet alleen het adaptatierecht onderworpen is aan de toestemming van de Tijdelijke Vereniging, maar eveneens dat I.G.A.O. zijn contractueel verworven rechten niet zonder meer kan afstaan aan derden." Op 11 januari 1994 maakte de NV EUROSENSE - BELFOTOP een voorstel over aan de NV ELECTRABEL tot overdracht van de rechten op de kartering I.G.A.O., hetgeen bij briefwisseling vanaf 16 maart 1994 door de NV ELECTRABEL werd geweigerd. Bij brief van 8 februari 1995 stelde de NV AERO SURVEY vervolgens I.G.A.O. in gebreke. 3.Bij dagvaarding, betekend op 20 maart 1996, vorderde de NV AERO SURVEY lastens I.G.A.O.:

(1)te zeggen voor recht dat I.G.A.O. haar contractuele verbintenissen niet is nagekomen, minstens dat zij de intellectuele en/of industriële eigendomsrechten heeft geschonden;
(2)veroordeling - na kapitalisatie van de op 20 maart 1996 vervallen vergoedende rente ex art. 1154 B.W. - tot betaling van minstens 130.012.017 BEF (= 3.222.913,72 EUR) in hoofdsom, méér de gerechtelijke rente vanaf 20 maart 1996, méér de gedingkosten;
(3)aanstelling van een deskundige. Bij conclusie stelde I.G.A.O. een tegeneis in, strekkende tot betaling van 25.000,00 EUR wegens tergend en roekeloos geding. Bij tussenvonnis van 28 januari 1999 heropende de eerste rechter de debatten.Bij tussenvonnis a quo van 21 december 2000 werd accountant Stefan VAN DEN DRIESSCHEN als deskundige aangesteld. Bij tussenvonnis van 25 oktober 2001 werd de expert vervangen door bedrijfsrevisor Dirk SMETS. Hij werd daarna - ingevolge een overeenkomst tussen partijen - vervangen door bedrijfsrevisor André CLYBOUW. Uit de bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 1 september 2001 blijkt dat de benaming van de NV AERO SURVEY werd gewijzigd in NV EUROSENSE PLANNING & ENGENEERING. Het deskundig eindverslag werd ter griffie neergelegd op 10 augustus 2004. Bij het vonnis a quo van 3 mei 2007 verklaarde de eerste rechter:
(1)de hoofdeis ontvankelijk, doch ongegrond;
(2)de tegeneis ontvankelijk, doch ongegrond. De oorspronkelijke eiseres (appellante) werd in de gedingkosten veroordeeld. Procedure in hoger beroep 4.Het hoger beroep werd ingesteld door de oorspronkelijke eiseres, die integraal volhardt in haar oorspronkelijke vordering. Geïntimeerde vraagt bevestiging van het vonnis a quo. Bij akte, neergelegd op 27 april 2009, verklaart de Intercommunale Maatschappij voor Energievoorziening Antwerpen (I.M.E.A.) het geding te hervatten in opvolging van I.G.A.O. als geïntimeerde. Voor de uitgebreide middelen en argumenten van partijen in hoger beroep, wordt verwezen naar de beroepsakte en de conclusies in hoger beroep. Beoordeling 5. Samen met de eerste rechter moet het Hof vaststellen dat deskundige CLYBOUW op grondige wijze de stukken heeft onderzocht en uit diverse materiële vaststellingen op gemotiveerde wijze besluit dat appellante er niet in slaagt te bewijzen dat de bestanddelen uit het handelsfonds van de PVBA AERO SURVEY - failliet verklaard bij vonnis van 3 september 1985 van de rechtbank van koophandel te Dendermonde, afdeling Sint-Niklaas - werden ingebracht of verworven door de NV AERO SURVEY, voorheen de NV BRABOP. De overeenkomst van 28 november 1985 werd ondertekend door enerzijds de curatoren als verkopers en anderzijds de gebroeders H. en P. V. K. als kopers in persoon "of handelend voor een vennootschap in oprichting of voor een bestaande vennootschap" (stuk I.6 appellante). Appellante bewijst niet dat zij in de "eigendomsrechten, auteursrechten dan wel rechten van commercialisatie betreffende de geviseerde cartografische databank" trad, noch dat deze databank "op de dag van het faillissement en zoals opgeslagen op magnetische dragers" de (analoge) kaarten inhield die de gefailleerde inmiddels in uitvoering van de bestelling van 8 mei 1978 aan I.G.A.O. had geleverd. Wel blijft appellante de conclusie van de expert betwisten, doch zij kan géén bewijskrachtige stukken voorleggen om deze besluitvorming te ontkrachten. Het Hof treedt (zoals de eerste rechter) de besluiten van de deskundige bij. Dat volgens de wet boekhoudkundige stukken slechts een bepaalde tijd moeten worden bewaard, doet geen afbreuk aan de bewijslast van appellante. Wie eigendomsrechten inroept, moet deze bewijzen. Waar appellante niet bewijst dat ze titularis is van de ingeroepen rechten, wees de eerste rechter terecht de hoofdeis af als ongegrond. Het hoger beroep is ongegrond. Huidig geschil is niet dermate complex dat een verhoogde rechtsplegingsvergoeding aangewezen voorkomt, zodat het basistarief wordt toegepast (K.B. 26 oktober 2007). OM DEZE REDENEN, HET HOF, Rechtdoende op tegenspraak. Gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken. Verleent akte aan de Intercommunale Maatschappij voor Energievoorziening Antwerpen (I.M.E.A.) van haar gedinghervatting als geïntimeerde. Verklaart het hoger beroep ontvankelijk, doch ongegrond. Bevestigt de bestreden vonnissen. Veroordeelt appellante tot de gedingkosten van het hoger beroep, vereffend in hoofde van geïntimeerde op 15.000,00 EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep. Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, kamer zeven bis, op 8 juni tweeduizend en negen. Aanwezig:dhr. Frank Deschoolmeester, raadsheer, wnd. kamervoorzitter;dhr. Yves Henderickx, griffier. Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.