← België

Arrest 131114 - - 06/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.114 Rolnummer: A. 141715/VII-30700 Zaak: Arrest 131114 - - 06/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-25 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-07-04 06:18 Fiche Arrest nr 131.114 van 6 mei 2004 - Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.114 van 6 mei 2004 in de zaak A. 141.715/VII-30.

  1. In zake : Gerry D'HONDT, die woonplaats kiest bij Advocaat W. DE CUYPER, kantoor houdende te SINT-NIKLAAS, Vijfstraten 57 tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van OOST-VLAANDEREN. ---------------------------------------------------------------------------------------------------- --- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Gerry D'HONDT op 18 september 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 5 juni 2003 waarbij het beroep ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Zottegem van 2 december 2002, waarbij aan de c.v.b.a. ECOPOWER de milieuvergunning wordt geweigerd voor het exploiteren van een windturbine aan de Ballingsweg in Zottegem, gegrond wordt verklaard en de vergunning wordt verleend; Gelet op het arrest nr. 127.083 van 15 januari 2004 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan verzoeker op 23 januari 2004; Gelet op de kennisgeving aan verzoeker, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij verzoeker binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; VII-30.700-1/3 Overwegende dat verzoeker niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van de verzoeker een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer hij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat het arrest nr. 127.083 van 15 januari 2004 de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing heeft verworpen; Overwegende dat verzoeker geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat te zijnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  2. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  3. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoeker. VII-30.700-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes mei tweeduizend en vier, door : Mevr. M.-R. BRACKE, kamervoorzitter, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. M.-R. BRACKE. VII-30.700-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.114 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.127.083 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.