id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 05 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20091005.6 Rolnummer: 2008/AR/2716 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2009-11-26 Raadplegingen: 239 - laatst gezien 2026-07-02 20:22 Fiche De rechtspersoonlijkheid van een vennootschap blijft ook na de afsluiting van de vereffening tijdelijk passief behouden en de sluiting verhindert niet dat lopende procedures worden verdergezet tegen de vennootschap in de persoon van de vereffenaar. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid - Duur en ontbinding - Vereffening Vrije woorden: Vennootschappen - vereffening - sluiting van de vereffening - gevolgen - procedures aanhangig vóór de sluiting van de vereffening. Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 7de Kamer ________ Terechtzitting van 05 oktober 2009 ________ Na tussenarrest van 20 april 2009 2008/AR/2716 - In de zaak van: KBC BANK N.V., met maatschappelijke zetel te 1080 BRUSSEL, Havenlaan 2, ingeschreven met KBO-nummer 0462.920.226, eiseres tot gedwongen hervatting van het geding bij exploot van dagvaarding van 15 juni 2009, appellante tegen het vonnis van de rechtbank van koophandel te Dendermonde van 22 september 2008, 6de kamer, hebbende als raadsman mr. KOSLOWSKI Emmanuel, advocaat te 9100 SINT-NIKLAAS, Breedstraat 1bus 22, tegen: K & M SAFETY PRODUCTS B.V.B.A., met maatschappelijke zetel te 9190 STEKENE, Voorhout 81, ingeschreven met KBO-nummer 0447.391.537, in faling verklaard bij vonnis van 12 juli 2006 van de rechtbank van koophandel te Dendermonde en af-gesloten bij vonnis van 5 november 2008, met als vereffenaar de heer M. B., wonende te .............................................. gedaagde tot gedwongen hervatting van het geding bij exploot van dagvaarding van 15 juni 2009, geïntimeerde, hebbende als raadsman mr. GEERTS Jan, advocaat te 2880 BORNEM, Sint Amandsesteenweg 76, velt het hof het volgend arrest: Gegevens na het tussenarrest van 20 april 2009
- Het Hof verwijst partijen naar het tussenarrest van 20 april 2009 voor wat de daarin uiteengezette feiten, procedurevoorgaanden, grieven en vorderingen in graad van beroep betreft. Dit tussenarrest verklaarde het hoger beroep ontvankelijk en deed het bestreden vonnis teniet waar het de tegen Meester F. P. qualitate qua gerichte vordering in gemeenverklaring ontvankelijk en gegrond ver-klaarde. Het tussenarrest stelde vast dat de vordering in gemeenverklaring zonder voorwerp was en stelde Meester F. P. qualitate qua buiten de zaak. Het sloeg de gedingkosten van het hoger beroep tussen de NV KBC BANK en Meester F. P. qualitate qua om en verwees elk van hen in de eigen kosten van het hoger beroep. Vooraleer verder ten gronde te oordelen over de vordering van de NV KBC BANK tot het bekomen van een uitvoerbare titel ten aanzien van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS, beval het tussenarrest ambts-halve de heropening van de debatten. Dit teneinde de NV KBC BANK toe te laten standpunt in te nemen om-trent de vraag of - gelet op de sluiting van het faillissement die de ont-binding en de onmiddellijke sluiting van de vereffening van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS inhoudt - het geding in de huidige stand kan worden verdergezet en of alsnog kan worden ingegaan op de vor-dering van de NV KBC BANK die strekt tot veroordeling van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS tot betaling van de nader in het tussenar-rest vermelde bedragen.
- Bij exploot van 15 juni 2009 heeft de NV KBC BANK een dagvaarding in gedinghervatting uitgebracht. Op diezelfde datum werden door de NV KBC BANK conclusies na tussenarrest neergelegd. Partijen werden in openbare terechtzitting gehoord in hun middelen en besluiten, alsook de stukken werden ingezien.
- In haar conclusies na tussenarrest argumenteert de NV KBC BANK dat de sluiting van het faillissement van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS, die de ontbinding van de rechtspersoon en de onmiddellijke sluiting van zijn vereffening meebrengt, niet tot gevolg heeft dat de huidige procedure niet zou kunnen worden verdergezet. De in vereffening gestelde vennootschap behoudt immers haar rechtspersoonlijkheid en blijft partij bij het proces. Enkel de identiteit van de fysieke persoon die voor haar optreedt wijzigt. NV KBC BANK is dan ook van oordeel dat huidige procedure ook na de sluiting van het faillissement en zonder gedinghervatting kan wor-den verdergezet, waarbij de vennootschap wordt vertegenwoordigd door haar vereffenaar. NV KBC BANK vordert dan ook dat haar hoger beroep ontvankelijk en gegrond wordt verklaard en de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS zou worden veroordeeld tot betaling van : - de som van 38.660,80 EUR te vermeerderen met de intres-ten aan 12,55% vanaf 15 februari 2007 tot datum van de vol-ledige betaling op de som van 31.677,68 EUR, - de som van 39.332,44 EUR te vermeerderen met de intres-ten aan 12,55% vanaf 15 februari 2007 tot de dag van de volledig betaling op de som van 35.416,55 EUR, - de gedingkosten.
- Voor de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS werden in hoger beroep geen conclusies neergelegd. Beoordeling
- De BVBA K & M SAFETY PRODUCTS werd bij vonnis van de rechtbank van koophandel te Dendermonde van 12 juli 2006 in staat van faillissement verklaard. Bij vonnis van diezelfde rechtbank van koophandel van 5 novem-ber 2008 werden de faillissementswerkzaamheden gesloten verklaard door vereffening. Dit laatste vonnis stelde in toepassing van artikel 83 Faill.W. juncto art. 185 W.Venn. tevens de identiteit vast van de persoon die als vereffenaar wordt beschouwd. Overeenkomstig artikel 83 Faill.W. houdt de beslissing tot sluiting van de verrichtingen van het faillissement van de rechtspersoon diens ontbinding en de onmiddellijke sluiting van zijn vereffening in. Waar de beslissing tot sluiting van de faillissementswerkzaamheden overeenkomstig de voormelde bepaling in beginsel een einde maakt aan het bestaan en de rechtspersoonlijkheid van deze vennootschap, is de verdwijning van de rechtspersoon evenwel niet absoluut. Overeenkomstig artikel 198 § 1, derde streepje, van het Wetboek van Vennootschappen kunnen rechtsvorderingen tegen personen die krachtens artikel 185 als vereffenaars worden beschouwd worden ingesteld uiterlijk vijf jaar na de bekendmaking van de sluiting van de vereffening. Hieruit volgt dat de vereffende vennootschap geacht wordt voort te bestaan om zich te verweren tegen vorderingen die de schuldeisers tijdig hebben ingesteld tegen de vennootschap. Dit passief voortbestaan dat de bescherming beoogt van de schuldeisers van de vennootschap, geldt niet alleen ten aanzien van vorderingen ingesteld binnen de termijn van vijf jaar na de bekendmaking van de sluiting van de vereffening, maar ook ten aan-zien van vorderingen die reeds vòòr de sluiting van de vereffening tegen de vennootschap werden ingesteld. De sluiting van de vereffening heeft dan ook niet tot gevolg dat lopende procedures niet meer kunnen worden verdergezet tegen de vennootschap, in de persoon van haar vereffenaars. (Cass. 17 april 2008, C.07.0054.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080417.11, www.cass.be ) De bij tussenarrest gestelde vraag of - gelet op de sluiting van het faillissement die de ontbinding en de onmiddellijke sluiting van de vereffening van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS inhoudt - het geding in de huidige stand kan worden verdergezet en of alsnog kan worden ingegaan op de vordering van de NV KBC BANK die strekt tot veroordeling van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS tot betaling van de nader in het tussenarrest vermelde bedragen, dient dan ook positief te worden beantwoord. Het hoger beroep van de NV KBC BANK , voor zover gericht tegen de afwijzing van haar oorspronkelijk tegen de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS gerichte vordering, komt dan ook gegrond voor. Voor zover daaromtrent bij gebrek aan enig inhoudelijk en/of cijfer-matig verweer van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS in hoger beroep kan worden geoordeeld, en tevens rekening houdend met de omvang van de schuldvordering van de NV KBC BANK zoals deze in het bevoorrecht passief van het faillissement van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS werd opgenomen, komt de vordering van de NV KBC BANK toewijsbaar voor.
- Vermits uit wat voorafgaat blijkt dat de rechtspersoonlijkheid van de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS ook na de afsluiting van de vereffening tijdelijk passief behouden blijft en de sluiting van de vereffening niet verhindert dat lopende procedures worden verder-gezet tegen de vennootschap, heeft de afsluiting van de vereffening geen impact op de lopende procedures. Procesrechtelijk brengt dit met zich mee dat een vennootschap die in een procedure betrokken is, als partij aanwezig blijft, doch thans door haar vereffenaar vertegenwoordigd wordt. Procesrechtelijk is er dan ook geen enkele wijziging van staat of hoedanigheid in de zin van art. 815 Ger.W. en is ten gevolge van de afsluiting van de vereffening dan ook geen gedinghervatting vereist. (R. Tas, "De procesrechtelijke gevolgen van de sluiting van de ver-effening van een handelsvennootschap", noot onder Gent, 25 juni 1997, T.R.V., 1997, 494 ; K. Geens, M. Denef, F. Hellemans, R. Tas en J. Vananroye, "Overzicht van rechtspraak Vennootschap-pen, 1992 - 1998, T.P.R., 2000, 496 - 497) De door de NV KBC BANK op 15 juni 2009 nog uitgebrachte dag-vaarding in gedinghervatting, die zij overigens tegen de reeds in het geding aanwezige partij BVBA K & M SAFETY PRODUCTS instelt, komt dan ook onontvankelijk voor bij gebrek aan het vereiste procesrechtelijk belang voor het instellen van deze vordering. Waar de NV KBC BANK in haar conclusies, na tussenarrest, van 15 juni 2009 zelf argumenteert en besluit dat ondanks de sluiting van het faillissement de huidige procedure zonder gedinghervatting kan worden verdergezet tegen de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS ( stuk 19 gerechtsdosssier, pag. 13 par. 1), is het voor het Hof tenslotte niet duidelijk waarom de NV KBC BANK diezelfde dag toch een dagvaarding in gedinghervatting lastens de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS uitbracht. OP DEZE GRONDEN, HET HOF, Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, Recht doende op tegenspraak, Verklaart het hoger beroep van de NV KBC BANK , voor zover gericht tegen de afwijzing van haar oorspronkelijk tegen de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS gerichte vordering, gegrond, Doet het bestreden vonnis teniet en opnieuw recht doende, Verklaart de oorspronkelijk door de NV KBC BANK tegen de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS ingestelde vordering ontvankelijk en als volgt gegrond, Veroordeelt de BVBA K & M SAFETY PRODUCTS om aan de NV KBC BANK te betalen : - de som van 38.660,80 EUR te vermeerderen met de intresten aan 12,55% vanaf 15 februari 2007 tot datum van de vol-ledige betaling op de som van 31.677,68 EUR, - de som van 39.332,44 EUR te vermeerderen met de intresten aan 12,55% vanaf 15 februari 2007 tot de dag van de volledig betaling op de som van 35.416,55 EUR, Veroordeelt BVBA K & M SAFETY PRODUCTS tevens tot betaling van de aan de zijde van de NV KBC BANK gevallen kosten van de beide aanleggen, begroot op : - kosten dagvaarding en rolstelling: 255,64 EUR - rechtsplegingsvergoeding (eerste aanleg) : 3.000,00 EUR - rolrecht hoger beroep: 186,00 EUR - rechtsplegingsvergoeding (hoger beroep): 3.000,00 EUR Wijst de door de NV KBC BANK bij dagvaarding van 15 juni 2009 uit-gebrachte vordering in gedinghervatting als onontvankelijk af en ver-wijst de NV KBC BANK in de kosten hiervan, niet nader begroot bij gebrek aan opgave. Aldus gewezen door de zevende kamer van het Hof van beroep te Gent, zetelende in burgerlijke zaken samengesteld uit: Pieter Vanherpe, raadsheer, waarnemend kamervoorzitter, Geneviève Vanderstichele, raadsheer, Geert De la Ruelle, raadsheer, bijgestaan door Kristoffel Goossens, griffier en uitgesproken door de kamervoorzitter in openbare terechtzitting op maandag vijf oktober tweeduizend en negen. Gerelateerde publicatie(s) citeert: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20080417.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div