← België

ECLI:BE:ORGNT:2025:JUG.20251013.1

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Ondernemingsrechtbank Gent Vonnis/arrest van 13 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:ORGNT:2025:JUG.20251013.1 Rolnummer: O/25/01012 Rechtsgebied: Insolventierecht Invoerdatum: 2025-10-15 Raadplegingen: 718 - laatst gezien 2026-06-19 04:19 Fiche 1 Uit artikel XX.14 WER kan enkel afgeleid worden dat voortaan het openen van een insolventieprocedure ten aanzien van een onderneming waarvan de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn, niet noodzakelijk de opening van eenzelfde insolventieprocedure ten aanzien van de onbeperkt aansprakelijke vennoten inhoudt. Enkel “het automatisme” tot faillietverklaring van de onbeperkt aansprakelijke vennoten, met verwijzing naar het cassatie-arrest van 19 december 2008, werd door de wetgever verlaten. UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE Vrije woorden: Faillissement onbeperkt aansprakelijke vennoten Wettelijke bepalingen: Wetboek van economisch recht - 28-02-2013 - XX.14 - 19 ELI link Pub nr 2013A11134 Fiche 2 Uit de aard van de vennootschap, dienen de beherende vennoten van een commanditaire vennootschap ook als ondernemingen worden aangemerkt. Dat het faillissement van de vennootschap zich meer dan 6 maanden voor de aangifte van staking van betaling door de beherende vennoot situeert, verhindert niet dat de beherende vennoot kan failliet verklaard worden om loutere reden van het vennoot zijn van de commanditaire vennootschap UTU-thesaurus: HANDELS-, ECONOMISCH EN FINANCIEEL RECHT - INSOLVENTIE Vrije woorden: Ondernemingsbegrip beherende vennoot commanditaire vennootschap inzake faillietverklaring Tekst van de beslissing De ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Gent, 2de kamer: In de zaak van: De heer [H.H.], in zijn hoedanigheid van vennoot van CommV [X] failliet verklaard bij vonnis van deze rechtbank van 17 december 2024. I. DE RECHTSPLEGING 1.1. Op 29 september 2025 doet meester [OB], advocaat, […] in zijn hoedanigheid van raadsman van de heer [H.H.], aangifte van het ophouden te betalen. In de gevoegde inlichtingenfiche noteert de heer [H.H.] “Aangifte voor een natuurlijk persoon. De schuldenaar beschikt niet over een Belgisch KBO-nummer”. Bij de aangifte wordt een schrijven van de raadsman van de heer [H.H.] gevoegd waarin wordt gesteld: “Mijn cliënt heeft mij de volmacht gegeven om namens hem […] zijn persoonlijk faillissement aan te vragen als vennoot van de gefailleerde Comm.V. [X.] met KBO ondernemingsnummer [..] , failliet verklaard op 17 december 2024 en waarbij confrater [CD] werd aangesteld als curator. Volgens de rechtspraak kan een ondernemer slechts gedurende een periode van zes maanden na het stopzetten van zijn activiteiten failliet worden verklaard (Cass. 16 november 1990, R.W. 1990-91, 862). Deze beperking richt zich in hoofdzaak tot bestuurders van gefailleerde vennootschappen. Wij menen echter dat dit uitgangspunt niet zonder meer kan worden doorgetrokken naar vennoten van een commanditaire vennootschap. Integendeel, ook na het verstrijken van de termijn van zes maanden blijft een vennoot van een gefailleerde CommV vatbaar voor faillietverklaring […]. Dit sluit aan bij de rechtspraak van het Hof van Cassatie (Cass. 19 december 2008, R.W. 2008-09, 1428). De zes maanden termijn geldt volgens ons enkel voor bestuurders van vennootschappen, maar geldt niet voor vennoten van vennootschappen met onbeperkte aansprakelijkheid omdat hun ondernemerschap rechtstreeks en blijvend voortvloeit uit hun lidmaatschap van de vennootschap. Immers ook na de 6 maanden kunnen vennoten van de gefailleerde vennootschap in hun hoedanigheid van onbeperkt aansprakelijk vennoot worden aangesproken door schuldeisers.” 1.2. De rechtbank ziet deze aangifte en de neergelegde stukken in. De rechtspleging verloopt in overeenstemming met de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken. II. BEOORDELING DOOR DE RECHTBANK 2.1. In overeenstemming met artikel XX.12 WER en artikel 3.1 insolventieverordening (Vo 2015/848) is deze rechtbank bevoegd tot kennisname van de aangifte. Het centrum van de voornaamste belangen is immers gelegen aan de zetel te Gent. 2.2. Krachtens art. XX.99 WER bevindt de schuldenaar die op duurzame wijze heeft opgehouden te betalen en van wie het krediet geschokt is, zich in staat van faillissement. Een schuldenaar in de zin van artikel XX.99 WER wordt gedefinieerd in artikel I.23, 8° WER als “onderneming met uitzondering van iedere publiekrechtelijke rechtspersoon”. Artikel I.1, 1° WER definieert als onderneming, elk van de volgende organisaties: (

  1. a)iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent; (
  2. b)iedere rechtspersoon; (
  3. c)iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid. Een natuurlijke persoon is slechts een onderneming in de zin van deze wetsbepaling voor zover hij een organisatie vormt die bestaat uit een ordening van materiële, financiële of menselijke middelen met het oog op het uitoefenen van een zelfstandige beroepsactiviteit (Cass. 18 maart 2022, C.21.0006.F ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220318.1F.9, Cass. 9 februari 2023, C.22.0264.F ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230209.1F.1, Cass. 23 november 2023, C.23.0023.N ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231123.1N.1). 2.3. De vereiste dat die persoon handelt als “organisatie” impliceert dat die persoon die activiteit gestructureerd en duurzaam uitoefent (zie HvJ 15 december 2016, zaak Nemec, C‑256/15). Een éénmalig handeling of geïsoleerde verrichting volstaat niet. Er moet sprake zijn van een zekere regelmaat en frequentie. Het organiseren van de eigen menselijke middelen – zoals tijd, intellectuele inspanning, inzet – kan volstaan, afhankelijk van de omstandigheden. Het vormen van een organisatie vereist niet dat de natuurlijke persoon beschikt over een georganiseerde middelenstructuur, zoals een eigen bedrijfsruimte, personeel, gereedschap of uitrusting die verband houden met deze beroepsactiviteit (zie HvJ 14 november 2024, zaak Agenciart-Management Artistico Lda t. CT, C-643/23). 2.4. De heer [H.H] is beherend vennoot van een commanditaire vennootschap [X.] met KBO ondernemingsnummer [..] De commanditaire vennootschap is door deze rechtbank failliet werd verklaard bij vonnis van 17 december 2024. [X.] was actief als schoonmaakdienst en nadien als koerierdienst. De aangifte van staking van betaling door de heer [H.H.] dateert van 29 september 2025, zijnde meer dan 9 maanden na de faillietverklaring van de commanditaire vennootschap. De heer [H.H.] legt stukken voor waaruit opeisbare schulden blijken van meer dan 200.000,00 EUR. Er zijn geen middelen om deze schulden te betalen. 2.5. Deze casus raakt de eeuwenoude problematiek van de kwalificatie van de onbeperkt aansprakelijke vennoten. In de vorige eeuw werden betwistingen in rechte voornamelijk gevoerd door onbeperkt aansprakelijke vennoten die niet persoonlijk failliet wilden worden verklaard, terwijl thans kan vastgesteld worden dat de betwistingen hierover voornamelijk worden gevoerd in zaken waarin diezelfde vennoten wel willen failliet verklaard worden. Er kan niet ontkend worden dat ook onder toepassing van boek XX WER er nog steeds geen rechtsvrede over dit onderwerp bestaat, terwijl de faillietverklaring (of de niet-faillietverklaring) de fundamenten raakt van de economische orde. Het handelsverkeer is nochtans gebaat met duidelijkheid en voorspelbaarheid – bij voorkeur op basis van een wettelijke bepaling – omtrent de vraag wie kan failliet worden verklaard en tot wanneer. In casu ligt niet enkel de vraag voor of een onbeperkt aansprakelijke vennoot van een commanditaire vennootschap onder boek XX WER steeds een onderneming betreft of niet. Ook de vraag of een onbeperkt aansprakelijke vennoot failliet verklaard kan worden méér dan 6 maanden na het faillissement van de vennootschap zelf, dient te worden beantwoord. 2.6. Overeenkomstig artikel 4:22 WVV neemt de maatschap waarvan de vennoten overeenkomen dat zij rechtspersoonlijkheid zal genieten, de vorm aan van een vennootschap onder firma of van een commanditaire vennootschap. Zij is een commanditaire vennootschap wanneer zij wordt aangegaan door één of meer vennoten die onbeperkt en hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de verbintenissen van de vennootschap, de gecommanditeerde vennoten genoemd, en nog één of meer vennoten die zich beperken tot inbreng in geld of in natura en die niet deelnemen aan het beheer, de commanditaire vennoten genoemd. Vennoten in een commanditaire vennootschap kunnen op basis van artikel 4:26 WVV niet persoonlijk worden veroordeeld op grond van verbintenissen van de vennootschap zolang deze niet zelf is veroordeeld. Het WVV herneemt de overeenstemmende bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen, waaronder de artikelen 202 en 2025. 2.7. Met betrekking tot de artikelen 202 en 205 Wetboek van Vennootschappen heeft het Hof van Cassatie in een arrest van 22 juni 2018 (C.17.0587.F ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180622.2) gesteld: “Personen die handel drijven onder firma, worden verondersteld ondernemingen te zijn. Zij verkrijgen die hoedanigheid door hun deelname aan de vennootschap. Alle vennoten van een vennootschap onder firma worden als ondernemingen aangemerkt. Bijgevolg moeten de beherende vennoten van een gewone commanditaire vennootschap ook als ondernemingen worden aangemerkt.” In voormelde zaak stelde advocaat-generaal de Koster in zijn advies dat het erop lijkt dat sommige bepalingen van het nieuwe Boek XX van het Wetboek van economisch recht aantonen dat de wetgever de vennoten van een commanditaire vennootschap als ondernemingen beschouwt en dat de wetgever de klassieke leer van het Hof overneemt. Deze verwijzing naar boek XX WER is enigszins opmerkelijk gezien de casus geen betrekking had op insolventie. 2.8. Eerder had het Hof van Cassatie in zijn arrest van 19 december 2008 (C.07.0281.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081219.1) geoordeeld: “Personen die handel drijven onder firma worden geacht koopman te zijn. Zij ontlenen die hoedanigheid aan hun lidmaatschap van de vennootschap. Alle vennoten van een vennootschap onder firma worden als kooplieden aangemerkt. De faillietverklaring van een vennootschap onder firma impliceert dat is vastgesteld dat alle vennoten hebben opgehouden te betalen en dat hun krediet is geschokt. Aldus dienen ook de beherende vennoten van de gewone commanditaire vennootschap als kooplieden te worden aangemerkt en heeft de faillietverklaring van de gewone commanditaire vennootschap het faillissement van de beherende vennoten tot gevolg”. In die zaak stelde advocaat-generaal Van Ingelgem in zijn advies onder meer: “Uit de aard van de vennootschap zelf, waarbij haar persoonlijkheid bijna versmelt en dermate verweven is met deze van de vennoten, volgt volgens uw Hof dat het faillissement van dergelijke vennootschap ook dat van de vennoten tot gevolg heeft, nu deze laatsten door hun hoedanigheid van vennoot, in wiens naam en voor wiens rekening eigenlijk de daden van koophandel gesteld worden, handelaar zijn”. In de zaak die aanleiding heeft gegeven tot voormeld cassatie-arrest van 19 december 2008 betrof het een commanditaire vennootschap die failliet verklaard werd bij vonnis van 28 juni 2001 en waarbij de onbeperkt aansprakelijke vennoot pas failliet werd verklaard bij vonnis van 8 februari 2005, louter omwille van het feit van beherend vennoot te zijn. 2.9. Dat de tijdspanne tussen het faillissement van de vennootschap en het faillissement van de vennoot niet determinerend is, kon al afgeleid worden uit het arrest van het Hof van Cassatie van 2 december 1983 (A.R. 3824): “Overwegende dat alle vennoten van een vennootschap onder firma de hoedanigheid van koopman hebben; dat de faillietverklaring van een vennootschap onder firma de vaststelling inhoudt dat alle vennoten opgehouden hebben te betalen en dat hun krediet geschokt is; […] dat het arrest derhalve niet meer behoefde na te gaan of de eisers koopman waren op de dag dat zij persoonlijk failliet verklaard werden en of ze daden van koophandel verricht hadden in de periode van zes maanden vóór het vonnis dat hen failliet verklaart”. Nog eerder, in zijn arrest van 15 december 1938 had het Hof van Cassatie gesteld dat “krachtens de aard zelf van deze vennootschap, waarvan de persoonlijkheid zich in de praktijk vereenzelvigt met die van de vennoten, de faillietverklaring van een vennootschap onder firma de vaststelling inhoudt van het ophouden van betalingen en van het wankelen van het krediet van alle vennoten” en dat eenmaal de hoedanigheid van vennoot vast staat “het arrest niet langer hoefde te onderzoeken of de verweerder […] op de dag van het vonnis dat hem persoonlijk failliet verklaarde koopman was en of hij gedurende de periode van zes maanden die aan die datum voorafging handelingen van koophandel had verricht” (vrije vertaling, Cass., 15 december 1938, Pas. 1938, I, 383). 2.10. Met de invoering van Boek XX WER heeft de wetgever geen afstand genomen van bovenstaande principes. De rechtbank ziet dan ook geen redenen om van het bovenstaande af te wijken. Uit artikel XX.14 WER kan enkel afgeleid worden dat voortaan het openen van een insolventieprocedure ten aanzien van een onderneming waarvan de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn, niet noodzakelijk de opening van eenzelfde insolventieprocedure ten aanzien van de onbeperkt aansprakelijke vennoten inhoudt. Enkel “het automatisme” tot faillietverklaring van de onbeperkt aansprakelijke vennoten, met verwijzing naar het cassatie-arrest van 19 december 2008, werd door de wetgever verlaten (Parl.St. Kamer, 2016-17, nr. 2407/001, 25). 2.11. Gelet op het bovenstaande stelt de rechtbank vast: - Dat de heer [H.H.] beherend vennoot is van Comm. V. [X] met KBO ondernemingsnummer […] - Dat Comm. V. [X.] werd failliet verklaard op 17 december 2024. - Derhalve, dat de faillissementsvoorwaarden in hoofde van [H.H.] voldaan zijn. Voor zover als nodig stelt de rechtbank nog vast dat Comm. V. [X] tot de datum van haar faillietverklaring, actief was als reinigingsdienst en koerierdienst. 2.12. De beschikbare gegevens laten vermoeden dat het actief van het faillissement ontoereikend zal zijn om de eerste vereffeningskosten te dekken. III. DE BESLISSING De rechtbank: - verklaart de heer De heer [H.H], in staat van faillissement, in zijn hoedanigheid van vennoot van CommV [X], met ondernemingsnummer […], failliet verklaard bij vonnis van deze rechtbank van 17 december 2024. - bepaalt de datum van staking van betaling in overeenstemming met artikel XX.105 WER op heden. - benoemt de heer [SV], rechter in ondernemingszaken in deze rechtbank, tot rechter-commissaris. - stelt Meester [CD] , aan als curator. - zegt dat de schuldeisers van de gefailleerde gehouden zijn aangifte van schuldvordering neer te leggen in het Centraal Register Solvabiliteit van de ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Gent binnen de 30 dagen te rekenen vanaf de datum van dit vonnis. - bepaalt de datum waarop het eerste proces-verbaal van verificatie van schuldvorderingen in het Centraal Register Solvabiliteit moet worden neergelegd op 17 november 2025. - beveelt dat dit vonnis van faillietverklaring binnen de vijf dagen na zijn dagtekening bij uittreksel in overeenstemming met artikel XX.107 WER wordt bekendgemaakt door de curator in het Belgisch Staatsblad. - beveelt in overeenstemming met artikel 666 Gerechtelijk Wetboek de kosteloze rechtspleging en duidt in overeenstemming met artikel 685 Gerechtelijk Wetboek gerechtsdeurwaarder […]. - verwijst de boedel van het faillissement in de gerechtskosten. - zegt in overeenstemming met artikel XX.108 WER dat dit vonnis bij voorraad en op de minuut vanaf de uitspraak uitvoerbaar is. Gewezen door de Tweede Kamer van de Ondernemingsrechtbank van Gent – Afdeling Gent, samengesteld uit: V. Verlaeckt, rechter en voorzitter van de kamer, [PVL] en [PB], rechters in ondernemingszaken, en uitgesproken door de voorzitter van de kamer in buitengewone openbare terechtzitting op 13 oktober 2025 in aanwezigheid van Z. Foré, griffier bij beschikking hoofdgriffier N. Pettens dd. 16 september 2025. Gerelateerde publicatie(
  4. s)citeert: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081219.1 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180622.2 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220318.1F.9 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230209.1F.1 ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231123.1N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.