← België

Arrest 131116 - - 06/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.116 Rolnummer: A. 141792/VII-30719 Zaak: Arrest 131116 - - 06/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-25 Raadplegingen: 47 - laatst gezien 2026-07-04 06:18 Fiche Arrest nr 131.116 van 6 mei 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.116 van 6 mei 2004 in de zaak A. 141.792/VII-30.719 In zake : de b.v.b.a. K.D.C., gevestigd te ANTWERPEN, Amerikalei 86 tegen : de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, die woonplaats kiest bij Advocaat M. VAN DIEVOET, kantoor houdende te BRUSSEL, Boomstraat 14, bus

  1. ---------------------------------------------------------------------------------------------------- --- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de b.v.b.a. K.D.C. op 12 september 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van 5 augustus 2003 van de Rijksdienst voor de Sociale Zekerheid met betrekking tot de vraag van de verzoekende partij om volledige ontheffing van aangerekend sancties; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 4 december 2003; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van VII-30.719-1/2 artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes mei tweeduizend en vier, door : de H. R. STEVENS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. R. STEVENS. VII-30.719-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.116 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.