← België

Arrest 131121 - - 06/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.121 Rolnummer: A. 84629/XII-2082 Zaak: Arrest 131121 - - 06/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-21 Raadplegingen: 49 - laatst gezien 2026-07-04 06:18 Fiche Arrest nr 131.121 van 6 mei 2004 - Beslissing : heropening debatten Aanvullend verslag Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.121 van 6 mei 2004 in de zaak A. 84.629/XII-

  1. In zake : de NV PROFESSIONELE INNOVATIE TECHNIEKEN ANTWERPEN (PIT ANTWERPEN), die woonplaats kiest bij advocaat W. Slosse, kantoor houdende te Antwerpen, Amerikalei 73 tegen : de CV DE BRUSSELSE HAARD, die woonplaats kiest bij advocaat K. Ronse, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149 b
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de NV Professionele Innovatie Technieken Antwerpen op 8 juni 1999 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 16 november 1998 van de verwerende partij “waarbij werd beslist dat in verband met de werken voorwerp van de openbare aanbesteding dd. 29.10.1998 voor de 'Gevelrenovatie + Vensterramen van 80 appartementen, Werfkaai te Brussel' enerzijds '[...] de onderneming Imoneuf aangeduid is als aanbesteder van hierboven vermelde werken' en anderzijds de aanbesteding niet aan verzoekster werd toegewezen om onbekende reden doch wellicht om redenen van niet regelmatigheid van de inschrijving”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur J. Stevens; Gelet op de beschikking van 9 oktober 2001 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partij; XII-2082-1\3 Gelet op de beschikking van 5 januari 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 februari 2004; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. Bert, die loco advocaat K. Ronse verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het advies van eerste auditeur J. Stevens; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het verslag van het auditoraat ambtshalve wordt opgeworpen dat de verwerende partij niet kan worden beschouwd als de in artikel 14 van de voormelde wetten bedoelde administratieve overheid, aangezien “in de toepasselijke regeling geen enkele bepaling ontwaard [kan] worden die erop wijst dat verwerende partij, een privaatrechtelijke vennootschap, beslissingen kan nemen die derden kunnen binden, volgens het Hof van Cassatie het determinerend criterium om uit te maken of een privaatrechtelijke vennootschap haar privaat-rechtelijk karakter verliest en een administratieve overheid wordt”; Overwegende dat de Raad van State in zijn arrest nr. 131.120 van 6 mei 2004, gewezen tussen dezelfde partijen als deze in het huidig geding, de voormelde exceptie heeft verworpen; dat omwille van de in dat arrest uitgedrukte redenen eveneens te dezen de exceptie wordt verworpen; dat de verwerende partij, toen zij de bestreden beslissingen nam, moet worden aangemerkt als de in artikel 14 van de op 12 januari 1973 gecoördineerde wetten op de Raad van State bedoelde administratieve overheid waarvan de, binnen haar opdracht van algemeen belang genomen eenzijdige beslissingen, zoals de bestredene, op ontvankelijke wijze aan de annulatiebevoegdheid van de Raad van State kunnen worden onderworpen; dat de Raad van State dienvolgens van de vordering tot nietigverklaring van die beslissingen kennis mag nemen, XII-2082-2\3 BESLUIT: Artikel
  3. De debatten worden heropend. Artikel
  4. Het door de auditeur-generaal aan te stellen lid van het auditoraat wordt belast met een aanvullend onderzoek. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes mei 2004, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-2082-3\3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.121 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.218 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.