← België

Arrest 131155 - - 06/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.155 Rolnummer: A. 141117/VII-31708 Zaak: Arrest 131155 - - 06/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-14 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-07-04 06:19 Fiche Arrest nr 131.155 van 6 mei 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.155 van 6 mei 2004 in de zaak A. 141.117/VII-31.708 In zake : XXX, wonende te A., L.straat 31 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken. ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------- - - DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX, van XXX nationaliteit, op 22 augustus 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de Minister van Binnenlandse Zaken van 24 juli 2003, houdende het bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten; Gelet op de beschikking van 10 september 2003 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op artikel 22 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 houdende bijzondere procedureregeling inzake geschillen over beslissingen betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 6 januari 2004; Gezien de brief van de hoofdgriffier van 16 februari 2004, waarbij de verzoekende partij in kennis wordt gesteld van de mogelijkheid om gehoord te worden; Gezien de brief van de verzoekende partij van 23 februari 2004, waarin zij vraagt om gehoord te worden; Gelet op de beschikking van 10 maart 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 april 2004; Gehoord het verslag van Kamervoorzitter M.-R. BRACKE; VII-31.708-1/3 Gehoord de opmerkingen van Advocaat J. NEUTS, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van Advocaat C. DECORDIER, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur M. STERCK; Gelet op artikel 21, tweede lid, en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij, de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van boveng- enoemd artikel 21, tweede lid; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in artikel 21 van voornoemd koninklijk besluit, geen memorie van wederant- woord aan de griffie heeft toegestuurd; dat de verzoekende partij ter terechtzitting aanvoert dat zij zich op het ogenblik van het toesturen van de memorie van antwoord in een gesloten centrum bevond en er daardoor geen kennis van kon nemen; dat de memorie van antwoord werd verstuurd naar het adres waar verzoeker keuze van woonplaats heeft gedaan; dat op de verzoekende partij de plicht rust iedere adreswijziging mee te delen aan de Raad van State; dat geenszins uit de stukken van het dossier blijkt dat de verzoekende partij een adreswijzi- ging naar het gesloten centrum van V. heeft meegedeeld; dat een verblijf in een gesloten centrum niet als overmacht kan worden aangemerkt aangezien hieruit niet voortvloeit dat verzoeker niet bij machte was deze adreswijziging te melden of woonplaatskeuze te doen bij zijn raadsman; dat de door de verzoekende partij aangevoerde argumenten dan ook geenszins het niet indienen van een memorie van wederantwoord rechtvaardigen; dat krachtens voormeld artikel 21, tweede lid, dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen ontbreekt, BESLUIT: Artikel 1. Het beroep wordt verworpen. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. VII-31.708-2/3 Aldus te Brussel, uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes mei tweeduizend en vier, door : Mevr. M.-R. BRACKE, kamervoorzitter, de H. C. VERHAERT, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. M.-R. BRACKE. VII-31.708-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.155 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.