id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 23 april 2007 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2007:JUG.20070423.7 Rolnummer: AR 2607/06 Rechtsgebied: Handelsrecht Invoerdatum: 2007-12-04 Raadplegingen: 116 - laatst gezien 2026-07-02 15:34 Fiche UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Vennootschappen met rechtspersoonlijkheid: gemeenschappelijke bepalingen - Zetel - Zetelverplaatsing HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Naamloze vennootschap - Bestuur Vrije woorden: Vordering tot verplaatsing van een maaschappelijke zetel quasi-immuniteit van bestuurders Tekst van de beslissing Nr. Rep. De Rechtbank van Koophandel van het rechtsgebied Kortrijk, Provincie West-Vlaanderen, VIERDE KAMER, rechtsprekend: In de zaak nr 2607/06 der algemene rol
- De heer FC, bestuurder, wonende te ** ;
- Mevrouw SM, bestuurster, wonende te ** ; eisers, hebbende als raadsman meester Marc D'Hoore, pleitend meester Tamara Decorte, advocaten te Brugge ; tegen :
- De heer PVV, vastgoedmakelaar, wonende te ** ; eerste verweerder
- De heer JVV, makelaar in onroerende goederen, wonende te **; tweede verweerder
- De heer HD, secretaris, wonende te **; derde verweerder
- De naamloze vennootschap "VANCAEN VASTGOED", met vennootschapszetel te 8870 Izegem, Molenhoekstraat 100; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer 0467.630.664; gedagvaard in gemeenverklaring allen hebbende als raadsman meester Marc Crommen, pleitend meester Filip Smet, advocaten te Antwerpen. I. PROCEDURE De zaak werd ingeleid bij dagvaarding, die op regelmatige wijze werd betekend: - aan de NV Vancaen Vastgoed (hierna ook kortweg: de vennootschap) op 27 juni 2006; - aan de Heer HD (hierna kortweg: HD) op 30 juni 2006; - aan de Heer PVV en de Heer JVV (hierna kortweg: de Heren VV) op 6 juli
- Gelet op het schrijven dd. 3 maart 2007 van de NV Vancaen Vastgoed aan de rechtbank (dat ter zitting van 5 maart 2007 met akkoord van eisers aan de rechtbank werd overhandigd), waarbij de NV Vancaen Vastgoed erop wijst dat zij tevens werd gedagvaard voor de eerste kamer van de rechtbank van koophandel te Kortrijk door huidige eisers en dat het voorwerp van deze procedure hetzelfde is (nl. de zetelverplaatsing van de vennootschap) als het voorwerp van huidige procedure. Deze zaak werd bij verstek behandeld (zij stelt dat de dagvaarding haar niet bereikte) op 15 februari 2007 en voor uitspraak gesteld op 15 maart
- Partijen hebben hun middelen en besluiten voorgedragen in openbare terechtzitting van 5 maart 2007, waarna de zaak - gelet op het hoger vermelde - in voortzetting werd gesteld op 26 maart
- De zaak werd op 26 maart 2007 in beraad genomen. Kennis werd genomen van het dossier van de rechtspleging. Eisers enerzijds en verweerders en de in gemeenverklaring gedagvaarde partij anderzijds hebben elk een stukkenbundel neergelegd. De artikelen 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 tot regeling van het taalgebruik in gerechtszaken werden in acht genomen. II. IN FEITE De NV Vancaen Vastgoed werd opgericht op 24/11/99 door de Heer FC en de Heer PVV. Beide oprichters participeerden voor 50 % in het kapitaal van de vennootschap en verkregen hiervoor elk 310 aandelen. Bij de oprichting werden naast de oprichters ook Mevrouw SM (echtgenote van de Heer FC) en de Heer JVV (vader van PVV) tot bestuurder benoemd. Later werd ook de Heer HD tot bestuurder benoemd. In de loop van 2005 ontstond er onenigheid tussen de Heer en Mevrouw FC-SM enerzijds en de Heren VV en HD anderzijds. De maatschappelijke zetel van de vennootschap is sinds de oprichting gevestigd te 8870 Izegem, Molenhoekstraat
- Dit is tevens het privé-adres van de Heer en Mevrouw FC-SM. Mevrouw SM nam ontslag als bestuurder op 14/01/
- De Heer FC stelt ontslag te hebben genomen als gedelegeerd bestuurder en als bestuurder op 6/10/
- Eisers verzochten de Heren VV en HD meermaals om de maatschappelijke zetel van de vennootschap te verplaatsen, stellende dat zij sinds hun ontslag de vennootschap niet meer kunnen vertegenwoordigen, geen post meer in ontvangst kunnen nemen, ... Eisers stellen dat overeenkomstig art. 2 van de statuten van de vennootschap de raad van bestuur (bestaande uit de Heren VV en HD) bevoegd is om de zetel te verplaatsen. Eisers vorderen in de dagvaarding: - de veroordeling van de Heren VV en HD tot de verplaatsing van de maatschappelijke zetel van de vennootschap en de publicatie in de bijlagen van het B.S. hiervan, binnen de 48 uren na de betekening van het tussen te komen vonnis, dit alles onder de verbeurte van een dwangsom van 5.000,00 euro per dag vertraging; - de gemeenverklaring van het vonnis t.a.v. NV Vancaen Vastgoed. In hun besluiten neergelegd op 11/10/06 breidden eisers hun vordering uit en vorderen zij tevens de veroordeling van de vennootschap tot verplaatsing van de zetel; in de synthesebesluiten neergelegd op 19/02/07 is deze vordering echter niet meer terug te vinden. In hun besluiten neergelegd op 19/02/07 breidden eisers hun vordering uit en vorderen tevens de veroordeling van de eerste drie gedaagden tot het betalen van een schadevergoeding provisioneel begroot op 2.500,00 euro wegens de schade die zij veroorzaakten aan eisers ingevolge de weigering tot verplaatsing van de maatschappelijke zetel van de NV Vancaen Vastgoed. Verweerders werpen vooreerst de materiële en territoriale onbevoegdheid op. Verweerders stellen verder dat de vorderingen van eisers dienen te worden afgewezen als ongegrond. Verweerders vorderen bij tegeneis: - de veroordeling van eisers tot het betalen van een schadevergoeding wegens het instellen van een tergend en roekeloos geding ten bedrage van 2.500,00 euro aan elk van de drie verweerders; - de veroordeling van de Heer FC tot het betalen van een schadevergoeding van 5.000,00 euro aan de NV Vancaen Vastgoed wegens het maken van bestuurdersfouten. Eisers stellen dat de tegeneisen van de Heren VV en HD t.a.v. hen dienen te worden afgewezen als ongegrond, en dat de tegenvordering van de NV Vancaen Vastgoed t.a.v. hen dient te worden afgewezen als onontvankelijk/ontoelaatbaar (minstens als ongegrond). Eisers vorderen in ondergeschikte orde de afsplitsing te bevelen van de tegeneis ingesteld door de NV Vancaen Vastgoed t.a.v. de Heer FC tot het betalen van een schadevergoeding wegens vermeende bestuurdersfouten. III. IN RECHTE III.1 BETREFFENDE DE BEVOEGDHEID Verweerders stellen dat de rechtbank van koophandel niet bevoegd is aangezien huidige zaak het gebruik betreft door NV Vancaen Vastgoed van het adres en de locatie gelegen te 8870 Izegem, Molenhoekstraat
- Deze rechtsverhouding sluit volgens verweerders best aan bij een bruikleenovereenkomst krachtens dewelke de vennootschap het adres van één van de oprichters mocht gebruiken, zodat het geschil geen geschil betreft dat valt onder het toepassingsgebied van de artikelen 574,1° Ger.W. en 628,13° Ger.W. Verweerders stellen tevens dat de vordering wordt ingesteld tegen een deel van de raad van bestuur (aangezien eiser volgens hen nog steeds deel uitmaakt van de raad van bestuur), hetgeen niet mogelijk is. Verder stellen ze dat de verweerders geen handelaar zijn (bestuurders). De rechtbank van koophandel is volgens verweerders tevens territoriaal onbevoegd omdat geen van de bestuurders woonachtig is in het gerechtelijk arrondissement Kortrijk. Verweerders vermelden niet welke rechtbank volgens hen wel bevoegd is en vragen geen verwijzing naar de bevoegde rechtbank. Art. 574,1° Ger.W. bepaalt dat de rechtbank van koophandel bevoegd is, zelfs wanneer partijen geen handelaar zijn, om kennis te nemen van geschillen terzake van handelsvennootschappen. De NV Vancaen Vastgoed is een handelsvennootschap. Het geschil handelt over de verplaatsing van de zetel van een handelsvennootschap, zijnde een geschil dat valt onder de in art. 574,1° Ger.W. opgesomde partijen (in casu allen aandeelhouders en/of (ex-)bestuurders) waartussen het geschil zich dient voor te doen. Overeenkomstig art. 628,13° Ger.W. is enkel de rechtbank van koophandel van de maatschappelijke zetel van de vennootschap bevoegd, zijnde de rechtbank van koophandel te Kortrijk. De juridische kwalificatie (volgens verweerders bruikleen) die dient te worden gegeven aan de beslissing om te maatschappelijke zetel desgevallend te verplaatsen is irrelevant ter bepaling van de bevoegdheid van huidige rechtbank. Huidige rechtbank is derhalve bevoegd. III.2 BETREFFENDE DE VORDERINGEN VAN EISERS III.2.1 Betreffende de vordering tot verplaatsing van de maatschappelijke zetel t.a.v. de Heren VV en HD Eisers vorderen in de dagvaarding de veroordeling van de Heren VV en HD tot het verplaatsen van de maatschappelijke zetel van de NV Vancaen Vastgoed onder de verbeurte van een dwangsom. Eisers stellen dat de drie verweerders de Raad van Bestuur van de NV uitmaken, dat de Raad van Bestuur van de NV overeenkomstig de statuten het bevoegde orgaan is voor de zetelverplaatsing en dat zij zodoende de zetelverplaatsing kunnen eisen van de gedagvaarde bestuurders. In art. 2 van de statuten wordt inderdaad vermeld dat de Raad van Bestuur het bevoegde orgaan is voor de zetelverplaatsing. Omtrent de huidige samenstelling van de Raad van Bestuur discussiëren partijen. Het wordt niet betwist dat Mevrouw SM haar ontslag als bestuurder indiende op 14/01/
- Het wordt evenmin betwist dat de Heer FC zijn ontslag als gedelegeerd bestuurder indiende op 6/10/
- Verweerders stellen dat de Heer FC thans nog steeds bestuurder is, terwijl de Heer FC stelt dat hij meteen zijn ontslag indiende als gedelegeerd bestuurder en als bestuurder op 6/10/
- In het B.S. dd. 22/12/05 werd het ontslag van de Heer FC als gedelegeerd bestuurder gepubliceerd. In het B.S. dd. 31/07/06 werd het ontslag van de Heer FC als bestuurder gepubliceerd. Het (vrijwillig) ontslag van een zaakvoerder is een eenzijdige rechtshandeling, waarbij een contractpartij aan de andere contractpartij ter kennis brengt dat zij besloten heeft een tussen hen bestaande rechtsbetrekking dadelijk of na verloop van tijd definitief te beëindigen voor de toekomst. (TILLEMAN, B., Bestuur van vennootschappen, Biblo, p. 227) De opzegging dient niet te worden aanvaard door de tegenpartij om rechtsgevolgen te sorteren. Er bestaat wel een eenzijdige meldingsplicht. Dit betekent dat de opzegging pas effect sorteert op het ogenblik dat de contractpartij die wordt opgezegd er kennis van heeft genomen of redelijkerwijze kennis heeft van kunnen nemen. Het is duidelijk dat de Heer FC thans geen bestuurder meer is. Daarmee is de vraag of de Heer FC nog bestuurder was ten tijde van de dagvaarding nog niet beantwoord. Verweerders werpen echter op dat sowieso niet de raad van bestuur doch wel de vennootschap diende te worden gedagvaard. Eisers gingen op 01/02/07 over tot het dagvaarden van de vennootschap en er werd op 15/03/07 een verstekvonnis (385/2007) uitgesproken door de eerste kamer van de rechtbank van koophandel te Kortrijk, waarbij de vennootschap werd veroordeeld tot zetelverplaatsing binnen de 48 uren na betekening van het vonnis onder de verbeurte van een dwangsom van 5.000,00 euro per dag vertraging. Huidige procedure heeft hetzelfde voorwerp als de procedure waarin het verstekvonnis werd uitgesproken, nl. de zetelverplaatsing van de NV Vancaen Vastgoed. Het enige verschil is dat in huidige procedure de zetelverplaatsing gevorderd wordt van de (huidige) bestuurders, terwijl in de hoger vermelde procedure de zetelverplaatsing gevorderd werd van de vennootschap. In de NV werd ter bescherming van derden te goeder trouw door de wet van 6 maart 1973 een strikte scheiding doorgevoerd tussen de externe vertegenwoordiging en de interne bestuursbevoegdheid. Zo is bij de NV de raad van bestuur als college het orgaan van intern bestuur. De bestuursbevoegdheid is een interne aangelegenheid. Het betreft de vraag welk orgaan binnen de vennootschap de bevoegdheid heeft om een bepaald besluit te treffen. De externe vertegenwoordiging slaat op de bevoegdheid om de vennootschap, op grond van de intern genomen besluiten, jegens derden te verbinden. Onder derden dient men te verstaan al degenen die geen lid zijn van een orgaan van de vennootschap en evenmin in die hoedanigheid met de raad van bestuur handelden. Een vennoot die als privé persoon met de vennootschap contacteerde is in dit opzicht een derde. Het feit of de aldus gedefinieerde derde op de hoogte was van de statutaire beperkingen van de bestuurdersbevoegdheid - wat vlugger het geval zal zijn met een vennoot die in een andere hoedanigheid handelde - is een vraag van goede trouw. (TILLEMAN, B., Bestuur van vennootschappen, Biblo, p. 513 e.v.) Eisers zijn thans enkel nog "derden" en hadden de keuze om de vennootschap dan wel de raad van bestuur te dagvaarden. Zij bekwamen een (verstek)vonnis waarbij de vennootschap werd veroordeeld, en het is thans aan het intern bevoegde orgaan binnen de vennootschap om de zetel desgevallend te verplaatsen. De veroordeling van het intern bevoegde orgaan is derhalve overbodig. Indien eisers nog geen vonnis zouden bekomen hebben t.a.v. de vennootschap zou zich een andere situatie voordoen. Er dient daar thans echter niet verder op in te worden gegaan. De vordering wordt - in de gegeven omstandigheden - afgewezen als ongegrond. III.2.2 Betreffende de vordering tot verplaatsing van de maatschappelijke zetel t.a.v. de NV Vancaen Vastgoed Zoals hierboven reeds werd uiteengezet, werd de NV Vancaen Vastgoed reeds veroordeeld tot zetelverplaatsing bij verstekvonnis dd. 15/03/
- In het kader van huidige procedure was de NV Vancaen Vastgoed enkel gedagvaard teneinde het vonnis aan haar tegenstelbaar/gemeen te horen verklaren. Eisers vorderen in hun besluiten neergelegd op 11/10/06 tevens de veroordeling van de vennootschap tot zetelverplaatsing. In hun synthesebesluiten neergelegd op 19/02/07 is van deze eisuitbreiding geen spoor meer terug te vinden. Eisers vorderen in het kader van huidige procedure blijkbaar enkel de veroordeling van de drie bestuurders en de gemeenverklaring t.a.v. de vennootschap. Eisers stellen uitdrukkelijk in hun synthesebesluiten neergelegd op 19/02/07 dat de vordering volgens hen niet tegen de vennootschap als rechtspersoon gericht dient te worden aangezien de vennootschap geen beslissing terzake kan nemen, aangezien de vennootschappen enkel kunnen handelen door hun organen. Deze vordering werd hierboven (zie III.2.1) reeds behandeld. De vordering t.a.v. de vennootschap werd overigens reeds toegekend (zie III.2.1). III.2.3 Betreffende de vordering tot veroordeling van verweerders tot het betalen van schadevergoeding Eisers vorderen de veroordeling van de Heren VV en HD tot het betalen van een schadevergoeding die zij begroten op 2.500,00 euro wegens de schade die zij lijden door het gebrek aan medewerking. Eisers verwijzen naar het feit dat alle briefwisseling nog steeds toekomt op hun privé-adres waardoor zij verplicht werden postbode te spelen en naar het feit dat er beslag gelegd werd op hun persoonlijke goederen (terwijl het een schuldeiser van de vennootschap betrof), waardoor ze een revindicatieprocedure dienden op te starten. De bestuurders genieten van "quasi-immuniteit". Er geldt een samenloopverbod dat impliceert dat een contractspartij wegens een bij de uitvoering van de overeenkomst vermeende begane fout slechts dan extra-contractueel aansprakelijk kan gesteld worden indien de haar ten laste gelegde fout een tekortkoming uitmaakt niet aan haar contractuele verbintenis maar aan de algemene zorgvuldigheidsplicht en indien die fout andere dan aan de slechte uitvoering van de overeenkomst te wijten schade heeft veroorzaakt (Cass. 14 oktober 1986, R.C.J.B., 1988, 341 met noot M. Van Quickenborne, Réflexions sur le dommage purement contractuelle). Eisers tonen niet aan dat de bestuurders dergelijke fout(en) en dusdanige schade veroorzaakten. De vordering wordt ongegrond verklaard. III.3 BETREFFENDE DE VORDERINGEN VAN VERWEERDERS III.3.1 Betreffende de schadevergoeding wegens tergend en roekeloos geding van verweerders t.a.v. eisers Een vergoeding wegens het voeren van een tergende en roekeloze procedure kan enkel worden bekomen indien de eis manifest te kwader trouw werd ingesteld, hetgeen in casu niet wordt bewezen. De vordering wordt afgewezen. III.3.2 Betreffende de vordering tot schadevergoeding van de NV Vancaen Vastgoed t.a.v. de Heer FC wegens het begaan van bestuursfouten De vennootschap vordert 5.000,00 euro (ten provisionele titel) vanwege de Heer FC aangezien hij zich niet langer bezighoudt met de problemen van de vennootschap, en zodoende een bestuurdersfout maakt. De NV Vancaen Vastgoed kan in het kader van huidige procedure geen vordering instellen aangezien zij geen partij is inzake. Zij werd immers enkel gedagvaard teneinde het uit te spreken vonnis aan haar tegenstelbaar/gemeen te horen verklaren. De vordering is ontoelaatbaar. OP DEZE GRONDEN, DE RECHTBANK, Rechtsprekend op tegenspraak, Verklaart de vorderingen van eisers ontvankelijk, doch ongegrond. Verklaart de vordering van de NV Vancaen Vastgoed t.a.v. de Heer FC ontoelaatbaar. Verklaart de vorderingen van de Heren PVV, JVV en HD t.a.v. eisers ontvankelijk, doch ongegrond. Zegt voor recht dat elke partij haar eigen kosten dient te dragen. Verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad niettegenstaande elk rechtsmiddel en zonder borgstelling. Aldus het vonnis uitgesproken in het gerechtsgebouw II te Kortrijk in openbare terechtzitting van maandag, drieëntwintig april tweeduizend en zeven. Aanwezig: B. De Fleur, toegevoegd rechter ; J. Renard en F. Veranneman, rechters in handelszaken, door de voorzitter aangewezen ter vervanging van de rechters in handelszaken J. Dejaegher en K. Govaerts, wettig verhinderd de uitspraak van onderhavig vonnis bij te wonen, waarover zij mede hebben beraadslaagd (art. 779 Ger.W.) ; V. Soreyn, adjunct-griffier. V. Soreyn F. Veranneman J. Renard B. De Fleur Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div