id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 mei 2004 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.828 Rolnummer: A. 85269/XII-2128 Zaak: Arrest 131828 - - 27/05/2004 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2004-06-08 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-07-04 07:00 Fiche Arrest nr 131.828 van 27 mei 2004 - Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 131.828 van 27 mei 2004 in de zaak A. 85.269/XII-
- In zake : de BVBA ADVANCED COMMUNICATION STRATEGIES & AUDITING (ACS&A), met maatschappelijke zetel te Antwerpen, Stierstraat 32 tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de BVBA Advanced Communication Strategies & Auditing (ACS&A) op 6 juli 1999 heeft ingediend om de nietigverkla- ring te vorderen van “de beslissing genomen door het Ministerie van Binnenlandse Zaken [...] inzake : het lastenboek nr. ARP/F1/99/2 'deskundigheidsbevordering 2000 en 2001', voor de burgemeesters en gemeentelijke mandatarissen waarbij de offerte van verzoekende partij [...] tweede werd geklasseerd na Politeia nv”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur J. Stevens; Gelet op de beschikking van 9 september 2003 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 5 januari 2004 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 februari 2004; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; XII-2128-1/6 Gehoord de opmerkingen van zaakvoerder G. Hertecant, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van adjunct-adviseur F. Verduyn, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur J. Stevens; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Over de gegevens van de zaak. Overwegende dat de gegevens van de zaak kunnen worden samengevat als volgt : De verwerende partij schrijft een algemene offerteaanvraag uit voor de voormelde opdracht. Deze opdracht wordt bekendgemaakt in het Bulletin der Aanbestedingen van 19 maart
- De gunningscriteria zijn volgens het bestek : “
- de voorgestelde prijzen (40 %)
- de inhoud en de kwaliteit van het door de inschrijver voorgestelde vormingsprogramma (30 %)
- de kwaliteit van de te verrichten publicaties (30 %)”. Drie offertes worden ingediend, waaronder die van de verzoekende partij. Een evaluatieverslag van de ingediende offertes wordt opgesteld door de behandelende ambtenaar. Volgens dat verslag komt voor het eerste en tweede criterium de NV Politeia telkens op de eerste plaats en de verzoekende partij op de tweede. Voor het derde criterium is de score gelijk voor de drie inschrijvers : in de totaal- rangschikking komt de NV Politeia dus op de eerste plaats. Voorgesteld wordt de opdracht toe te wijzen aan deze laatste. De bevoegde minister beslist op 23 april 1999 de opdracht toe te wijzen aan de NV Politeia. XII-2128-2/6 Met een brief van 7 mei 1999 wordt aan de verzoekende partij medegedeeld dat haar offerte niet werd “weerhouden”. Bij brief van 3 juni 1999 zendt de verwerende partij aan de verzoekende partij een kopie van het evaluatieverslag;
- Over het voorwerp van het geding. Overwegende dat de verzoekende partij formeel enkel de nietigverklaring vordert van de beslissing waarbij haar offerte “tweede werd geklasseerd na Politeia NV”; dat in het auditoraatsverslag het voorwerp van het beroep wordt opgevat als de beslissing “tot toewijzing van de opdracht aan de NV Politeia”; dat de verzoekende partij daar op geen enkel ogenblik tegen reageert; dat er dienvolgens reden is om de toewijzingsbeslissing van 23 april 1999 als het voorwerp van het beroep aan te merken;
- Over de gegrondheid van het beroep. Overwegende dat de verzoekende partij in een tweede middel de schending van het gelijkheidsbeginsel inroept; dat zij meer bepaald betoogt dat in het proces-verbaal van evaluatie van de inschrijvingen -op bladzijde 3 in het deel over de NV Politeia- te lezen is dat “specialisten van Steden en Gemeenten de infolijn zullen bezet houden tijdens de kantooruren”, dat dit “functionarissen [zijn] die reeds betaald worden met overheidsgeld”, dat een en ander immers blijkt uit de vergelijking van de aangeboden prijs per sessie namelijk +/- 40.000 frank voor de NV Politeia en +/- 95.000 frank voor de andere inschrijvers; Overwegende dat de verwerende partij tegenwerpt dat het feit dat de inschrijver NV Uitgeverij Politeia een beroep zou doen op specialisten van de Vereniging van steden en gemeenten om een infolijn bezet te houden “niet tegen de verwerende partij [kan] worden uitgespeeld”, dat het iedere inschrijver immers “vrij staat om voor de realisatie van de verschillende gedeelten van zijn offerte de prijsgunstigste manier te gebruiken”, dat de verzoekende partij niet verduidelijkt op welke wijze het gelijkheidsbeginsel zou geschonden zijn door die werkwijze en het middel dienvolgens niet ontvankelijk is; dat zij voorts betoogt dat het middel ongegrond is omdat, indien de verzoekende partij zou suggereren dat verweerder het inschrijvingsbedrag van de NV Politeia had moeten verhogen met een fictief bedrag, XII-2128-3/6 deze stelling in strijd is met de vaste rechtspraak van de Raad van State over de vergelijkbaarheid tussen offertes van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke ondernemingen en dat de verzoekende partij volgens haar offerte trouwens zelf ook een beroep doet op deskundigen, waarvan de meeste werkzaam zijn binnen de overheid; Overwegende dat de verzoekende partij in haar memorie van wederantwoord repliceert dat één inschrijver, de NV Politeia, “een beroep doet op functionarissen uit de sector waardoor er een onevenwicht is tussen haar offerte en de overige offertes”; dat zij, onder verwijzing naar het administratief dossier, vaststelt dat volgens die offerte Stefan Meylaers voor de vorming verantwoordelijk zal zijn als stafmedewerker politie en afdelingshoofd Gemeenten, terwijl dezelfde persoon in het toepasselijke bestek ARP/F1/99/2 op de eerste bladzijde wordt vermeld als degene bij wie de inschrijvers bijkomende inlichtingen konden vragen over het bestek zodat deze “rechter en partij” is bij de opdracht en aldus het gelijkheidsbeginsel is geschonden; Overwegende dat de verwerende partij in haar laatste memorie daaromtrent nog opmerkt, dat “ten tijde van de gunning van de opdracht, de heer Meylaers inderdaad vanuit de VVSG gedetacheerd was naar het kabinet van de heer Minister van Binnenlandse Zaken”, dat hij er belast was met de opvolging van de dossiers met betrekking tot de lokale politie en door de minister was aangetrokken omwille van zijn grote expertise met betrekking tot de lokale politieorganisatie, dat de beslissing om ten behoeve van de burgemeesters een reeks vormings- en informatie-initiatieven te ontwikkelen met betrekking tot hun gewijzigde opdrachten als gevolg van de politiehervorming, door de minister van Binnenlandse Zaken genomen werd op uitdrukkelijke vraag van het lokale niveau, dat vanuit zijn expertise met het lokale niveau Meylaers door de minister betrokken werd bij het initiatief, dat dit de reden is waarom hij in het bestek vermeld wordt als persoon waarbij de inschrijvers bijkomende inlichtingen kunnen vragen over het bestek, dat hij hierbij uitsluitend optrad als vertegenwoordiger van de minister en niet in de hoedanigheid van medewerker van de Vereniging voor Vlaamse Steden en Gemeenten, dat voor de duur van zijn detachering naar het kabinet van de minister zijn contract met de VVSG werd geschorst; XII-2128-4/6 Overwegende dat in het bestek, op de eerste bladzijde, Stefan Meylaers is vermeld als degene bij wie “bijkomende inlichtingen kunnen ingewonnen worden”; dat in een document dat is gevoegd bij de offerte van de NV Politeia, aan wie de in het geding zijnde opdracht is toegewezen, als “uitvoerder vormingen” onder andere Stefan Meylaers is vermeld, “stafmedewerker politie en afdelingshoofd Gemeenten” van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten; dat niet wordt betwist dat de voormelden een en dezelfde persoon zijn; Overwegende dat aldus de mogelijke geïnteresseerden om deel te nemen aan de betrokken algemene offerteaanvraag, volgens het bestek bijkomende inlichtingen konden vragen aan een persoon die zelf in een offerte als mede- uitvoerder werd aangemeld van de bedoelde opdracht; dat de NV Politeia bijgevolg, precies door haar nauwe band met de bedoelde Stefan Meylaers, beter dan gelijk wie op de hoogte kan zijn geweest van de wijze waarop de vormingsprogramma's het best zouden worden voorgesteld om voor de toewijzing op grond van het bestek in aanmerking te komen; dat door die offerte, waarin de betrokkenheid van Stefan Meylaers de inschrijver NV Politeia een informatievoordeel bood of minstens kon bieden, in aanmerking te nemen en dan nog wel als de voordeligste te kiezen, de bestreden beslissing de gelijkheid tussen de inschrijvers heeft geschonden; dat het middel in zoverre gegrond is, BESLUIT: Artikel
- Vernietigd wordt de beslissing van 23 april 1999 waarbij de minister van Binnenlandse Zaken de opdracht betreffende de deskundigheids- bevordering van burgemeesters en mandatarissen - 2e luik - bestek ARP/F1/99/2 - toewijst aan de NV Politeia. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verwerende partij. XII-2128-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zevenentwintig mei 2004, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-2128-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.131.828 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.