← België

ECLI:BE:ORGNT:2006:JUG.20061228.1

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 28 december 2006 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2006:JUG.20061228.1 Rolnummer: AR 2435/06 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2008-09-30 Raadplegingen: 119 - laatst gezien 2026-07-02 14:54 Fiche UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Vennootschappen met rechtspersoonlijkheid: gemeenschappelijke bepalingen - Organen - Vertegenwoordiging Vrije woorden: schijnvertegenwoordiging Tekst van de beslissing Nr. Rep. De Rechtbank van Koophandel van het rechtsgebied Kortrijk, Provincie West-Vlaanderen, EERSTE KAMER, rechtsprekend: In de zaak nr 2435/06 der algemene rol De naamloze vennootschap LANO, met vennootschapszetel te 8530 Harelbeke, Gentsestraat 2 ; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder het nummer 0405.425.356; eiseres, hebbend als raadsman meester Claude Van Marcke, advocaat te 8570 Anzegem, Kerkstraat 1 en pleitend meester Delphine Cloet, advocaat te Waregem ; tegen : De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid KOUTERMOLEN, met vennootschapszetel te 8530 Harelbeke, Generaal Deprezstraat 57 ; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer 0427.835.920; verweerster, niet langer verschijnende; En : In de zaak nr 2435/06 gedwongen tussenkomst der algemene rol De naamloze vennootschap LANO, met vennootschapszetel te 8530 Harelbeke, Gentsestraat 2 ; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder het nummer 0405.425.356; eiseres in gedwongen tussenkomst, hebbend als raadsman meester Claude Van Marcke, advocaat et 8570 Anzegem, Kerkstraat 1 en pleitend meester Delphine Cloet, advocaat te Waregem ; tegen : X, geboren te ... op ..., wonende te ...; verweerder in gedwongen tussenkomst, verstek. Gezien de inleidende dagvaardingen, die regelmatig werden betekend aan verweerster op 27 juni 2006 en aan verweerder in gedwongen tussenkomst op 25 juli 2006; Gezien de stukken van rechtspleging; Gezien de door eiseres en verweerster neergelegde dossiers; Gehoord de eiseres in haar middelen en besluiten voorgedragen in openbare terechtzitting van 23 november 2006, waarop de zaak in beraad werd genomen. Gelet op de wet van 15 juni 1935 tot regeling van het taalgebruik in gerechtszaken; De feiten en retroacten Uit de voorgelegde stukken blijkt dat tussen Koutermolen en dhr. X een overeenkomst zou zijn ontstaan "met betrekking tot de overname van Koutermolen BVBA". Dhr. X zou volgens mw. Y, de zaakvoerder van Koutermolen BVBA, vanaf januari 2006 op slinkse wijze in het handelspand, zijnde de drankgelegenheid met de naam "De Koutermolen", zijn getrokken en dit gedurende een zestal maanden hebben uitgebaat, zonder haar de prijs voor "de overname van de aandelen" te betalen. Op 9 maart 2006 leverde Lano tapijten aan De Koutermolen BVBA, op het adres van de maatschappelijke zetel van deze vennootschap gelegen te Harelbeke, Gen Deprezstraat

  1. Deze levering werd afgetekend voor ontvangst door dhr. X. Op 10 maart 2006 werd de factuur overgemaakt aan Koutermolen. Vermits geen betaling volgde, stelde Lano bij brief van haar raadsman van 22 juni 2006 Koutermolen in gebreke om over te gaan tot betaling. Bij brief van 10 juli 2006 deelde mw. Y mee dat dhr. X onder het mom van haar BVBA handel drijft. Zij laat weten dat deze persoon niet gemachtigd is om te handelen in naam van de Koutermolen BVBA. Vermits geen minnelijke regeling mogelijk was, liet Lano bij exploot betekend op 27 juni 2006 overgaan tot dagvaarding. Bij exploot betekend op 25 juli 2006 werd dhr. X in gedwongen tussenkomst gedagvaard. De vordering - Standpunten van partijen Lano vordert dat : Koutermolen en dhr. X solidair zouden worden veroordeeld om haar euro 2.125,16 te betalen meer de conventionele rente aan 9,6 % op 1.845,06 vanaf 27 juni 2006 tot op de datum van de volledige betaling. Koutermolen is van oordeel dat : zij niet gehouden is om de factuur van Lano te betalen vermits dhr. X geen bevoegdheid had om haar te vertegenwoordigen. Koutermolen vordert bij tusseneis dat : Dhr. X haar dient te vrijwaren voor alle bedragen die zij krachtens het tussen te komen vonnis gehouden is te betalen aan Lano. Dhr. X laat verstek gaan. Beoordeling
  2. Vordering van Lano ten aanzien van Koutermolen. Lano betwist niet dat uit de voorgelegde stukken thans blijkt dat dhr. X niet over de nodige bevoegdheid beschikte om Koutermolen te vertegenwoordigen. Zij beroept zich echter op het gebrek aan protest van de factuur en de schijnvertegenwoordiging teneinde de veroordeling van Koutermolen te bekomen. 1.
  3. Het niet protesteren van de factuur Lano houdt voor dat de factuur niet geprotesteerd werd door Koutermolen zodat ze bij gebrek aan protest geacht wordt deze factuur te hebben aanvaard en zij gehouden is deze te betalen. Krachtens art. 25 Wb Kh kan de aanvaarde factuur het bewijs opleveren van het bestaan van een koop - verkoop overeenkomst. Dit bewijs blijft echter een weerlegbaar vermoeden, zodat de ontvanger van de factuur desgevallend het tegenbewijs kan aanbrengen dat de factuur geen getrouwe weergave is van de overeenkomst. In dit geval houdt Koutermolen voor dat haar orgaan pas in juni kennis kreeg van de kwestieuze factuur en alsdan onmiddellijk het nodige heeft gedaan om deze factuur te protesteren vermits de koop-verkoop in haar naam werd gesloten door een persoon die niet gemachtigd was om haar te vertegenwoordigen. 1.
  4. De schijnvertegenwoordiging Om een beroep te kunnen doen op de schijnvertegenwoordiging, dient aan vier voorwaarden te zijn voldaan:
  5. er moet een schijnbare vertegenwoordigingsbevoegdheid bestaan bij diegene die beweert op te treden als lasthebber maar die in werkelijkheid geen of een beperktere vertegenwoordigingsbevoegdheid heeft;
  6. deze schijnbare vertegenwoordigingsbevoegdheid van de lasthebber moet toe te rekenen zijn aan de lastgever;
  7. de derde die zich op de schijnbare vertegenwoordigingsbevoegdheid van de lasthebber beroept om hieraan in zijn voordeel rechtsgevolgen te verbinden, moet te goeder trouw zijn;
  8. de te goeder trouw zijnde derde lijdt schade als deze schijntoestand niet wordt gehonoreerd door de lastgever. Wat de goede trouw van de derde betreft geldt dat op de derde enkel een normale en redelijke onderzoeksplicht rust, waarvan de omvang en de grondigheid verschillen naargelang van de concrete omstandigheden en het belang van de zaak (Kh. Hasselt, 17 januari 2000, R.W. 2003-04, afl. 5, 189). De rechtbank stelt vast dat niet betwist wordt dat dhr. X de bestelling heeft geplaatst in naam van Koutermolen BVBA terwijl hij niet gerechtigd was om deze vennootschap te vertegenwoordigen. Er dient echter vastgesteld dat Koutermolen BVBA de uitbating op zich nam van de drankgelegenheid met dezelfde naam, gelegen te Harelbeke, Gen Deprezstraat 57, eveneens het maatschappelijk adres van de vennootschap. Er wordt verder vastgesteld dat tussen dhr. X en mw. Y blijkbaar een overeenkomst tot stand gekomen was waarbij dhr X alle aandelen van de vennootschap zou overnemen en dit voor de prijs van euro 100.
  9. Alhoewel deze overeenkomst niet werd uitgevoerd, wat inhoudt dat de aandelen niet op naam van dhr. X werden ingeschreven in het aandelenregister en deze laatste derhalve evenmin een algemene vergadering kon laten bijeenroepen om hem tot zaakvoerder aan te duiden, dient toch vastgesteld dat Koutermolen heeft toegelaten dat dhr. X zijn intrek nam op het adres van de maatschappelijke zetel. De zaakvoerster van Koutermolen heeft het op geen enkel ogenblik nodig geacht haar maatschappelijke zetel te veranderen, vermoedelijk in afwachting dat de aandelen effectief zouden worden ingeschreven op naam van dhr. X, waarna deze als zaakvoerder zou kunnen benoemd worden. Dit hield echter in dat een persoon die zich aanbood op de maatschappelijke zetel van Koutermolen uitsluitend dhr. X ontmoette, waardoor in hoofde van deze personen de indruk werd gewekt dat dhr. X de vennootschap had overgenomen en deze kon vertegenwoordigen, zoals overigens ook de bedoeling was van partijen Y en X. Op die wijze heeft dhr. X onder meer een nieuwe huurovereenkomst gesloten in naam van Koutermolen BVBA met de eigenares van het pand en heeft hij eveneens bij Lano een bestelling geplaatst. Bovendien heeft Lano na de levering onmiddellijk haar factuur opgestuurd aan de maatschappelijke zetel waar deze factuur effectief is toegekomen (ondanks de materiele vergissing in het adres) zonder dat zij werd geprotesteerd. Uiteindelijk bleek dhr. X niet alleen tekort te schieten in zijn verplichting om de overnamesom te betalen doch betaalde hij evenmin de huur noch de bestelling die hij heeft geplaatst bij Lano. Pas op dat ogenblik heeft de zaakvoerster van Koutermolen BVBA gesteld dat zij niet kon gehouden zijn om deze facturen te betalen en heeft zij de leveranciers verwittigd. Op die wijze wenst Koutermolen alsnog het onvermogen van dhr. X om de facturen te betalen ten laste te leggen van derden. Rekening houdend met hetgeen voorafgaat is de rechtbank van oordeel dat in hoofde van derden de schijn werd verwekt dat dhr. X Koutermolen kon vertegenwoordigen, is deze schijn toerekenbaar aan Koutermolen BVBA en heeft Lano te goeder trouw gehandeld waardoor zij schade heeft geleden. Koutermolen BVBA is dan ook gehouden de voornoemde factuur te betalen.
  10. Vordering van Lano ten aanzien van dhr X Lano vordert dat dhr X solidair zou gehouden zijn met Koutermolen om de factuur te betalen. Bij gebrek aan verweer, kan de vordering worden toegekend.
  11. Vordering van Koutermolen ten aanzien van dhr X Koutermolen vordert dat dhr X zou gehouden zijn haar te vrijwaren voor alle bedragen die zij zou dienen te betalen aan Lano. Bij gebrek aan verweer en rekening houdend met de voorgelegde gegevens kan de vordering worden toegekend. Gelet op de artikelen 2 en volgende van de Wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken ; OM DEZE REDENEN, De rechtbank, Wijzende op verstek ten aanzien van dhr. X en voor het overige op tegenspraak in toepassing van art. 804,2 Ger.W.; Alle andere middelen afwijzend als ongegrond of niet ter zake dienend; Verklaart de hoofdeis ontvankelijk en gegrond, Dienvolgens veroordeelt Koutermolen BVBA en dhr. X solidair om te betalen aan Lano nv het bedrag van TWEEDUIZEND HONDERD VIJFENTWINTIG euro ZESTIEN cent (2.125,16) meer de moratoire vanaf 27 juni 2006 tot aan datum dagvaarding en vanaf dagvaarding de gerechtelijke rente tot op datum van betaling, dit alles aan de conventionele rentevoet van 9,6 % op een bedrag van euro 1.845,
  12. Verklaart de tusseneis ontvankelijk en gegrond; Dienvolgens zegt voor recht dat dhr. X gehouden is Koutermolen BVBA te vrijwaren voor alle bedragen die zij krachtens dit vonnis dient te betalen aan Lano nv. Verwijst Koutermolen BVBA in de kosten van het geding in hoofde van Lano nv begroot op euro 206,05 kosten van dagvaarding en euro 182,20 rechtsplegingsvergoeding ; Verwijst dhr. X in de kosten van de procedure in tussenkomst in hoofde van Lano begroot op euro 210,49 kosten van dagvaarding. Verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Aldus het vonnis uitgesproken in het gerechtsgebouw II te Kortrijk in buitengewone openbare terechtzitting van ACHTENTWINTIG DECEMBER TWEEDUIZEND EN ZES. Aanwezig: L. Billiet, rechter ; P. De Smet, rechter in handelszaken en J. Bral, plaatsvervangend rechter in handelszaken, de tweede door de Voorzitter aangewezen ter vervanging van de rechter in handelszaken J. Decorte, wettig verhinderd zijnde de uitspraak van huidig vonnis bij te wonen waarover hij mede heeft beraadslaagd (art. 779 Ger.W.) ; N. Bostoen, griffier. N. Bostoen J. Bral P. De Smet L. Billiet Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.