← België

ECLI:BE:ORGNT:2007:JUG.20070625.8

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 25 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2007:JUG.20070625.8 Rolnummer: AR 114/07 Rechtsgebied: Overige - Handelsrecht Invoerdatum: 2007-12-04 Raadplegingen: 100 - laatst gezien 2026-07-02 15:50 Fiche UTU-thesaurus: GERECHTELIJK RECHT - BEVOEGDHEID - Materiële bevoegdheid HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Vennootschappen - Algemene beginselen - Vennootschap - definitie - Doel HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - VENNOOTSCHAPPEN - Vennootschappen - Algemene beginselen - Vennootschap - classificatie - Burgerlijke vennootschap Vrije woorden: statutair doel Tekst van de beslissing Nr. Rep. De Rechtbank van Koophandel van het rechtsgebied Kortrijk, Provincie West-Vlaanderen, VIERDE KAMER, rechtsprekend: In de zaak nr 114/07 der algemene rol De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "FUNDAMENT PROJECTEN", met vennootschapszetel te 8530 Harelbeke, Berkenlaan 138 ; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer 0441.997.722 ; eiseres, hebbend als raadsman meester Geert Sustronck, advocaat te Kortrijk; tegen : De burgerlijke vennootschap onder de vorm van een NV "COMINVEST", met vennootschapszetel te 9770 Kruishoutem, Nachtegaalstraat 2; ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer 0442.653.164; verweerster, hebbend als raadsman meester Koen Bentein, advocaat te Langemark-Poelkapelle. I. PROCEDURE De zaak werd ingeleid bij dagvaarding, die op 5 januari 2007 op regelmatige wijze werd betekend aan verweerster. Partijen hebben hun middelen en besluiten voorgedragen in openbare terechtzitting. Kennis werd genomen van het dossier van de rechtspleging. Partijen hebben elk een stukkenbundel neergelegd. De artikelen 2 en volgende van de wet van 15 juni 1935 tot regeling van het taalgebruik in gerechtszaken werden in acht genomen. II. IN FEITE Eiseres (makelaar) en verweerster sloten op 24/07/06 een schriftelijke overeenkomst, waarbij eiseres de opdracht kreeg te bemiddelen voor de verkoop van een onroerend goed van verweerster gelegen te 8530 Harelbeke, Deerlijksestraat. De overeenkomst werd gesloten voor een duur van 4 maanden. Eiseres stelt dat het onroerend goed op 01/09/06 door verweerster zelf werd verkocht aan de huurders van het goed. Eiseres verwijst naar art. 3 van de overeenkomst, die het volgende bepaalt: "Indien de opdrachtgever tijdens de duur van de opdracht de overeenkomst vroegtijdig beëindigt of een derde persoon belast met de verkoop of een ander feit welke de verkoop onmogelijk maakt, zal een schadevergoeding gelijk aan de helft van het overeengekomen commissieloon verschuldigd zijn." Eiseres stelt dat het overeengekomen commissieloon 6.050,00 euro bedroeg. Eiseres factureerde op 01/09/06 een bedrag van 3.025,00 euro aan verweerster. Eiseres vordert thans betaling van de som van 3.025,00 euro, meer 15 % interest en een schadebeding ten bedrage van 453,75 euro. Verweerster stelt vooreerst dat huidige rechtbank niet bevoegd is, aangezien zij een burgerlijke vennootschap is. Eiseres is van oordeel dat huidige rechtbank wel bevoegd is. Verweerster is verder van oordeel dat de hoofdvordering dient te worden afgewezen als onontvankelijk, minstens als ongegrond. Verweerster vordert bij tegeneis: - de veroordeling van eiseres tot het betalen van de som van 2.500,00 euro, meer interest, uit hoofde van verbreking van de overeenkomst door eiseres; - de veroordeling van eiseres tot het betalen van de som van 1.000,00 euro, meer interest, uit hoofde van het voeren van een tergend en roekeloos geding door eiseres. Eiseres stelt dat de tegeneisen ongegrond dienen te worden verklaard. III. IN RECHTE : BETREFFENDE DE BEVOEGDHEID Verweerster stelt dat zij een burgerlijke vennootschap is, meer bepaald een patrimoniumvennootschap, en dat zij geen handel drijft. Eiseres stelt dat verweerster op papier een burgerlijke vennootschap is, maar in werkelijkheid een handelsvennootschap. Eiseres verwijst vooreerst naar het doel van verweerster, zoals verwoord in haar oprichtingsakte dd. 12/12/90. Eiseres verwijst verder naar het feit dat verweerster werd gedagvaard door de RSZ, hetgeen er volgens haar op wijst dat zij personeel in dienst heeft, alsook naar het feit dat verweerster verschillende opeenvolgende jaren verlies lijdt. Volgens de traditionele opvatting luidt het dat het doel van de vennootschap, zoals in de statuten bepaald, aan de vennootschap haar burgerlijk of commercieel karakter verleent, zonder dat de feitelijke activiteit van de vennootschap relevant is. De feitelijke activiteit werd louter een interpretatieve betekenis toegekend bij onduidelijkheid over het statutaire doel. Indien een vennootschap het stellen van daden van koophandel tot doel heeft, is zij een handelsvennootschap. De aard van de activiteit die de vennootschap daadwerkelijk uitoefent, is niet van belang ter aanduiding van het handels- dan wel burgerlijk karakter ervan. De werkelijke activiteit speelt geen rol. (Denef, M., De kwalificatie als handelsvennootschap, T.R.V. 1999, 114-117; Vananroye, J., Het geschreven statutair doel, de feitelijke activiteit en het handelaarschap van een vennootschap, R.W. 2001-02, 983-87; Wyckaert, M., De vorm van de vennootschap en de aard van het maatschappelijk doel, T.R.V. 1989, 216). Alleen de voorgenomen bedrijvigheid telt. In de oprichtingsakte van verweerster wordt het volgende bepaald: "(...) De vennootschap heeft tot doel: voor het beheer van een onroerend vermogen in te staan, alsmede voor alle handelingen die rechtstreeks of onrechtstreeks met het doel in verband staan en die van aard zijn de opbrengst van haar onroerende goederen te bevorderen zoals het onderhoud, de ontwikkeling , de verfraaiing en de verhuring van deze goederen, alsmede zich borg te stellen voor het goede verloop van verrichtingen door derde personen aangegaan, die het genot hebben van deze onroerende goederen, alsook alle verrichtingen van onroerende, roerende of financiële aard die rechtstreeks of onrechtstreeks met het doel verwant of verknocht zijn of de verwezenlijking ervan kunnen bevorderen. Zij mag deelnemen in andere ondernemingen en vennootschappen, zowel burgerlijke als handelsvennootschappen. Dit alles voor eigen rekening of voor rekening van derden. (...)" Het doel is in casu een burgerlijk doel, en geen handelsrechtelijk doel. De vennootschap houdt zich volgens haar statutair doel immers enkel bezig met het beheer van onroerend goed. Na het Cassatie-arrest dd. 4/10/01 (Cass. 4 oktober 2001, R.W. 2001-2002, 992) wordt gesteld dat zowel een doelwijziging als een toerekening van doeloverschrijdende handelingen een vennootschap met een geschreven burgerlijk doel in de zin van art. 1 W.KH. handelaar kunnen maken (Vananroye, J., Het geschreven statutair doel, de feitelijke activiteit en het handelaarschap van een vennootschap, R.W. 2001-2002, p. 983 - 988). Van een doelwijziging is in casu geen sprake. Verder stelt eiseres dat het in de statuten vermelde doel van verweerster niet haar werkelijke doel is, omdat verweerster zich in werkelijkheid bezighoudt met kopen, verkopen, bouwen en verbouwen van onroerend goed ter verrijking van haar gedelegeerd bestuurder, terwijl een "echte" patrimoniumvennootschap enkel tot doel heeft het niet commercieel beheren van het onroerend patrimonium, zodat verkoop enkel kan indien ze gebeurt voor een nieuwe investering. Zoals eiseres zelf stelt, kan de verkoop van een onroerend goed inderdaad dienen tot herinvestering. Het feit dat er winst wordt nagestreefd, is niet relevant aangezien dit inherent is aan elke vennootschapsvorm (met uitzondering van de vennootschap met een sociaal oogmerk). Uit het feit dat verweerster gedagvaard werd door de RSZ (over meer info beschikt de rechtbank niet) of verlies maakte in het verleden kan evenmin iets worden afgeleid. Eiseres toont niet aan dat verweerster zich bezighoudt - in tegenstelling tot haar statutair doel - met het commercieel beheer van haar patrimonium. Huidige rechtbank is derhalve niet bevoegd. De zaak wordt - zoals gevorderd door verweerster - verwezen naar de rechtbank van eerste aanleg te Kortrijk. OM DEZE REDENEN, DE RECHTBANK, Beslissend op tegenspraak, Gelet op de artikelen 2 en volgende van de Wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken. Verklaart zich onbevoegd. Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Kortrijk. Verklaart onderhavig vonnis uitvoerbaar bij voorraad, spijts elk verhaal en zonder borgstelling. Aldus het vonnis uitgesproken in het gerechtsgebouw II te Kortrijk in openbare terechtzitting van maandag, vijfentwintig juni tweeduizend en zeven. Aanwezig: B. De Fleur, toegevoegd rechter ; J. Renard en F. Veranneman, rechters in handelszaken ; V. Soreyn, adjunct-griffier. V. Soreyn F. Veranneman J. Renard B. De Fleur Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.