id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.384 Rolnummer: A. 147663/XII-4054 Zaak: Arrest 131384 - - 13/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-21 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-07-04 06:25 Fiche Arrest nr 131.384 van 13 mei 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.384 van 13 mei 2004 in de zaak A. 147.663/XII-
- In zake : Marc TAYMANS, die woonplaats kiest bij advocaat E. Boydens, kantoor houdende te Hoeilaart, K. Coppenstraat 13 tegen : de STAD LEUVEN, die woonplaats kiest bij advocaat B. Beelen, kantoor houdende te Leuven, Justus Lipsiusstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marc Taymans op 16 februari 2004 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van “de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Leuven van 18.12.2003 waarbij aan de houders van een standplaats, opgenomen in de door Uw Raad bij arrest nr. 123.938 van 7.10.2003 (A.137.820/XII-3885) geschorste vergunningsvoorwaarden betreffende de standplaatsen op de openbare weg voor de verkoop van eetwaren bestemd voor onmiddellijke consumptie voor de periode van 1.8.2003 tot en met 31.7.2009 zoals goedgekeurd door de beslissing van de gemeenteraad van de stad Leuven van 20.1.2003, een precaire toelating werd verleend voor het innemen van het openbaar domein en het uitbaten van hun frituur voor een periode vanaf 1.1.2004 tot en met 31.12.2004, eventueel verlengbaar”, zulks onder verbeurte van een dwangsom van i 2.500 “voor iedere dag dat Marc Taymans met schending van het uit te spreken arrest geen toelating verleend wordt om de standplaats op het Herbert Hooverplein uit te baten”; XII-4054-1/4 Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. De Somere; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 5 april 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 april 2004; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat D. Van Valckenborgh, die loco advocaat E. Boydens verschijnt voor verzoeker, en van advocaat J. Vanstipelen, die loco advocaat B. Beelen verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur H. Colin; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de gemeenteraad van Leuven op 20 januari 2003 de vergunningsvoorwaarden betreffende de standplaatsen op de openbare weg voor de verkoop van eetwaren bestemd voor onmiddellijke consumptie voor de periode 1 augustus 2003 - 31 juli 2009 goedkeurt; dat de voorwaarden onder meer de ligging van de zeven in vergunning te geven standplaatsen bepalen; dat zij niet meer voorzien in de standplaats op het Herbert Hooverplein die tot en met 31 juli 2003 aan verzoeker was toegewezen; dat, na een openbare aanbesteding, het college van burgemeester en schepenen op 24 juli 2003 de zeven standplaatsen toewijst voor de periode van 1 augustus 2003 tot en met 31 juli 2009; XII-4054-2/4 Overwegende dat de afschaffing van de standplaats op het Herbert Hooverplein volgens het arrest van de Raad van State nr. 123.938 van 7 oktober 2003 op het eerste gezicht niet genoegzaam verantwoord is, reden waarom de schorsing van de gemeenteraadsbeslissing van 20 januari 2003 wordt bevolen; dat de stedelijke dienst middenstand op 15 december 2003 het voorstel van de raadsman van de stad bijtreedt om de “standhouders opnieuw een rechtsgrond te verlenen voor het innemen van het openbaar domein en het uitbaten van hun frituur”; dat op 18 december 2003 het college van burgemeester en schepenen besluit aan de begunstigden van zijn beslissing van 24 juli 2003 een precaire toelating voor het jaar 2004 te verlenen; Overwegende dat een schorsing slechts voor de toekomst geldt; dat bijgevolg de gevraagde schorsing van de vergunningsvoorwaarden geen afbreuk zou doen aan de tenuitvoerlegging die er vóórdien, met name door het college van burgemeester en schepenen in de toewijzingsbeslissing van 24 juli 2003, aan gegeven is; dat deze toewijzingsbeslissing, die verzoeker immers niet bestreden heeft, evenmin anderszins in het gedrang riskeert te komen en dan ook verder uitvoering kan blijven genieten; dat in die omstandigheden het bestreden besluit tot het geven van precaire toelatingen rechtens overbodig lijkt; dat de schorsing ervan de verzoeker geen bijzondere baat zou bijbrengen; dat in elk geval om die reden verzoeker belang bij de besproken vordering moet worden ontzegd, desnoods ambtshalve, BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. XII-4054-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien mei 2004, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4054-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.384 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.135.711 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.