← België

Arrest 131526 - - 18/05/2004

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.526 Rolnummer: A. 148404/XII-4073 Zaak: Arrest 131526 - - 18/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-05-28 Raadplegingen: 47 - laatst gezien 2026-07-04 06:30 Fiche Arrest nr 131.526 van 18 mei 2004 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.526 van 18 mei 2004 in de zaak A. 148.404/XII-

  1. In zake : Koen DEBEYS, die woonplaats kiest bij advocaat A. Lindemans, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 523 tegen : de GEMEENTE BREDENE, die woonplaats kiest bij advocaat K. Vanlerberghe, kantoor houdende te Diksmuide, IJzerlaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Koen Debeys op 3 maart 2004 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing van 15 december 2003 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Bredene waarbij de overheidsopdracht voor de levering van 410.000 grijze restafval- zakken, 200.000 anders gekleurde bedrijfsafvalzakken, 80.000 witte restafvalzakken en 30.000 kleine grijze restafvalzakken wordt toegewezen aan de NV Sp Metal Belgium; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoekende partij de vernietiging vordert van dezelfde beslissing; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door auditeur L. Vermeire; XII-4073-1/4 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 2 april 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 27 april 2004; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat A. Lindemans, die verschijnt voor verzoeker, en van advocaat S. Falepin, die loco advocaat K. Vanlerberghe verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur L. Vermeire; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; Overwegende, wat de tweede voorwaarde betreft, dat de verzoekende partij betoogt dat het haar niet toewijzen van de in het geding zijnde opdracht “van aanzienlijke omvang” een “enorme financiële aderlating” betekent en haar bedreigt in haar verder bestaan; dat zij klaarblijkelijk door de voorliggende procedure beoogt een nieuwe kans te scheppen om zelf de opdracht alsnog toegewezen te krijgen; XII-4073-2/4 Overwegende dat de gevraagde schorsing in het voorliggende geschil een beslissing betreft die betrekking heeft op een overheidsopdracht waarom- trent de overeenkomst reeds tot stand is gekomen; dat zulks door geen van de partijen wordt betwist en blijkt uit een brief van 24 december 2003 uitgaande van de verwerende partij; dat in die brief kennis wordt gegeven aan de NV SP Metal Belgium dat haar de opdracht is toegewezen; dat de gevraagde schorsing van de tenuitvoerleg- ging van de bestreden beslissing niet de schorsing zou meebrengen van de tot stand gekomen overeenkomst aangezien het tot de uitsluitende bevoegdheid van de gewone rechtbanken behoort om de uitvoering van een overeenkomst te schorsen; Overwegende dat bijgevolg het nadeel waardoor de verzoekende partij aanvoert te zijn bedreigd, niet kan worden tenietgedaan of vermeden door een schorsingsarrest van de Raad van State aangezien zelfs bij een dergelijke schorsing het bestaan van de voormelde overeenkomst blijft verhinderen dat het de verzoekende partij is die de betrokken opdracht uitvoert; Overwegende dat aan de tweede van de door het voormelde artikel 17 gestelde voorwaarden niet is voldaan; dat die vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing te verwerpen, BESLUIT: Artikel
  3. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  4. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. XII-4073-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien mei 2004, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4073-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.526 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.138.197 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.