id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 08 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20090608.12 Rolnummer: 2007/AR/2841 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2009-10-01 Raadplegingen: 270 - laatst gezien 2026-07-02 19:55 Fiche UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN Vrije woorden: bestuurdersaansprakelijkheid Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 7de bis Kamer Terechtzitting van8 juni 2009 2007/AR/2841 - In de zaak van:M. C., bediende, wonende te ...................................................,hebbende als raadsman mr. DE WOLF Michel, advocaat te 9300 AALST, Molendries 11, tegen:
- BELGISCHE STAAT / FOD FINANCIEN, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, wiens kabinet gevestigd is te 1000 BRUSSEL, Wetstraat 12, woonplaats kiezende te 9050 GENTBRUGGE, Gaston Crommenlaan 6 bus 201, eerste geïntimeerde,hebbende als raadsman mr. VANCAENEGHEM Philip, advocaat te 9000 GENT, Twaalfkameren 17,
- M. L., wonende te ................................................., tweede geïntimeerde,hebbende als raadsman mr. GUNS Johan, advocaat te 1790 AFFLIGEM, Kasteelstraat 58, hebbende als raadsman mr. DE VIDTS Ewoud, advocaat te 9200 DENDERMONDE, Sint-Gillislaan 36, velt het hof het volgend arrest: Partijen werden gehoord ter openbare terechtzitting in hun middelen en conclusies, alsook werden hun stukken ingezien. 1.Bij verzoekschrift, neergelegd op 26 november 2007, heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 17 september 2007 op tegenspraak gewezen door de 2de kamer van de rechtbank van koophandel te Gent (A/05/04170). Het vonnis a quo werd betekend op 29 oktober
- Feiten en procedure in eerste aanleg 2.Bij akte van 9 februari 1996 werd de NV OCTAVE MAREELS AND SONS INTERNATIONAL (afgekort: "NV OMSI"), tot exploitatie van diamanthandel, opgericht met maatschappelijke zetel te 9300 Aalst, Denderstraat
- D. M. en L. M. werden tot gedelegeerd bestuurders en C. M. tot bestuurder benoemd voor 6 jaar. Bij beslissing van de raad van bestuur van de NV OMSI werd de maatschappelijke zetel verplaatst naar 9300 Aalst, Keizersplein 34 bus 2, met ingang van 15 januari
- Op 30 april 1999 verkocht de NV OMSI haar voorraad handelsgoederen aan de BVBA MAREELS EN ZONEN voor 44.667,00 USD, wat sterk beneden de boekwaarde van 5.210.700 BEF was. Uit het verslag van de B.A.V. van 27 augustus 2001 blijkt dat de NV OMSI haar maatschappelijke benaming wijzigde in NV DV PAINTING. Op dezelfde datum werden alle aandelen van de NV DV PAINTING voor de prijs van 50.000 BEF verkocht aan V&V DIENSTENCENTRUM (later failliet verklaard op 21 maart 2003). Uit het B.S. van 1 november 2001 blijkt het ontslag van (wijlen) D. M. en L. M. als bestuurders uit de NV DV PAINTING. Ze werden in hun functies opgevolgd door STICHTING TOP FINANCIAL GROUP en STICHTING ARAGON INVESTORS, beide stichtingen naar Nederlands recht met zetel te 6045 ET Roermond (NL). Op 10 december 2001 richtte de fiscale administratie een vraag tot inlichtingen m.b.t. de verkoop van de voorraad. Dit verzoek werd op 16 januari 2002 herhaald aan L. M., die stelde over geen boekhouding meer te beschikken. Bij beslissing van de B.A.V. van 8 april 2002 werd STICHTING TOP FINANCIAL GROUP uit haar functies van bestuurder en gedelegeerd bestuurder ontslagen en vervangen door D. V. Uit de bijlagen van het B.S. van 29 mei 2002 blijkt dat de maatschappelijke zetel van de NV DV PAINTING werd verplaatst naar 9000 Gent, Apostelhuizen 26 bus
- Op 26 september 2002 vestigde de fiscus ambtshalve een aanslag. Op naam van de NV DV PAINTING bleef een bedrag van 212.410,22 EUR in hoofdsom aan fiscale schulden openstaan. Bij vonnis van 26 maart 2004 werd de NV DV PAINTING door de rechtbank van koophandel te Gent failliet verklaard. De Belgische Staat, FOD Financiën (hierna: "eerste geïntimeerde") houdt de bestuurders L. M. en C. M. aansprakelijk voor ernstige fouten in het bestuur van de vennootschap (art. 527, 528, 530 en 633 W.Venn.), die hebben bijgedragen tot het faillissement en haar schade (art. 1382 B.W.). Volgens de fiscus was de NV DV PAINTING reeds in 1999 virtueel failliet. De voorraad handelsgoederen (op 30 april 1999) en vervolgens de aandelen van de vennootschap (op 27 augustus 2001) werden weggemaakt (een "sterfhuisconstructie") zonder rekening te houden met de nog in te kohieren vennootschapsbelasting. 3.Bij dagvaardingen, resp. betekend op 2 september 2005 en op 5 september 2005, vorderde eerste geïntimeerde veroordeling van C. M. (hierna: "appellant") en L. M. (hierna: "tweede geïntimeerde") van een schadevergoeding gelijk aan het bedrag van de op naam van de NV DV PAINTING openstaande fiscale schulden, vervolgingskosten en nalatigheidsintresten, nl. de som van 212.410,22 EUR in hoofdsom en kosten, méér de nalatigheidsrente ex art. 414 e.v. WIB '92, méér de gerechtelijke rente en de gedingkosten. Appellant en tweede geïntimeerde betwistten hun aansprakelijkheid met de meeste klem. C. M. stelde een tussenvordering lastens L. M. tot vrijwaring voor elke veroordeling die hij zou kunnen oplopen t.a.v. de fiscus in hoofdsom, rente en kosten. Bij het vonnis a quo van 17 september 2007 werd de vordering ontvankelijk en gegrond verklaard. De tussenvordering in vrijwaring werd ongegrond verklaard. Bij vonnis van 15 november 2007 werd het faillissement van de NV DV PAINTING gesloten wegens ontoereikend actief, zodat aan eerste geïntimeerde géén enkel dividend is toegekomen voor de openstaande fiscale schulden. Procedure in hoger beroep 4.Het hoger beroep werd ingesteld door de oorspronkelijke eerste verweerder C. M.. Appellant betwist met klem zijn bestuurdersaansprakelijkheid. Eerste geïntimeerde, de Belgische Staat FOD Financiën, volhardt in haar oorspronkelijke vordering. Tweede geïntimeerde L. M. stelt incidenteel hoger beroep in tegen het vonnis a quo en betwist evenzeer zijn aansprakelijkheid. Voor de uitgebreide middelen en argumenten van partijen in hoger beroep, wordt verwezen naar de beroepsakte en de conclusies in hoger beroep. Beoordeling 5.Het incidenteel hoger beroep van L. M., tweede geïntimeerde, is ontvankelijk. De gedaagde in hoger beroep kan te allen tijde incidenteel hoger beroep instellen tegen alle partijen die in het geding zijn voor de rechter in hoger beroep (art. 1054 Ger.W.). Dit kan tot aan de sluiting van de debatten (Cass., 18 december 1986, Arr. Cass. 1986-1987, 530). Het gegeven dat de in art. 1051, 1° Ger.W. bedoelde termijn voor het instellen van principaal hoger beroep is verstreken, doet hieraan geen afbreuk (Cass., 29 november 2007, inzake C.07.0152.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071129.4, www.cass.be). 6.Ten onrechte beroepen appellant en tweede geïntimeerde zich op de verjaring volgens art. 198 §1 W.Venn. De gedinginleidende dagvaardingen dateren van resp. 2 en 5 september
- Uit de hiernavolgende analyse van de feiten, blijkt dat er een samenhang is van bestuursfouten, te situeren tussen 30 april 1999 en 27 augustus 2001, die de bestuurdersaansprakelijkheid in het gedrang brengt. Indien de bestuursfouten één ondeelbaar geheel uitmaken, begint de verjaring slechts te lopen vanaf het laatste feit. Daarenboven gebeurde de publicatie van de jaarrekening van het boekjaar 2000 in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 17 mei
- Pas op deze datum konden de derden kennis nemen van het feit dat de volledige voorraad handelsgoederen was verdwenen. Zelfs als men enkel dit chronologisch eerste feit in aanmerking neemt, dan nog is er géén verjaring. De fout die erin bestaat om art. 633 W.Venn. niet te hebben nageleefd, is begaan en de verjaringstermijn begint te lopen vanaf het ogenblik dat de bestuurders nalaten om de algemene vergadering bijeen te roepen hoewel zij hebben of moesten hebben vastgesteld dat het netto-actief van de vennootschap was gedaald tot onder de helft van het maatschappelijk kapitaal (Brussel, 21 november 2002, J.L.M.B. 2003, 1271). Deze vaststelling gebeurde in casu op de algemene vergadering van 27 april
- Tenslotte wijst alles er op dat de bestuurders door het verkopen van de aandelen - hetgeen slechts bleek uit het verslag van de B.A.V. van 27 augustus 2001 - van een lege vennootschap (zonder actief, maar met schuldenlast) een sterfhuisconstructie hebben opgezet. Van welke datum men ook vertrekt voor de vijfjarige termijn van art. 198 §1 W.Venn., er kan worden besloten dat de vordering van eerste geïntimeerde op resp. 2 en 5 september 2005 niet verjaard was.
- In de balans van het boekjaar 1998 bedroeg de gezamenlijke waarde van de activa van de NV OMSI nog 5.965.040 BEF. Het aandeel van de voorraad aan handelsgoederen in het totaal van de activa bedroeg 5.210.000 BEF. In de balans van het boekjaar 1999 is de volledige voorraad aan handels-goederen verdwenen, terwijl de omzet gedurende dat jaar slechts 2.715.241 BEF beliep. Er werd een verlies geleden door het "verkopen" van deze voorraad aan een zustervennootschap van 2.495.459 BEF (stuk 15 appellant). Verzoeken om inlichtingen vanwege eerste geïntimeerde op resp. 10 december 2001, 16 januari 2002 en 13 maart 2002 bleven zonder reactie. Appellant en tweede geïntimeerde bewijzen niet dat deze transactie beantwoordde aan de economische realiteit. Zij slagen niet in hun bewijslast, welke zij dragen vermits de ambtshalve aanslag van de fiscale administratie definitief is geworden. Uit de balans en de resultatenrekening van het boekjaar 2000 blijkt dat de NV OMSI géén economische activiteit meer ontwikkelde, dat alle vaste activa uit de balans waren verdwenen en dat de post handelsvorderingen bleef openstaan voor 1.157.264 BEF (stuk 16 appellant). Uit het verslag van de A.V. van 27 april 2001 (stuk 4 eerste geïntimeerde) blijkt geen verklaring voor de inactiviteit van de vennootschap (inmiddels NV DV PAINTING), alsook blijkt dat het netto-actief was gedaald tot minder dan de helft van het maatschappelijk kapitaal. Evenwel werd art. 633 W.Venn. (alarmbelprocedure) niet toegepast, terwijl de bestuurders de A.V. hadden moeten bijeenroepen om de wettelijk voorgeschreven maatregelen te nemen. Het virtueel reeds onvermogend maken van de NV OMSI in 1999 (door het wegmaken van de voorraad handelsgoederen - stuk 1 tweede geïntimeerde) werd opzettelijk verborgen gehouden tot de publicatie van de jaarrekening van het boekjaar 2000 op 17 mei
- Uit het verslag van de B.A.V. van 27 augustus 2001 (stuk 5 eerste geïntimeerde) blijkt dat alle aandelen van de NV DV PAINTING inmiddels waren verkocht voor 50.000 BEF aan (het virtueel ook reeds failliete) V&V DIENSTENCENTRUM. Uit deze bewezen feiten blijkt dat de bestuurders van de NV OMSI (NV DV PAINTING) ernstige fouten hebben gemaakt in de uitoefening van hun taak, waarvoor zij op grond van de art. 527, 528 en 530 W.Venn. aansprakelijk zijn. De opgezette "sterfhuisconstructie" (periode 1999-2002) werd door de curator van het faillissement van de NV DV PAINTING (mr. Didier Bekaert) gedetailleerd beschreven in zijn brief van 8 mei 2004 aan de Procureur des Konings te Gent (zie stuk B/1 van eerste geïntimeerde). Tweede geïntimeerde was tot 1 november 2001 officieel bestuurder van de NV DV PAINTING. Het ontslag van appellant als bestuurder werd nooit gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad. Zijn bestuursmandaat eindigde conform de oprichtingsakte pas 6 jaar na datum van 9 februari 1996 (stuk 1 eerste geïntimeerde), dus op 9 februari
- Alle bovenstaande transacties zijn gebeurd binnen hun bestuursmandaat. 8.Appellant kan zijn aansprakelijkheid als bestuurder niet ontlopen met de beweringen dat hij volkomen passief bleef m.b.t. het bestuur van de vennootschap en hiervoor volledig op de anderen vertrouwde. Zodra bestuurders de hun opgedragen taak hebben aanvaard, kunnen zij wegens hun tekortkomingen en overtredingen aansprakelijk worden gesteld, ook voor de schade die zou kunnen ontstaan uit het niet uitvoeren van hun opdracht (art. 1991 B.W.). Het ondertussen geregeld verblijven en studeren in Milaan (Italië) door appellant (zijn stukken 8-11, 23), doet aan zijn verplichtingen als bestuurder o.a. een individuele onderzoeks- en controleplicht, géén afbreuk. De bestuurders hadden normaal moeten voorzien dat na de verkoop van de volledige voorraad handelsgoederen in 1999, er nog een belangrijke fiscale aanslag zou worden gevestigd. Door hun hierboven omschreven handelswijze, werd deze aanslag oninvorderbaar gemaakt. De vestiging van de vennoot-schapsbelasting m.b.t. het aanslagjaar 2000 heeft betrekking op de transactie uit
- De bestuurders hadden voorzieningen moeten aanleggen hiervoor. Het is precies door de passiviteit inzake het bestuur van de NV OMSI dat enerzijds de procedure van art. 633 W.Venn. niet werd nageleefd en anderzijds diverse grove bestuursfouten in de zin van de art. 528 en 530 Venn. werden gemaakt. Het niet aanleggen van voorzieningen voor de te verwachten fiscale aanslagen heeft eerste geïntimeerde de mogelijkheid ontnomen haar voorzienbare vordering te innen (de schade), zodat het causaal verband bewezen is. De bestuurders lieten na om de vennootschap volgens de wet te besturen en te vereffenen. De vordering in vrijwaring - zoals door appellant gesteld lastens tweede geïntimeerde - werd door de eerste rechter terecht als ongegrond afgewezen. Appellant was eveneens medebestuurder en protesteerde niet tegen de gang van zaken, zodat hij samen met tweede geïntimeerde hoofdelijk en solidair aansprakelijk is. De hogere beroepen zijn derhalve ongegrond. OM DEZE REDENEN, HET HOF, Rechtdoende op tegenspraak. Gelet op art. 24 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken. Verklaart zowel het principaal als het incidenteel hoger beroep ontvankelijk, doch ongegrond. Bevestigt het bestreden vonnis. Veroordeelt appellant en tweede geïntimeerde solidair tot de gedingkosten van het hoger beroep, vereffend in hoofde van eerste geïntimeerde op 5.000,00 EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep. Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, kamer zeven bis, op 8 juni tweeduizend en negen.Aanwezig:dhr. Frank Deschoolmeester, raadsheer, wnd. kamervoorzitter;dhr. Yves Henderickx, griffier. Gerelateerde publicatie(s) citeert: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20071129.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div