← België

Arrest 131380 - - 13/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.380 Rolnummer: A. 107490/X-10435 Zaak: Arrest 131380 - - 13/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-06-04 Raadplegingen: 49 - laatst gezien 2026-07-04 06:25 Fiche Arrest nr 131.380 van 13 mei 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 131.380 van 13 mei 2004 in de zaak A. 107.490/X-10.

  1. In zake : Leonardus SCHROER, die woonplaats kiest bij Advocaat D. ERREYGERS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 33 tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Leonardus SCHROER op 16 juli 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 2 februari 2001 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen houdende verwerping van zijn beroep ingesteld tegen het besluit van 4 april 2000 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Wuustwezel waarbij hem de regularisatievergunning wordt geweigerd voor een bestaande woning op een perceel gelegen te Wuustwezel, Huisheuvelstraat 54, kadastraal bekend Sectie C, nr. 250 k; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur A. VAN MINGEROET; Gelet op de beschikking van 17 december 2002 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 17 december 2003 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 5 maart 2004; X-10.435-1/4 Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; Gehoord de opmerkingen van Advocaat R. TIJS die, loco Advocaat D. ERREYGERS verschijnt voor verzoeker, en van Advocaat T. BIENSTMAN, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Eerste Auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoeker op 28 augustus 1998 de vergunning aanvraagt voor de "regularisatie van de bestaande woning"; dat het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Wuustwezel op 4 april 2000 de regularisatievergunning weigert; dat verzoeker op 10 mei 2000 beroep instelt tegen deze weigeringsbeslissing bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen; dat de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen op 2 februari 2001 beslist het beroep niet in te willigen; dat dit de thans bestreden beslissing is; dat niet wordt betwist dat het in artikel 158, § 2, tweede lid, van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening (hierna : D.R.O.) bedoelde certificaat niet werd opgesteld; Overwegende dat verzoeker in zijn laatste memorie stelt dat zijn belang gelegen is "in het doen vaststellen van de onwettigheid van de beslissing, zodat de overheid, rekening houdend met de door de Raad van State vastgestelde onwettigheid, een nieuwe beslissing kan nemen, welke niet aangetast is door onwettigheid en die dan overeenkomstig de nieuwe wetgeving ter zake, waarbij het certificaat niet meer is vereist, mogelijk kan leiden tot het verlenen van de vergunning"; Overwegende dat de bestreden beslissing de weigering van een regularisatievergunning betreft; dat krachtens artikel 159, eerste lid, D.R.O. zoals het van toepassing was op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietig- verklaring, een regularisatievergunning slechts kon worden verleend na het opstellen van het certificaat bedoeld in artikel 158, § 2, D.R.O.; dat niet blijkt dat op dat ogenblik aan de door voornoemd artikel 159, eerste lid, D.R.O. opgelegde voorwaarde was voldaan; dat de bevoegde vergunningverlenende overheid dan ook X-10.435-2/4 de gevraagde regularisatievergunning moest weigeren omdat de alsdan geldende dwingende bepaling van artikel 159, eerste lid, tweede zin, D.R.O. zich ertegen verzette dat de regularisatievergunning werd verleend zo het vereiste certificaat niet voorlag; dat verzoeker derhalve op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietigverklaring geen belang had bij de vernietiging van de bestreden beslissing; dat, aangezien een verzoeker reeds moet doen blijken van het rechtens vereiste belang op het ogenblik van het instellen van het beroep, de omstandigheid dat de aangehaalde regelgeving op het ogenblik van het sluiten der debatten was vervangen, derwijze dat het voorleggen van een certificaat niet langer is vereist voor het verkrijgen van een regularisatievergunning, niet tot gevolg heeft dat verzoeker hierdoor het vereiste belang bij het beroep verwerft; dat de hiervoor hernomen argumentatie van verzoeker in zijn laatste memorie hieraan niets afdoet; dat immers de mogelijkheid dat door de nietigverklaring een situatie ontstaat die voor verzoeker kan leiden tot een beter resultaat, betrekking heeft op de gevolgen eigen aan elk vernietigingsarrest, maar niet inhoudt dat verzoeker, door het betrachten van dit gevolg, een belang heeft of verwerft bij het beroep; dat ambtshalve wordt vastgesteld dat verzoeker niet het vereiste belang heeft bij het beroep; dat het beroep niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-10.435-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien mei 2004, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, G. DEBERSAQUES, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. J. BOVIN. X-10.435-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.380 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.