← België

ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20091012.11

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van beroep van Gent Vonnis/arrest van 12 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:HBGNT:2009:ARR.20091012.11 Rolnummer: 2009/EV/29 Rechtsgebied: Insolventierecht Invoerdatum: 2009-12-14 Raadplegingen: 91 - laatst gezien 2026-07-02 20:24 Fiche Uit art. 27 en 28 van de faillissementswet volgt dat het aan de alge-mene vergadering van de rechtbank van koophandel is om zowel over de ontvankelijkheid als de gegrondheid van de vraag tot opna-me op de lijst van de curators te oordelen. Hoger beroep (bij eenzijdig verzoekschrift) tegen de niet-behandeling van de kandidaturen is mogelijk. Wanneer er op het eerste gezicht geen elementen zijn tegen de voorlegging van een kandidatuur voor de algemene vergadering ver-zendt het Hof van beroep de zaak terug naar de voorzitter van de rechtbank van koophandel tot het bijeenroepen van een algemene vergadering waarop de kandidatuur wordt behandeld. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE Vrije woorden: Lijst van curatoren - opname - niet behandeling door algemene vergadering van de rechtbank van koophandel - hoger beroep. Tekst van de beslissing Hof van beroep te Gent 7de Kamer ________ Terechtzitting van 12 oktober 2009 ________ 2009/EV/29 - In de zaak van: F. Y., advocaat, met kantoor gevestigd te ....................................., appellant, velt het hof het volgend arrest: De verzoeker is gehoord in raadkamer en het hof heeft kennis genomen van zijn stukken. I. A. Op zaterdag 28 februari 2009 om 20.05 u. verstuurt Meester Y. F. met fax een op de dag van 28 februari 2009 gedateerde brief aan de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk met de volgende inhoud: " Geachte Heer Voorzitter Conform het Koninklijk Besluit van 5 december 1997 tot vaststelling van de procedure van voordracht van de kandidaten bepaald in artikel 27, vijfde lid van de faillissementswet van 8 augustus 1997, verzoek ik u mijn naam op de lijst van de curatoren te willen handhaven. Met dank bij voorbaat. Aangaande mijn bekwaamheid terzake kan ik verwijzen naar de talrijke faillissementen alwaar ik als curator ben aangesteld. Verder neem ik deel aan diverse studiedagen, gefocust op het handels-recht. Indien u nog bijkomende informatie of stukken wenst, zal ik u deze uiteraard op uw eerste verzoek overmaken. In de hoop op een positief gevolg, groet ik u, geachte heer Voorzitter, hoogachtend. (onleesbare handtekening) Y. F. " Dat de verzoeker op de voormelde dag en uur de fax heeft verstuurd én de fax ook op dàt tijdstip is ontvangen door de griffie van de rechtbank van koophandel, blijkt duidelijk uit de opdruk boven-aan de kwestieuze fax, waarvan de verzoeker een "enkele kopie" voorlegt "van een stuk berustende ter griffie van de rechtbank van koophandel te Kortrijk". (stuk nr. 2, dossier verzoeker) De kwestieuze fax draagt de stempel van de rechtbank van koop-handel te Kortrijk die gedateerd is op 02.03.

  1. B. Onder stuk nr. 3 legt de verzoeker kopie voor van het "Proces-verbaal van de algemene vergadering van de rechtbank van koop-handel van het rechtsgebied Kortrijk gehouden op vrijdag vijf juni 2009 om 16.30 u in de gehoorzaal van deze rechtbank". Als relevant voor het voorliggende beroep van de verzoeker citeert het hof uit dit proces-verbaal: " Het tweede punt van de dagorde is de opstelling van de lijst van curatoren voor het gerechtelijk jaar 2009-
  2. De voorzitter gaat over tot de lezing van de namen van de personen die overeenkomstig artikel 1 par. 1 van het Koninklijk Besluit van 5 december 1997 tijdig, d.w.z. vóór 1 maart 2009, hun aanvraag hebben ingediend om ingeschreven te worden op de in artikel 27 van de Faillissementswet van 8 augustus 1997 bedoelde lijst, met name: (...volgt dan een reeks van namen waartussen de naam van de verzoeker niet voorkomt). Alle aanvragen worden in alfabetische volgorde behandeld, eerst de aanvragen tot heropname op de lijst, daarna de nieuwe aanvragen. (...). Er wordt vervolgens overgegaan tot de geheime stemming voor wat de kandidaten betreft die wel ingeschreven zijn op het tableau van de Orde van Advocaten van het gerechtelijk arrondissement Kortrijk en die tijdig, d.w.z. vóór 1 maart 2009, hun aanvraag hebben ingediend. (...). De stemmen worden geteld. Het resultaat is als volgt: (...volgt de lijst van de resultaten van de stemming, waarbij de verzoeker niet wordt vermeld). In acht genomen de resultaten van de stemming, wordt de lijst van de curatoren voor het gerechtelijk jaar 2009-2010 vastgesteld als volgt: (...volgt de lijst van de curatoren voor het gerechtelijk jaar 2009-2010, waarbij de verzoeker niet wordt vermeld). (...). " II. Met verzoekschrift neergelegd op 16 juli 2009 tekent de verzoeker hoger beroep aan " tegen een beslissing van de Algemene Verga-dering van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk d.d. 5 juni 2009, aan verzoeker nog niet ter kennis gebracht door de griffie van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk. " De verzoeker vraagt: " Het hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren; Te zeggen voor recht dat verzoeker tijdig de in het K.B. van 5 december 1997 voorziene aanvraag tot opname op de lijst van curato-ren voor het gerechtelijk jaar 2009-2010 heeft ingediend; De opname van verzoeker op de lijst van curatoren voor het gerechtelijk jaar 2009-2010 te bevelen; Ondergeschikt te zeggen voor recht dat de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk binnen de 8 dagen na het tussen te komen arrest, de kandidatuur van verzoeker aan de Algemene Vergadering dient voor te leggen; De kosten lastens de Belgische Staat te leggen, voor verzoeker voorlopig begroot op 186 euro rolrecht. " III. Het KB van 5 december 1997 bepaalt onder artikel 1: " §
  3. De kandidaten die wensen te worden ingeschreven op de in artikel 27 van de Faillissementswet van 8 augustus 1997 bedoelde kandidatenlijst, dienen uiterlijk voor 1 maart van elk jaar daartoe een schriftelijke aanvraag in bij de voorzitter van de rechtbank van koophandel, onverminderd zijn recht bijkomende andere data te voorzien. Bij hun schriftelijke aanvraag, moeten de kandidaten een dossier voegen, dat alle nuttige stukken die getuigen van hun bijzondere opleiding en van hun bekwaamheid op het gebied van vereffe-ningsprocedures bevat. §
  4. Het dossier dat aldus voor elke kandidaat op de rechtbank van koophandel wordt bijgehouden bevat naast de in § 1 vermelde stukken bovendien het advies van de voorzitter in handelszaken, de voorzitter van de rechtbank van koophandel en van de procureur des Konings van het arrondissement van de rechtbank van koophandel waar de aanvraag werd gedaan alsmede het advies van de stafhouder van de balie waar de kandidaat op het tableau is ingeschreven. §
  5. Onverminderd zijn recht om hierover meerdere algemene vergaderingen bijeen te roepen, roept de voorzitter van de rechtbank van koophandel uiterlijk voor 30 juni van elk jaar, ten minste één algemene vergadering bijeen, om uitspraak te doen over de aanvragen tot inschrijving of tot schrapping van inschrijving op de kandidatenlijst. De beslissing waarbij een inschrijving op de lijst wordt geweigerd wordt met redenen omkleed en wordt vermeld in het proces-verbaal van de algemene vergadering van de rechtbank van koophandel. Het uittreksel van het proces-verbaal van de algemene vergadering met de beslissing tot weigering wordt bij gerechtsbrief aan de geweigerde kandidaat ter kennis gebracht. " Art. 27 van de faillissementswet luidt onder meer: " De curators worden gekozen uit de personen ingeschreven op een lijst opgesteld door de algemene vergadering van de rechtbank van koophandel. Te dien einde kunnen de leden van de algemene vergadering zelf stemmen of bij volmacht. (...). " Art. 28 van de faillissementswet luidt onder meer: " Tegen elke beslissing waarbij inschrijving op een lijst van curators wordt geweigerd of waarbij een inschrijving wordt geschrapt, kan hoger beroep worden ingesteld voor het hof van beroep.(...) In voorkomend geval beveelt het hof de inschrijving op de lijst. ". IV. A. De procedure tot opname op de lijst van kandidaat-curatoren is te aanzien als een procedure "sui generis" die noch administratief, noch gerechtelijk is. Zij bestaat uit twee onderdelen: - de indiening van de schriftelijke aanvraag bij de Voorzitter van de rechtbank van koophandel vóór 1 maart van het kwestieuze gerech-telijk jaar - de beoordeling van de kandidatuur door de algemene vergadering van de rechtbank van koophandel. B. De faillissementswet bevat onder art. 28 een specifieke regeling voor het hoger beroep tegen " elke beslissing waarbij inschrijving op een lijst van curators wordt geweigerd of waarbij een inschrijving wordt geschrapt ". Alhier heeft de algemene vergadering de inschrijving van de verzoeker op de lijst niet geweigerd noch heeft zij de inschrijving ge-schrapt: de kandidatuur van de verzoeker is immers hoegenaamd niet ter sprake gekomen. Van enige beoordeling, laat staan weige-ring dan schrapping, is geen sprake geweest. Aldus is de specifieke regeling van art. 28 faillissementswet, waarbij de appèlrechter na beoordeling van het hoger beroep in voorkomend geval de inschrijving op de lijst beveelt, niet aan de orde. Uit deze twee artikelen van de faillissementswet volgt evenwel dat het de bedoeling is van de Wetgever dat het aan de algemene ver-gadering toekomt te oordelen over alle aspecten van de kandidatuurstelling, zowel over de ontvankelijkheid - inbegrepen de tijdigheid als de regelmatigheid - als de gegrondheid ervan. C. Dat de specifieke regeling van art. 28 faillissementswet niet van toepassing is, kan evenwel niet betekenen dat de kandidaat-curator over geen rechtsmiddel zou beschikken om zich te voorzien tegen de niet-behandeling van zijn kandidatuur. Het ontzeggen van welk mogelijke voorziening dan ook zou de aan-tasting betekenen van het fundamenteel recht - zij het geen alge-meen rechtsbeginsel - van de mogelijkheid van hoger beroep, waarvan o.m. art. 1050 Ger.W. een emanatie is. D. Binnen het kader van de bijzondere aspecten van de procedure van kandidatuurstelling om opgenomen te worden op de lijst van curato-ren, waarbij een beslissing van de algemene vergadering tot weige-ring dan wel schrapping niet aan de orde is, mede rekening houdende met de voormelde bedoeling van de Wetgever, is het de ge-paste conclusie dat aan de Voorzitter wordt gevraagd de kandida-tuur aan de algemene vergadering voor te leggen, indien voor de appèlrechter blijkt dat daar op het eerste gezicht voldoende grond toe is. Het hof stelt vast dat er op het eerste gezicht geen elementen zijn die zich verzetten tegen de voorlegging van het verzoek aan de al-gemene vergadering van de rechtbank van koophandel. V. Gerechtskosten Gezien de aard van de betwisting en het gevolg dat eraan wordt gegeven, wordt de Belgische Staat veroordeeld tot het rolrecht van de beroepsakte. OP DEZE GRONDEN, HET HOF, Recht doende op eenzijdig verzoekschrift inhoudende hoger be-roep; Bevestigt dat toepassing is gemaakt van artikel 24 van de Wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken; Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond in de zin die volgt: Verzoekt de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Kortrijk om een algemene vergadering van de Rechtbank bijeen te roepen om uitspraak te doen over de aanvraag van de verzoeker tot inschrijving op de kandidatenlijst van de curatoren voor het jaar 2009-
  6. Veroordeelt de Belgische Staat het rolrecht van de beroepsakte, zijnde 186,00 EUR, te betalen. Aldus gewezen door de zevende kamer van het Hof van beroep te Gent, zetelende in burgerlijke zaken samengesteld uit: Pieter Vanherpe, raadsheer, waarnemend kamervoorzitter, Geert De la Ruelle, raadsheer, Guy Danneels, raadsheer, bijgestaan door Kristoffel Goossens, griffier en uitgesproken door de kamervoorzitter in raadkamer op maandag twaalf oktober tweeduizend en negen. Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.